Veldcodes: het veld Ref

Opmerking:  We willen u graag zo snel mogelijk de meest recente Help-inhoud in uw eigen taal bieden. Deze pagina is automatisch vertaald en kan grammaticale fouten of onnauwkeurigheden bevatten. Wij hopen dat deze inhoud nuttig voor u is. Kunt u ons onder aan deze pagina laten weten of de informatie nuttig voor u was? Hier is het Engelstalige artikel ter referentie.

Met het veld Ref voegt u tekst of afbeeldingen in die door de opgegeven bladwijzer worden voorgesteld. De bladwijzer moet zijn gedefinieerd in het actief document. Als u tekst of afbeeldingen waaraan een bladwijzer is toegewezen, wilt invoegen vanuit een ander document, gebruikt u het veld IncludePicture of IncludeText. Met de opdracht Kruisverwijzing (tabblad Invoegen, groep Koppelingen) voegt u Ref-velden in om kruisverwijzingen te maken.

In de meeste gevallen kunt u de bladwijzernaam in plaats van het veld Ref gebruiken. Het gebruik van het veld Ref is optioneel, behalve in gevallen waarin een bladwijzernaam overeenkomt met een veldnaam in Microsoft Word. Als de bladwijzer bijvoorbeeld 'Titel' is, wat overeenkomt met de Word-veldnaam Titel, moet u het veld Ref gebruiken in plaats van de bladwijzernaam. Met het veld { REF Title } wordt de tekst ingevoegd die wordt voorgesteld door de bladwijzer 'Title' terwijl met het veld { Title } de inhoud van het vak Titel op het tabblad Samenvatting in het dialoogvenster Eigenschappen invoegt.

Opmerking: Wanneer u tekst invoegt die u kopieert vanaf een andere plaats in hetzelfde document, wordt met de opdracht Plakken speciaal (tabblad Start, groep Klembord opdracht Plakken) een Ref-veld met de bladwijzer INTER_LINKn ingevoegd, waarbij de waarde van n automatisch wordt verhoogd. U mag de bladwijzer INTER_LINKn in een Ref-veld niet bewerken. Houd er daarnaast ook rekening mee dat Ref-velden met INTER_LINKn-bladwijzers in een hoofddocument voor een samenvoegbewerking fouten tijdens de samenvoeging kunnen veroorzaken.

Syntaxis

Wanneer u het veld Ref in een document bekijkt, ziet de syntaxis er als volgt uit:

{ [REF] Bladwijzer [Schakelopties ] }

Opmerking: Met een veldcode wordt aangegeven wat in het veld moet worden weergegeven. Veldresultaten worden in het document weergegeven nadat de veldcode is geëvalueerd. Druk op Alt+F9 om te schakelen tussen het weergeven van de veldcode en de veldcoderesultaten.

Instructies

Bladwijzer

De naam van een bladwijzer. Als de tekst die door de bladwijzer is gemarkeerd, een alineamarkering bevat, gaat de tekst die aan het veld REF voorafgaat uit van de opmaak van de alinea in de bladwijzer.

Schakelopties

\d

Hiermee geeft u de tekens op waarmee volgnummers (zoals hoofdstuknummers) en paginanummers worden gescheiden.

\f

Wordt verhoogd voetnoot of eindnoot aantekeningen getallen die zijn gemarkeerd met de bladwijzer en het bijbehorende notitie of opmerking tekst ingevoegd. Bijvoorbeeld de bladwijzer 'Voetnoot1' Hiermee markeert u de markering van voetnoot 1. Het veld { REF Voetnoot1 \f } ingevoegd na voetnoot 2. Het veldresultaat de voetnootmarkering "3" bevat in de documenttekst en voegt de tekst van de voetnoot 1 in het voetnootvenster.

\h

Hiermee maakt u een hyperlink naar de alinea waaraan een bladwijzer is toegewezen.

\n

Hiermee wordt met het veld het volledige alineanummer weergegeven voor een alinea waarnaar wordt verwezen zonder volgpunten. Er wordt geen informatie over vorige niveaus weergegeven, tenzij de informatie is opgenomen als onderdeel van het huidige niveau.

\p

Hiermee wordt in het veld de plaats ten opzichte van de bronbladwijzer weergegeven met het woord "boven" of "onder".

Als het veld REF in het document vóór de bladwijzer wordt weergegeven, resulteert het in "onder". Als het veld REF na de bladwijzer wordt weergegeven, resulteert dit in "boven". Als het veld REF binnen de bladwijzer wordt weergegeven, wordt een fout geretourneerd.

Deze schakeloptie kan ook worden gebruikt in combinatie met de schakelopties \n, \r en \w. Wanneer u dit doet, wordt "boven" of "onder" toegevoegd aan het einde van het veldresultaat.

\r

Hiermee voegt u het hele alineanummer in van de alinea waaraan een bladwijzer is toegewezen in de relatieve context, of ten opzichte van de plaats in het nummeringsschema, zonder volgpunten.

\t

Hiermee onderdrukt het veld REF niet-scheidingstekentekst of niet-numerieke tekst bij gebruik in combinatie met de schakeloptie \n, \r of \w.

Met deze schakeloptie kunt u bijvoorbeeld verwijzen naar "Sectie 1.01" en wordt alleen "1.01" als resultaat weergegeven.

\w

Hiermee voegt u het alineanummer in van de alinea waaraan een bladwijzer is toegewezen in de volledige context vanuit een willekeurige plaats in het document.

Wanneer u bijvoorbeeld verwijst naar alinea "ii.", retourneert een veld REF met de schakeloptie \w het resultaat "1.a.ii".

Voorbeelden

Het volgende REF-veld wijst het resultaat toe van een ASK-veld dat de gebruiker om de kosten per stuk vraagt. Het ASK-veld vraagt de gebruiker om informatie wanneer het veld wordt bijgewerkt en wijst vervolgens de invoer van de gebruiker toe aan de bladwijzer "unitcost":

{ ASK unitcost "Wat zijn de kosten per stuk?" }

{ REF unitcost }

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagenten.

×