Welke weergave moet ik gebruiken: de indelingsweergave of de ontwerpweergave?

De indelingsweergave en de ontwerpweergave zijn de twee weergaven waarin u het ontwerp van formulieren kunt wijzigen. U kunt in beide weergaven veel van dezelfde ontwerp- en indelingstaken uitvoeren, maar sommige taken zijn gemakkelijker uit te voeren in de ene weergave dan in de andere. In dit artikel worden de overeenkomsten en verschillen tussen de indelingsweergave en ontwerpweergave beschreven. Daarnaast wordt per weergave uitgelegd hoe u een aantal veelvoorkomende ontwerptaken voor formulieren uitvoert.

Opmerking: Hoewel dit artikel is geschreven met formulieren in gedachten, zijn veel van de concepten ook van toepassing op het wijzigen van rapporten.

Wat wilt u doen?

Meer informatie over de indelingsweergave en ontwerpweergave

Een formulier wijzigen in de indelingsweergave

Een formulier wijzigen in de ontwerpweergave

Meer informatie over de indelingsweergave en ontwerpweergave

Indelingsweergave    De indelingsweergave is een meer visueel georiënteerde weergave dan de ontwerpweergave. Als u een formulier bekijkt in de indelingsweergave, bevat elk besturingselement echte gegevens. Hierdoor is dit een zeer handige weergave voor het instellen van de grootte van besturingselementen of het uitvoeren van allerlei andere taken die van invloed zijn op het uiterlijk en de bruikbaarheid van het formulier.

Bepaalde taken kunnen niet worden uitgevoerd in de indelingsweergave. Hiervoor moet u overschakelen naar de ontwerpweergave. In bepaalde gevallen wordt een bericht weergegeven dat u moet overschakelen naar de ontwerpweergave om een bepaalde wijziging aan te brengen.

Ontwerpweergave    Met de ontwerpweergave hebt u een meer gedetailleerde weergave van de structuur van het formulier. U ziet de secties Koptekst, Details en Voettekst voor het formulier. De onderliggende gegevens kunt u niet zien terwijl u het ontwerp wijzigt. Er zijn echter bepaalde taken die u eenvoudiger in de ontwerpweergave kunt uitvoeren dan in de indelingsweergave. Enkele voorbeelden:

  • Andere besturingselementen aan het formulier toevoegen, zoals labels, afbeeldingen, lijnen en rechthoeken.

  • Bronnen van tekstvakbesturingselementen bewerken in de tekstvakken zelf, zonder het eigenschappenvenster te gebruiken.

  • Het formaat van formuliersecties wijzigen, zoals de sectie Formulierkoptekst of Details.

  • Bepaalde formuliereigenschappen wijzigen die niet in de indelingsweergave kunnen worden gewijzigd (zoals Standaardweergave of Formulierweergave toestaan).

Naar boven

Een formulier wijzigen in de indelingsweergave

Nadat u een formulier hebt gemaakt, kunt u eenvoudig het ontwerp verfijnen door te werken in de indelingsweergave. Met de werkelijke formuliergegevens als richtlijn kunt u de besturingselementen opnieuw rangschikken en hun grootte aanpassen. U kunt nieuwe besturingselementen toevoegen aan het formulier en de eigenschappen voor het formulier en de bijbehorende besturingselementen instellen.

Als u wilt overschakelen naar de indelingsweergave, klikt u met de rechtermuisknop op de formuliernaam in het navigatiedeelvenster en klikt u vervolgens op Indelingsweergave Bijschrift 4 .

Het formulier wordt getoond in de indelingsweergave.

Met het eigenschappenvenster kunt u de eigenschappen voor het formulier en de bijbehorende besturingselementen en secties wijzigen. Druk op F4 om het eigenschappenvenster weer te geven.

Met het veldenlijstvenster kunt u velden uit de onderliggende tabel of query toevoegen aan uw formulierontwerp. Gebruik een van de volgende methoden om het veldenlijstvenster weer te geven:

  • Klik op het tabblad Opmaak in de groep Besturingselementen op Bestaande velden toevoegen Bijschrift 4 .

  • Druk op Alt+F8.

U kunt vervolgens velden rechtstreeks vanuit het veldenlijstvenster naar het formulier slepen.

  • Als u één veld wilt toevoegen, dubbelklikt u op het veld of sleept u het vanuit het veldenlijstvenster naar de sectie in het formulier waar het moet worden weergegeven.

  • Als u meerdere velden tegelijk wilt toevoegen, houdt u Ctrl ingedrukt en klikt u op de velden die u wilt toevoegen. Sleep de geselecteerde velden vervolgens naar het formulier.

Naar boven

Een formulier wijzigen in de ontwerpweergave

U kunt ook het ontwerp van uw formulier verfijnen door te werken in de ontwerpweergave. U kunt nieuwe besturingselementen en velden aan het formulier toevoegen door deze toe te voegen aan het ontwerpraster. Via het eigenschappenvenster hebt u toegang tot een groot aantal eigenschappen die u kunt instellen om het formulier aan te passen.

Als u wilt overschakelen naar de ontwerpweergave, klikt u met de rechtermuisknop op de formuliernaam in het navigatiedeelvenster en klikt u vervolgens op Ontwerpweergave Bijschrift 4 .

Het formulier wordt getoond in de ontwerpweergave.

Met het eigenschappenvenster kunt u de eigenschappen voor het formulier en de bijbehorende besturingselementen en secties wijzigen. Druk op F4 om het eigenschappenvenster weer te geven.

Met het veldenlijstvenster kunt u velden uit de onderliggende tabel of query toevoegen aan uw formulierontwerp. Gebruik een van de volgende methoden om het veldenlijstvenster weer te geven:

  • Klik op het tabblad Ontwerp in de groep Hulpmiddelen op Bestaand veld toevoegen. Bijschrift 4

  • Druk op Alt+F8.

U kunt vervolgens velden rechtstreeks vanuit het veldenlijstvenster naar het formulier slepen.

  • Als u één veld wilt toevoegen, dubbelklikt u op het veld of sleept u het vanuit het veldenlijstvenster naar de sectie in het formulier waar het moet worden weergegeven.

  • Als u meerdere velden tegelijk wilt toevoegen, houdt u Ctrl ingedrukt en klikt u op de velden die u wilt toevoegen. Sleep de geselecteerde velden vervolgens naar het formulier.

Naar boven

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×