Tabellen toevoegen

Tabellen maken en gegevenstypen instellen

Uw browser biedt geen ondersteuning voor video. Installeer Microsoft Silverlight, Adobe Flash Player of Internet Explorer 9.

Tabellen vormen de basis van uw database omdat uw gegevens erin worden opgeslagen. Elke tabel bevat informatie over een bepaald onderwerp. Zo kan een tabel Leverancier de namen, e-mailadressen en telefoonnummers van leveranciers bevatten.

Opmerking: Voordat u een tabel gaat maken, is het handig om understand Access database objects (Kennismaken met Access-databaseobjecten) te lezen.

Als u een nieuwe, lege database opent, wordt er automatisch een lege tabel gemaakt. Definieer velden en voeg gegevens toe om de tabel aan te passen.

De naam van een tabel in een bureaubladdatabase wijzigen

Tabel1 is de standaardnaam van de eerste tabel in een nieuwe bureaubladdatabase. Het is handig om de tabel een zinvollere naam te geven.

  1. Selecteer Opslaan Opslaan op de werkbalk Snelle toegang

  2. Voer in het vak Tabelnaam een beschrijvende naam in.

Een tabel toevoegen in een bureaubladdatabase

U kunt desgewenst meer tabellen aan een database toevoegen, ook als u met een sjabloon bent begonnen.

  1. Selecteer op het tabblad Maken de optie Tabel.
    Er wordt een nieuwe tabel toegevoegd met de naam Tabel<#>, waarbij <#> het volgende, ongebruikte volgnummer is.

  2. Geef de tabel een andere naam via de procedure in De naam van een tabel in een bureaubladdatabase wijzigen, zoals eerder in deze module.

Een tabel opslaan

Sla de tabel op voordat u de database sluit, om verlies van gegevens te vermijden. Als u de database wilt sluiten en u uw gegevens niet hebt opgeslagen, wordt u gevraagd of u ze wilt opslaan. U kunt ook Opslaan selecteren.

Een veld toevoegen door gegevens in te voeren

  1. Voer in de gegevensbladweergave gegevens in in de kolom Klikken om toe te voegen van de database.
    Er wordt een nieuw veld gemaakt.

    Schermfragment van id in tabel Leverancier

  2. Geef in de kolomkop het veld een nieuwe naam.

    Schermfragment met tabel Leverancier met twee rijen met id

Het gegevenstype van een veld wijzigen

Als u een veld toevoegt door er gegevens in te typen, wordt het gegevenstype van het veld ingesteld op basis van de inhoud. Bekijk het gegevenstype op het tabblad Velden, onder Gegevenstype.

Schermfragment met gegevenstypeveld

Het gegevenstype wijzigen:

  1. Selecteer het veld.

  2. Open in het tabblad Velden de lijst Gegevenstype en selecteer een gegevenstype.

Een veld toevoegen voor een specifiek gegevenstype

De gegevens worden tijdens het invoeren gevalideerd om ervoor te zorgen dat ze overeenkomen met het gegevenstype van het veld. Als u een specifieke notatie voor een veld nodig hebt, geeft u het gegevenstype ervan op wanneer u dit maakt.

  1. Terwijl de tabel is geopend, selecteert u in de gegevensbladweergave de optie Klikken om toe te voegen en selecteert u vervolgens een gegevenstype.

    Schermfragment met vervolgkeuzelijst Klikken om (gegevenstype) toe te voegen

  2. Geef het veld een beschrijvende naam, bijvoorbeeld Achternaam.

    Schermfragment van veld voor het toevoegen van een beschrijvende naam voor een kolom

Omdat u een gegevenstype hebt opgegeven, worden de gegevens die u in het nieuwe veld invoert, gevalideerd. In een veld met gegevenstype Datum bijvoorbeeld wordt tekst niet geaccepteerd. Als u een gegevenstype opgeeft, verkleint dit tevens de grootte van de database.

Wilt u meer zien?

Gegevenstypen voor Access-apps

Gegevenstypen voor Access-bureaubladdatabases

Training voor Excel

Training voor Outlook

Tabellen zijn meestal de eerste objecten die u aan een database toevoegt, omdat hierin de gegevens worden opgeslagen. Als de tabel wordt gemaakt, identificeren we de primaire sleutel ervan. We krijgen ook informatie over de verschillende gegevenstypen die beschikbaar zijn en zien hoe we het gegevenstype van elk veld kunnen instellen.

Ik zet ons ontwerp voor het gemak hier neer. Als we op het veld Id dubbelklikken, kunnen we het bewerken. We geven het veld de nieuwe naam Klant-id. Op die manier weten we altijd waar de waarden in het veld vandaan komen, de tabel Klanten. Alle tabellen moeten een primaire sleutel hebben. Klant-id is de primaire sleutel voor deze tabel.

Als we hier op Enter drukken, wordt het volgende lege veld geselecteerd en dit menu weergegeven. De meeste van deze items zijn gegevenstypen. Aan elk veld in de database moet een gegevenstype worden toegewezen.

Gegevenstypen zorgen voor een efficiëntere opslag, omdat ze de grootte van de velden reguleren. Als u bijvoorbeeld alleen namen hoeft vast te leggen, hoeft u niet zo'n grote opslagruimte voor die namen te maken. Dat lijkt in dit voorbeeld misschien niet zo belangrijk, maar het wordt wel belangrijk als u veel gegevens hebt.

Gegevenstypen zijn ook handig om fouten te voorkomen. Zo kunt u geen naam invoeren in een veld dat voor datums en tijden is ingesteld.

We kijken even naar de gegevenstypen die u kunt gebruiken. Korte tekst is een tekstveld dat maximaal 256 tekens kan bevatten. Dan zijn er nog Getal, Valuta, Datum en tijd en Ja/Nee.

Een Ja/Nee-veld kan Ja of Nee, Waar of Onwaar, of nul en één bevatten.

Opzoeken en relatie is geen gegevenstype, maar is wel te gebruiken om een lijst met keuzen in dat veld te maken.

Door middel van tekst met opmaak en lange tekst kunt u een gigabyte aan tekst opslaan. Voor bureaubladdatabases wordt tekst met opmaak gebruikt; voor Access-web-apps wordt lange tekst gebruikt. Het belangrijkste verschil is dat u lettertypen en andere opmaak op tekst met opmaak kunt toepassen, bijvoorbeeld vet en cursief.

Met het gegevenstype Bijlage kunt u afbeeldingen en andere bestanden bij een record voegen, net zoals u dat met e-mail gewend bent. Met het gegevenstype Hyperlink kunt u web- en e-mailadressen opslaan. En met het gegevenstype Berekend veld kunt u bijvoorbeeld voor- en achternamen combineren of een korting berekenen.

Deze tabel bevat nog een gegevenstype: AutoNummering. Met dit gegevenstype wordt een volgnummer toegewezen als u een nieuwe record toevoegt. In deze velden kunt u geen waarde wijzigen of verwijderen. Voor veel primaire sleutels wordt dit gegevenstype gebruikt omdat u gewoonlijk primaire sleutels nooit wilt wijzigen.

Als u een tabel maakt in een Access-web-app, gebruikt u het gegevenstype Afbeelding in plaats van Bijlage om afbeeldingen op te slaan en weer te geven.

Laten we voor dit veld Korte tekst selecteren, omdat er namen in worden opgeslagen en 256 tekens voldoende ruimte is. U ziet dat, nadat we het gegevenstype hebben geselecteerd, de kop kan worden bewerkt. We voeren de voornaam in en drukken op de Tab-toets om het volgende lege veld te selecteren. We selecteren opnieuw Korte tekst en typen de achternaam. Met de voor- en achternaam als twee aparte velden wordt het principe van databaseontwerp weerspiegeld, namelijk dat elk veld de kleinst mogelijke gegevenseenheid moet bevatten.

Druk op Ctrl+S om de tabel op te slaan. We geven deze de naam Klanten.

We beschikken nu over een primaire sleutel en velden met korte tekst voor voor- en achternamen. Elk veld bevat de kleinst mogelijke gegevenseenheid en heeft een gegevenstype. We hebben nu wat we voor deze tabel nodig hebben.

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×