Unieke waarden onder duplicaten tellen

Unieke waarden onder duplicaten tellen

Opmerking:  We willen u graag zo snel mogelijk de meest recente Help-inhoud in uw eigen taal bieden. Deze pagina is automatisch vertaald en kan grammaticale fouten of onnauwkeurigheden bevatten. Wij hopen dat deze inhoud nuttig voor u is. Kunt u ons onder aan deze pagina laten weten of de informatie nuttig voor u was? Hier is het Engelstalige artikel ter referentie.

Stel dat u wilt weten hoeveel unieke waarden er zijn in een bereik dat dubbele waarden bevat. Als een kolom bijvoorbeeld het volgende bevat:

  • de waarden 5, 6, 7 en 6, dan is het resultaat drie unieke waarden : 5 , 6 en 7.

  • De waarden 'Bradley', 'Doyle', 'Doyle' en 'Doyle', dan is het resultaat twee unieke waarden : 'Bradley' en 'Doyle'.

Er zijn verschillende manieren om unieke waarden onder duplicaten te tellen.

Wat wilt u doen?

Het aantal unieke waarden tellen met behulp van een filter

Het aantal unieke waarden tellen met behulp van functies

Het aantal unieke waarden tellen aan de hand van een filter

U kunt het dialoogvenster Geavanceerd filter gebruiken om de unieke waarden uit een kolom met gegevens te extraheren en deze op een nieuwe locatie te plakken. Vervolgens kunt u de functie RIJEN gebruiken om het aantal items in het nieuwe bereik te tellen.

  1. Selecteer het cellenbereik of zorg ervoor dat de actieve cel zich in een tabel bevindt.

    Controleer of het cellenbereik een kolomkop heeft.

  2. Ga naar het tabblad Gegevens en klik in de groep Sorteren en filteren op Geavanceerd.

    Het dialoogvenster Geavanceerd filter wordt weergegeven.

  3. Klik op Kopiëren naar andere locatie.

  4. Geef in het vak Kopiëren naar een celverwijzing op.

    U kunt ook op Dialoogvenster samenvouwen Bijschrift 4 om het dialoogvenster tijdelijk te verbergen, selecteer een cel in het werkblad en druk vervolgens op Dialoogvenster uitvouwen Bijschrift 4 .

  5. Schakel het selectievakje Alleen unieke records in en klik op OK.

    De unieke waarden van het geselecteerde bereik worden gekopieerd naar de nieuwe locatie, te beginnen bij de cel die u hebt opgegeven in het vak Kopiëren naar.

  6. Voer de functie rijen in de lege cel onder de laatste cel in het bereik. Gebruik het bereik met unieke waarden die u zojuist hebt gekopieerd als het argument, met uitzondering van de kolomkop. Als het bereik met unieke waarden B2:B45 is, voert u bijvoorbeeld =ROWS(B2:B45).

Naar boven

Het aantal unieke waarden tellen aan de hand van functies

Gebruik een combinatie van de functies ALS, SOM, INTERVAL, MATCH en LENGTE om deze taak uit te voeren:

  • Wijs met de functie ALS een waarde van 1 toe aan iedere voorwaarde waaraan is voldaan.

  • Voeg het totaal toe met de functie SOM.

  • Tel het aantal unieke waarden met de functie INTERVAL. De functie INTERVAL negeert tekst en nulwaarden. Voor de eerste keer dat een bepaalde waarde voorkomt, retourneert deze functie een getal dat gelijk is aan het aantal exemplaren van deze waarde. Voor elk exemplaar van diezelfde waarde na de eerste retourneert deze functie een nul.

  • Retourneer de positie van een tekstwaarde in een bereik aan de hand van de functie MATCH. Deze geretourneerde waarde wordt vervolgens gebruikt als argument voor de functie INTERVAL, zodat de corresponderende tekstwaarden kunnen worden geëvalueerd.

  • Zoek lege cellen aan de hand van de functie LENGTE. Lege cellen hebben een lengte van 0.

Voorbeeld

Het voorbeeld is mogelijk beter te begrijpen als u het naar een leeg werkblad kopieert.

Een voorbeeld kopiëren

  1. Maak een lege werkmap of een leeg werkblad.

  2. Selecteer het voorbeeld in het Help-onderwerp.

    Opmerking: Selecteer geen rij- of kolomkoppen.

    Een voorbeeld in een Help-onderwerp selecteren

    Een voorbeeld in een Help-onderwerp selecteren

  3. Druk op Ctrl+C.

  4. Selecteer cel A1 van het werkblad en druk op Ctrl+V.

  5. Druk op Ctrl+` (accent grave) als u afwisselend de resultaten en de bijbehorende formules wilt weergeven. U kunt ook naar het tabblad Formules gaan en in de groep Formules controleren op de knop Formules weergeven klikken.

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

A

B

Gegevens

Gegevens

986

Bradley

Doyle

563

67

789

235

Bradley

Doyle

689

789

Doyle

143

56

237

67

235

Formule

Beschrijving (resultaat)

=SOM(ALS(INTERVAL(A2:A10,A2:A10)>0,1))

Hiermee wordt het aantal unieke getalwaarden geteld in de cellen A2:A10, maar lege cellen of tekstwaarden worden niet meegeteld (4)

=SOM(ALS(INTERVAL(MATCH(B2:B10,B2:B10,0),MATCH(B2:B10,B2:B10,0))>0,1))

Hiermee wordt het aantal unieke tekst- en getalwaarden geteld in de cellen B2:B10 (die geen lege cellen mogen bevatten) (7)

=SOM(ALS(INTERVAL(ALS(LENGTE(A2:A10)>0,MATCH(A2:A10,A2:A10,0),""), ALS(LENGTE(A2:A10)>0,MATCH(A2:A10,A2:A10,0),""))>0,1))

Hiermee wordt het aantal unieke tekst- en getalwaarden geteld in de cellen A2:A10 , maar lege cellen of tekstwaarden worden niet meegeteld (6)

Opmerkingen    

  • De formules in dit voorbeeld moeten als matrixformules worden ingevoerd. Selecteer alle cellen met een formule, druk op F2 en vervolgens op Ctrl+Shift+Enter.

  • Als u wilt zien hoe een functie stap voor stap wordt geëvalueerd, selecteert u de cel met de formule en klikt u op het tabblad Formules in de groep Formules controleren op Formule evalueren.

Informatie over functies

  • Met de functie INTERVAL wordt berekend hoe vaak waarden voorkomen in een waardenbereik en wordt een verticale matrix met getallen geretourneerd. U gebruikt INTERVAL bijvoorbeeld om het aantal scores van een test binnen een reeks scores te tellen. Omdat INTERVAL een matrix als resultaat geeft, moet de functie als een matrixformule worden ingevoerd.

  • Met de functie MATCH wordt gezocht naar een opgegeven item in een cellenbereik en wordt vervolgens de relatieve positie van dit item in het bereik geretourneerd. Als het bereik A1:A3 bijvoorbeeld de waarden 5, 25 en 38 bevat, retourneert de formule =MATCH(25,A1:A3,0) het getal 2, omdat 25 het tweede item in het bereik is.

  • De functie lengte geeft als resultaat het aantal tekens in een tekenreeks.

  • Met de functie SOM worden alle getallen toegevoegd die u opgeeft als argumenten. Elk argument kan een bereik, een celverwijzing, een matrix, een constante, een formule of het resultaat van een andere functie zijn. Zo worden met SOM(A1:A5) bijvoorbeeld alle getallen toegevoegd uit de cellen A1 tot en met A5.

  • De functie ALS retourneert een bepaalde waarde als de opgegeven voorwaarde WAAR is, en een andere waarde als deze ONWAAR is.

Naar boven

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×