Office
Aanmelden

Sneltoetsen voor Access

Veel gebruikers merken dat ze met sneltoetsen voor Access-bureaubladdatabases efficiënter kunnen werken. Voor gebruikers met beperkte mobiliteit of beperkt gezichtsvermogen, zijn sneltoetsen een belangrijk alternatief voor het gebruik van de muis.

Notities: 

  • De sneltoetsen in dit onderwerp verwijzen naar de Amerikaanse toetsenbordindeling. Bij andere indelingen komen de toetsen mogelijk niet exact overeen met de toetsen op een Amerikaans toetsenbord.

  • Als voor een sneltoets twee of meer toetsen tegelijk moeten worden ingedrukt, worden de toetsen in dit hoofdstuk gescheiden door een plusteken (+). Als toetsen direct na elkaar moeten worden ingedrukt, worden de toetsen gescheiden door een komma (,).

  • In dit onderwerp wordt ervan uitgegaan dat JAWS-gebruikers de functie voor het virtuele lintmenu hebben uitgeschakeld.

In dit onderwerp

Veelgebruikte sneltoetsen

In deze tabel vindt u een beschrijving van de meest gebruikte sneltoetsen in Access-bureaubladdatabases.

Handeling

Druk op

Het actieve tabblad van het lint selecteren en KeyTips activeren

Alt of F10
(gebruik KeyTips of de pijltoetsen om naar een ander tabblad te gaan)

Het tabblad Start openen

Alt+H

Het vak Uitleg op het lint openen

Alt+Q, gevolgd door de zoekterm Shift+F10

Het snelmenu voor het geselecteerde item weergeven

Shift+F10

De focus verplaatsen naar een ander deelvenster van het venster

F6

Een bestaande database openen

Ctrl+O of Ctrl+F12

Het navigatiedeelvenster weergeven of verbergen

F11

Een eigenschappenvenster weergeven of verbergen

F4

Schakelen tussen de bewerkingsmodus (invoegpositie is zichtbaar) en de navigatiemodus in een gegevensblad- of ontwerpweergave

F2

Vanuit de ontwerpweergave van een formulier overschakelen naar de formulierweergave

F5

Naar het volgende of vorige veld in een gegevensbladweergave gaan

De Tab-toets of Shift+Tab

Naar een specifiek record in een gegevensbladweergave gaan

F5
(typ vervolgens in het recordnummervak het recordnummer en druk op Enter)

Het dialoogvenster Afdrukken openen vanuit Afdrukken (voor gegevensbladen, formulieren en rapporten)

Ctrl+P

Het dialoogvenster Pagina-instelling openen (voor formulieren en rapporten)

S

In- of uitzoomen op een gedeelte van de pagina

Z

Het tabblad Zoeken in het dialoogvenster Zoeken en vervangen openen in de gegevensblad- of formulierweergave

Ctrl+F

Het tabblad Vervangen in het dialoogvenster Zoeken en vervangen openen in de gegevensblad- of formulierweergave

Ctrl+H

Een nieuwe record toevoegen in de gegevensblad- of formulierweergave

Ctrl+plusteken (+)

Het Help-venster openen

F1

Access afsluiten

Alt+F4

Navigeren op het lint met alleen het toetsenbord

Het lint is de strook bovenaan in Access, ingedeeld in tabbladen. Op elk tabblad wordt een ander lint weergegeven. Elk lint bestaat uit groepen en elke groep bevat een of meer opdrachten.

U kunt ook alleen met het toetsenbord op het lint navigeren. KeyTips zijn speciale toetsencombinaties die u kunt gebruiken om snel naar een opdracht op het lint te gaan door op enkele toetsen te drukken, ongeacht waar u zich bevindt in Access. Elke opdracht in Access kan worden opgegeven met een KeyTip.

Opmerking: Met invoegtoepassingen en andere programma's worden mogelijk nieuwe tabbladen aan het lint toegevoegd, eventueel met KeyTips voor deze tabbladen.

Er zijn twee manieren om door de tabbladen op het lint te navigeren:

  • Druk op Alt om naar het lint te gaan en navigeer met de toets Pijl-rechts en de toets Pijl-links tussen de tabbladen.

  • Gebruik een van de volgende KeyTips als u direct naar een tabblad op het lint wilt gaan:

Handeling

Druk op

De pagina Bestand openen

Alt+F

Het tabblad Start openen

Alt+H

Het tabblad Maken openen

Alt+C

Het tabblad Externe gegevens openen

Alt+X of Alt+X,1

Het tabblad Hulpmiddelen voor databases openen

Alt+Y

Het tabblad Velden openen

Alt+J, B

Het tabblad Tabel openen

Alt+J, T

Het tabblad Invoegtoepassingen openen, indien aanwezig

Alt+X, 2

Het vak Uitleg op het lint openen

Alt+Q, gevolgd door de zoekterm

Het toetsenbord gebruiken op linttabbladen

  • Druk op Alt om naar de lijst met tabbladen op het lint te gaan. Druk op de bijbehorende KeyTip om rechtstreeks naar een tabblad te gaan.

  • Druk op de toets Pijl-omlaag om de focus te verplaatsen in de geselecteerde groep.

  • Druk op Ctrl+pijl-rechts en Ctrl+pijl-links om tussen groepen op het lint te navigeren.

  • Druk op Tab of Shift+Tab om tussen opdrachten binnen een groep te schakelen. U verplaatst de focus sequentieel vooruit of achteruit door de opdrachten.

  • U kunt de besturingselementen op verschillende manieren activeren, afhankelijk van het type besturingselement:

    • Als de geselecteerde opdracht een knop is, drukt u op de spatiebalk of op Enter om deze te activeren.

    • Als de geselecteerde opdracht een splitsknop is (een knop waarmee een menu met aanvullende opties wordt geopend), drukt u op Alt + pijl-omlaag om deze te activeren. Druk op Tab om de opties te doorlopen. Druk op de spatiebalk of op Enter als u de huidige optie wilt selecteren.

    • Als de geselecteerde opdracht een lijst is (zoals de lijst met lettertypen), drukt u op de toets Pijl-omlaag om de lijst te openen. Daarna drukt u op de toets Pijl-omhoog of de toets Pijl-omlaag om tussen de items te navigeren.

    • Als de geselecteerde opdracht een galerie is, drukt u op de spatiebalk of op Enter om de opdracht te selecteren. Daarna drukt u op Tab om door de items te navigeren.

Tip: In galerieën met meer dan één rij items wordt de focus met de Tab-toets verplaatst van het begin naar het einde van de huidige rij. Wanneer u het einde van een rij bereikt, wordt de focus verplaatst naar het begin van de volgende rij. Wanneer u aan het einde van de huidige rij op de toets Pijl-rechts drukt, wordt de focus teruggeplaatst naar het begin van de huidige rij.

In de volgende tabel ziet u manieren om de focus te verplaatsen met het toetsenbord:

Handeling

Druk op

Het actieve tabblad van het lint selecteren en KeyTips activeren

Alt of F10
(gebruik KeyTips of de pijltoetsen om naar een ander tabblad te gaan)

De focus verplaatsen naar opdrachten op het lint

De Tab-toets of Shift+Tab

De focus omlaag, omhoog, naar links of naar rechts verplaatsen tussen de items op het lint

Toets Pijl-omlaag, toets Pijl-omhoog, toets Pijl-links of toets Pijl-rechts

Het lint uit- of samenvouwen

Ctrl+F1

Het snelmenu voor het geselecteerde item weergeven

Shift+F10

De focus verplaatsen naar een ander deelvenster van het venster

F6

Naar de volgende of vorige opdracht op het lint gaan

De Tab-toets of Shift+Tab

De geselecteerde opdracht of het geselecteerde besturingselement op het lint activeren

Spatiebalk of Enter

Het geselecteerde menu of de geselecteerde galerie op het lint openen

Spatiebalk of Enter

De geselecteerde lijst op het lint openen, bijvoorbeeld de lijst met lettertypen

Toets Pijl-omlaag

Navigeren tussen de items in een open menu of galerie

Tab-toets

Stoppen met het wijzigen van een waarde in een besturingselement op het lint en de focus terug naar het document verplaatsen

Enter

KeyTips gebruiken

U kunt KeyTips weergeven en deze vervolgens gebruiken om te navigeren op het lint. KeyTips zijn de letters die kunnen worden gebruikt om opdrachten te geven met het toetsenbord.

  1. Druk op Alt. KeyTips worden in kleine vierkantjes bij elke lintopdracht weergegeven.

  2. Als u een opdracht wilt selecteren, drukt u op de letter die als KeyTip bij die opdracht wordt weergegeven.

Afhankelijk van de letter waarop u drukt, worden er mogelijk extra KeyTips weergegeven. Als u bijvoorbeeld op Alt+F drukt, wordt de weergave Backstage geopend op de pagina Info, met weer andere KeyTips. Als u dan weer op Alt drukt, worden er KeyTips voor het navigeren op de huidige pagina weergegeven.

Werken met databasebestanden

Databases openen en opslaan

Handeling

Druk op

Een nieuwe database openen

Ctrl+N

Een bestaande database openen

Ctrl+O of Ctrl+F12

De geselecteerde map of het geselecteerde bestand openen

Enter

De map één niveau boven de geselecteerde map openen

Backspace

De geselecteerde map of het geselecteerde bestand verwijderen

Delete

Een snelmenu weergeven voor een geselecteerd item, zoals een map of bestand

Shift+F10

Naar de volgende optie gaan

Tab

Naar de vorige optie gaan

Shift+Tab

De lijst Zoeken in openen

F4 of Alt+I

Een databaseobject opslaan

Ctrl+S of Shift+F12

Het dialoogvenster Opslaan als openen

F12 of Alt+F+S

Databasegegevens afdrukken

Handeling

Druk op

Het huidige of geselecteerde object afdrukken

Ctrl+P

Vanuit Afdrukvoorbeeld het dialoogvenster Afdrukken openen

P of Ctrl+P

Vanuit Afdrukvoorbeeld het dialoogvenster Pagina-instelling openen

S

Afdrukvoorbeeld of Voorbeeldlay-out annuleren

C of Esc

Vanuit de Backstage teruggaan naar de database

Esc

Navigeren in de Access-werkruimte

De databases van Access worden standaard als documenten met tabbladen weergegeven. Als u wilt overschakelen naar documenten met vensters, selecteert u Opties op het tabblad Bestand. In het dialoogvenster AccessOpties selecteert u Huidige database en onder Opties voor documentvensters selecteert u Overlappende vensters.

Opmerking: U moet de huidige database sluiten en opnieuw openen om de optie van kracht te laten worden.

Handeling

Druk op

Het navigatiedeelvenster weergeven of verbergen

F11

Naar het zoekvak van het navigatiedeelvenster gaan (als het navigatiedeelvenster al de focus heeft)

Ctrl+F

Naar het volgende of vorige deelvenster in de werkruimte gaan

Opmerking: Mogelijk moet u meerdere malen op F6 drukken; als het gewenste taakvenster niet wordt weergegeven wanneer u op F6 drukt, drukt u op Alt om de focus op het lint te verplaatsen en drukt u vervolgens op Ctrl+Tab om naar het taakvenster te gaan.

F6 of Shift+F6

Naar het volgende of vorige databasevenster gaan

Ctrl+F6 of Ctrl+Shift+F6

Het vorige formaat van een geselecteerd geminimaliseerd venster herstellen als alle vensters zijn geminimaliseerd

Enter

De formaatwijzigingsmodus voor het actieve venster inschakelen wanneer het venster niet is gemaximaliseerd

Ctrl+F8
(druk op de pijltoetsen om het formaat van het venster te wijzigen en druk vervolgens op Enter om het nieuwe formaat toe te passen)

Het actieve databasevenster sluiten

Ctrl+W of Ctrl+F4

Schakelen tussen Visual Basic Editor en het vorige actieve venster

Alt+F11

Een geselecteerd venster maximaliseren of het vorige vensterformaat herstellen

Ctrl+F10

Werken met menu's, dialoogvensters, wizards en eigenschappenvensters

Menu's gebruiken

Handeling

Druk op

KeyTips weergeven

Alt of F10

Het menu voor het programmapictogram weergeven (op de titelbalk van het programma), ook wel het systeemmenu genoemd

Alt+spatiebalk

De volgende of vorige opdracht selecteren terwijl het menu of vervolgmenu zichtbaar is

De toets Pijl-omlaag of de toets Pijl-omhoog

Eén menu naar links of rechts gaan, of schakelen tussen het hoofd- en submenu als er een submenu wordt weergegeven

De toets Pijl-links of de toets Pijl-rechts

De eerste of laatste opdracht selecteren in het menu of submenu

Home of End

Het geselecteerde menu openen of de aan de geselecteerde knop toegewezen actie uitvoeren

Spatiebalk of Enter

Een snelmenu openen of een vervolgkeuzemenu openen voor het geselecteerde item in de galerie

Shift+F10

Omhoog of omlaag schuiven in de geselecteerde galerielijst

Page Up of Page Down

Naar de boven- of onderkant van de geselecteerde galerielijst gaan

Ctrl+Home of Ctrl+End

Het weergegeven menu en submenu gelijktijdig sluiten

Alt

Het weergegeven menu sluiten of alleen het submenu sluiten als dit wordt weergegeven

Esc

Werken met dialoogvensters

Handeling

Druk op

Naar het volgende of vorige tabblad in een dialoogvenster gaan

Ctrl+Tab of Ctrl+Shift+Tab

Het vorige tabblad in een dialoogvenster activeren

Ctrl+Shift+Tab

Naar de volgende of vorige optie of het vorige groepsvak gaan

De Tab-toets of Shift+Tab

De focus verplaatsen tussen opties in de geselecteerde vervolgkeuzelijst of tussen opties in een groep met opties

Pijltoetsen

De bewerking uitvoeren die aan de geselecteerde knop is toegewezen; het selectievakje in- of uitschakelen

Spatiebalk

De lijst openen als deze gesloten is en naar een optie in de lijst gaan

Eerste letter van een optie in een vervolgkeuzelijst

De optie selecteren of het selectievakje in- of uitschakelen, met de onderstreepte letter in de optienaam

Alt+lettertoets

De geselecteerde vervolgkeuzelijst openen

Alt+pijl-omlaag

De geselecteerde vervolgkeuzelijst sluiten

Esc

De bewerking uitvoeren die is toegewezen aan de standaardknop in het dialoogvenster

Enter

De opdracht annuleren en het dialoogvenster sluiten

Esc

Wizards gebruiken

Handeling

Druk op

De focus verplaatsen naar het volgende besturingselement in de wizard

Tab-toets

De focus verplaatsen tussen secties (koptekst, hoofdtekst, voettekst) van de wizard

F6

Naar de volgende pagina van de wizard gaan

Alt+N

Naar de vorige pagina van de wizard gaan

Alt+B

De wizard voltooien

Alt+F

Eigenschappenvensters gebruiken

Deze sneltoetsen zijn van toepassing op eigenschappenvensters voor tabellen, query's, formulieren en rapporten in de ontwerpweergave en formulieren en rapporten in de indelingsweergave.

Handeling

Druk op

Het eigenschappenvenster weergeven of verbergen

F4

Een eigenschappenvenster weergeven in de ontwerpweergave

Alt+Enter

De opties in de vervolgkeuzelijst van het geselecteerde besturingselement doorlopen

De toets Pijl-omlaag of de toets Pijl-omhoog

De opties in de vervolgkeuzelijst van het geselecteerde besturingselement per pagina doorlopen

Page Down of Page Up

De focus verplaatsen naar de tabbladen in het eigenschappenvenster van de vervolgkeuzelijst van het geselecteerde besturingselement

Tab-toets

Naar een ander tabblad van het eigenschappenvenster gaan als er een tabblad, maar geen eigenschap is geselecteerd

De toets Pijl-links of de toets Pijl-rechts

Eén eigenschap op een tabblad omlaag gaan wanneer er een eigenschap is geselecteerd

Tab-toets

Eén eigenschap op een tabblad omhoog gaan als er een eigenschap is geselecteerd; of naar het tabblad gaan als u al bovenaan staat

Shift+Tab

Eén tabblad vooruitgaan als er een eigenschap is geselecteerd

Ctrl+Tab

Eén tabblad teruggaan als er een eigenschap is geselecteerd

Ctrl+Shift+Tab

Werken met tekstvakken, keuzelijsten met invoervakken en keuzelijsten

Bewerkingen uitvoeren in een tekstvak

Een invoervak is een leeg vak waarin u gegevens typt of plakt, bijvoorbeeld uw gebruikersnaam of het pad van een map.

Handeling

Druk op

Naar het begin van het item gaan

Home

Naar het einde van het item gaan

End

Eén teken naar links of rechts gaan

De toets Pijl-links of de toets Pijl-rechts

Eén woord naar links of rechts gaan

Ctrl+pijl-links of Ctrl+pijl-rechts

Selecteren vanaf de invoegpositie tot het begin van het tekstitem

Shift+Home

Selecteren vanaf de invoegpositie tot het einde van het tekstitem

Shift+End

De selectie met één teken naar links wijzigen

Shift+pijl-links

De selectie met één teken naar rechts wijzigen

Shift+pijl-rechts

De selectie met één woord naar links wijzigen

Ctrl+Shift+pijl-links

De selectie met één woord naar rechts wijzigen

Ctrl+Shift+pijl-rechts

Een keuzelijst met invoervak of een keuzelijst gebruiken

In een keuzelijst wordt een bereik van onveranderbare waarden of keuzen weergegeven, die automatisch worden getoond. In een keuzelijst met invoervak worden ook waarden of keuzen weergegeven, maar deze worden pas weergegeven als u op een vervolgkeuzepijl klikt. Bij een keuzelijst met invoervak kunt u soms een waarde invoeren die niet in de lijst staat, zoals ook kan bij een tekstvak.

Handeling

Druk op

Een keuzelijst met invoervak openen

F4 of Alt+pijl-omlaag

De inhoud vernieuwen van een Opzoekveld van een keuzelijst of keuzelijst met invoervak

F9

Eén regel omlaag gaan

Toets Pijl-omlaag

Een pagina omlaag gaan

Page Down

Eén regel omhoog gaan

Toets Pijl-omhoog

Een pagina omhoog gaan

Page Up

De keuzelijst of keuzelijst met invoervak verlaten

Tab-toets

Het dialoogvenster Lijstitems bewerken openen

Opmerking: Als u de sneltoets Ctrl+E wilt kunnen gebruiken om het dialoogvenster Lijstitems bewerken te openen, moet u een Office 365-abonnement hebben. Op dit moment is deze sneltoets alleen beschikbaar voor Insiders.

Ctrl+E

Werken met objecten

De lijst Objecten bewerken en erin navigeren

Handeling

Druk op

De naam van een geselecteerd object wijzigen

Opmerking: F2 werkt alleen wanneer het object is gesloten.

F2

Eén regel omlaag gaan

Toets Pijl-omlaag

Eén venster omlaag gaan

Page Down

Naar het laatste object gaan

End

Eén regel omhoog gaan

Toets Pijl-omhoog

Eén venster omhoog gaan

Page Up

Navigeren in objecten en deze openen

Handeling

Druk op

De geselecteerde tabel of query openen in de gegevensbladweergave

Enter

Het geselecteerde formulier of rapport openen

Enter

De geselecteerde macro uitvoeren

Enter

De geselecteerde tabel, query, macro, module of het geselecteerde formulier of rapport openen in de ontwerpweergave

Ctrl+Enter

Het venster Direct in Visual Basic Editor weergeven

Ctrl+G

Werken in een ontwerp-, indelings- of gegevensbladweergave

Handeling

Druk op

Schakelen tussen de bewerkingsmodus (invoegpositie is zichtbaar) en de navigatiemodus in een gegevensblad

F2

Navigatiemodus sluiten en terugkeren naar de bewerkingsmodus in een formulier of rapport

Esc

Overschakelen naar het eigenschappenvenster (weergaven Ontwerp en Indeling in formulieren en rapporten)

F4 of Alt+Enter

Vanuit de ontwerpweergave van een formulier overschakelen naar de formulierweergave

F5

Schakelen tussen het bovenste en onderste gedeelte van een venster (ontwerpweergave van query's, macro's en het venster Geavanceerde filter-/sorteeropties)

F6

Bladeren door het veldraster, het eigenschappenvenster, veldeigenschappen, het navigatiedeelvenster, de werkbalk Snelle toegang en KeyTips op het lint (ontwerpweergave van tabellen)

F6

Het dialoogvenster Opbouwfunctie kiezen openen vanuit een bepaald besturingselement in een formulier of rapport (alleen ontwerpweergave)

F7

Visual Basic Editor openen vanuit een geselecteerde eigenschap in het eigenschappenvenster van een formulier of rapport

F7

Vanuit Visual Basic Editor teruggaan naar de ontwerpweergave van een formulier of rapport

Alt+F11

Naar de volgende weergave in een tabel, query, formulier of rapport gaan

Opmerking: Als er meer weergaven beschikbaar zijn, wordt de focus naar de volgende beschikbare weergave verplaatst door de toetsen nogmaals in te drukken.

Ctrl+pijl-rechts of Ctrl+komma (,)

Naar de vorige weergave in een tabel, query, formulier of rapport gaan

Opmerking: Als er meer weergaven beschikbaar zijn, wordt de focus naar de vorige weergave verplaatst door de toetsen nogmaals in te drukken.

Ctrl+pijl-links of Ctrl+punt (.)

Opmerking: Ctrl+punt (.) werkt niet onder alle omstandigheden met alle objecten.

Werken in een gegevensbladweergave

U kunt een gegevensbladweergave gebruiken wanneer u met tabellen en query's werkt.

Navigeren tussen velden en records

Deze sneltoetsen werken in de navigatiemodus in een gegevensbladweergave.

Handeling

Druk op

Naar het volgende veld gaan

De Tab-toets of de toets Pijl-rechts

Naar het laatste veld van de huidige record gaan

End

Naar het vorige veld gaan

Shift+Tab of de toets Pijl-links

Naar het eerste veld van de huidige record gaan

Home

Naar het huidige veld van de volgende record gaan

Toets Pijl-omlaag

Naar het huidige veld van de laatste record gaan

Ctrl+pijl-omlaag

Naar het laatste veld van de laatste record gaan

Ctrl+End

Naar het huidige veld van de vorige record gaan

Toets Pijl-omhoog

Naar het huidige veld van de eerste record gaan

Ctrl+pijl-omhoog

Naar het eerste veld van de eerste record gaan

Ctrl+Home

Naar een bepaalde record gaan

F5
(typ vervolgens in het recordnummervak het recordnummer en druk op Enter)

Naar een ander scherm met gegevens navigeren

Handeling

Druk op

Eén scherm omhoog gaan

Pagina-omlaag

Eén scherm omlaag

Page Up

Eén scherm naar rechts gaan

Ctrl+Page Down

Eén scherm naar links gaan

Eén scherm naar rechts gaan

Een kolom selecteren en verplaatsen

Handeling

Druk op

De huidige kolom selecteren of de kolomselectie annuleren, alleen in de navigatiemodus

Ctrl+spatiebalk

De selectie aan de rechterzijde een kolom uitbreiden, als de actieve kolom is geselecteerd

Shift+pijl-rechts

De selectie aan de linkerzijde een kolom uitbreiden, als de actieve kolom is geselecteerd

Shift+pijl-links

Verplaatsingsmodus inschakelen

Ctrl+Shift+F8
(druk vervolgens op de toets Pijl-rechts of de toets Pijl-links om de geselecteerde kolommen naar rechts of links te verplaatsen)

Werken met subgegevensbladen

Handeling

Druk op

Het subgegevensblad activeren vanuit het laatste veld van de vorige record op het gegevensblad

Tab-toets

Het subgegevensblad activeren vanuit het eerste veld van de volgende record op het gegevensblad

Shift+Tab

Het subgegevensblad sluiten en naar het eerste veld van de volgende record op het gegevensblad gaan

Ctrl+Tab

Het subgegevensblad sluiten en naar het eerste veld van de vorige record op het gegevensblad gaan

Ctrl+Shift+Tab

Vanuit het laatste veld op het subgegevensblad naar het volgende veld op het gegevensblad gaan

Tab-toets

Vanaf het gegevensblad naar de volgende record op het gegevensblad gaan en het subgegevensblad overslaan

Toets Pijl-omlaag

Vanaf het gegevensblad naar de vorige record op het gegevensblad gaan en het subgegevensblad overslaan

Toets Pijl-omhoog

Naar een specifiek record in een subgegevensblad gaan

Opmerking: Hiermee wordt de focus verplaatst van het subgegevensblad naar het recordnummervak.

Alt+F5
(typ vervolgens in het recordnummervak het recordnummer en druk op Enter)

Vanaf het gegevensblad naar het subgegevensblad van de record gaan

Ctrl+Shift+pijl-omlaag

Het subgegevensblad samenvouwen

Ctrl+Shift+pijl-omhoog

Opmerking: Als u tussen velden en records op een subgegevensblad wilt navigeren, gebruikt u dezelfde sneltoetsen als in de gegevensbladweergave.

Werken in een ontwerpweergave

U werkt in een ontwerpweergave wanneer u tabellen, query's, formulieren, rapporten en macro's ontwerpt.

Navigeren in een ontwerpweergave

Handeling

Druk op

Schakelen tussen de bewerkingsmodus (invoegpositie is zichtbaar) en de navigatiemodus

F2

Het eigenschappenvenster openen of sluiten

F4 of Alt+Enter

Vanuit de ontwerpweergave van een formulier overschakelen naar de formulierweergave

F5

Schakelen tussen het bovenste en onderste gedeelte van een venster (ontwerpweergave van query's, macro's en het venster Geavanceerde filter-/sorteeropties)

Opmerking: Gebruik F6 wanneer u met de Tab-toets niet naar de gewenste sectie van het scherm gaat.

F6

Vooruitgaan tussen het ontwerpdeelvenster, de eigenschappen, het navigatiedeelvenster, het lint en de zoomknoppen (ontwerpweergave van tabellen, formulieren en rapporten)

F6

Visual Basic Editor openen vanuit een geselecteerde eigenschap in het eigenschappenvenster van een formulier of rapport

F7

Het veldenlijstvenster in een formulier of rapport openen (als het veldenlijstvenster al is geopend, wordt de focus naar het veldenlijstvenster verplaatst)

Alt+F8

Vanuit Visual Basic Editor naar de ontwerpweergave van een formulier of rapport gaan wanneer er een codemodule is geopend

Shift+F7

Vanuit het eigenschappenvenster van een besturingselement in de ontwerpweergave voor een formulier of rapport overschakelen naar het ontwerpvlak zonder de focus van het besturingselement te wijzigen

Shift+F7

Het geselecteerde besturingselement naar het Klembord kopiëren

Ctrl+C

Het geselecteerde besturingselement knippen en naar het Klembord kopiëren

Ctrl+X

De inhoud van het Klembord linksboven in de geselecteerde sectie plakken

Ctrl+V

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel naar rechts verplaatsen in het paginaraster

De toets Pijl-rechts

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel naar links verplaatsen in het paginaraster

De toets Pijl-links

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel omhoog verplaatsen in het paginaraster

Opmerking: Bij besturingselementen in een gestapelde indeling wordt hiermee de positie van het geselecteerde besturingselement verwisseld met die van het besturingselement direct daarboven, tenzij het al het bovenste besturingselement van de indeling is.

Toets Pijl-omhoog

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel omlaag verplaatsen in het paginaraster

Opmerking: Bij besturingselementen in een gestapelde indeling wordt hiermee de positie van het geselecteerde besturingselement verwisseld met die van het besturingselement direct daaronder, tenzij het al het onderste besturingselement van de indeling is.

Toets Pijl-omlaag

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel naar rechts verplaatsen (onafhankelijk van het paginaraster)

Ctrl+pijl-rechts

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel naar links verplaatsen (onafhankelijk van het paginaraster)

Ctrl+pijl-links

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel omhoog verplaatsen (onafhankelijk van het paginaraster)

Opmerking: Bij besturingselementen in een gestapelde indeling wordt hiermee de positie van het geselecteerde besturingselement verwisseld met die van het besturingselement direct daarboven, tenzij het al het bovenste besturingselement van de indeling is.

Ctrl+pijl-omhoog

Het geselecteerde besturingselement pixel voor pixel omlaag verplaatsen (onafhankelijk van het paginaraster)

Opmerking: Bij besturingselementen in een gestapelde indeling wordt hiermee de positie van het geselecteerde besturingselement verwisseld met die van het besturingselement direct daaronder, tenzij het al het onderste besturingselement van de indeling is.

Ctrl+pijl-omlaag

De breedte van het geselecteerde besturingselement (aan de rechterkant) met één pixel vergroten

Opmerking: Bij besturingselementen in een gestapelde indeling wordt hiermee de breedte van de hele indeling vergroot.

Shift+pijl-rechts

De breedte van het geselecteerde besturingselement (aan de linkerkant) met één pixel verkleinen

Opmerking: Bij besturingselementen in een gestapelde indeling wordt hiermee de breedte van de hele indeling verkleind.

Shift+pijl-links

De hoogte van het geselecteerde besturingselement (aan de onderkant) met één pixel verkleinen

Shift+pijl-omhoog

De hoogte van het geselecteerde besturingselement (aan de onderkant) met één pixel vergroten

Shift+pijl-omlaag

Bewerken met behulp van besturingselementen in de ontwerpweergave van formulieren en rapporten

Handeling

Druk op

Het geselecteerde besturingselement naar het Klembord kopiëren

Ctrl+C

Het geselecteerde besturingselement knippen en naar het Klembord kopiëren

Ctrl+X

De inhoud van het Klembord linksboven in de geselecteerde sectie plakken

Ctrl+V

Het geselecteerde besturingselement naar rechts verplaatsen (behalve een besturingselement dat deel uitmaakt van een indeling)

De toets Pijl-rechts of Ctrl+pijl-rechts om in kleinere stappen te verplaatsen

Het geselecteerde besturingselement naar links verplaatsen (behalve een besturingselement dat deel uitmaakt van een indeling)

De toets Pijl-links of Ctrl+pijl-links om in kleinere stappen te verplaatsen

Het geselecteerde besturingselement omhoog verplaatsen (behalve een besturingselement dat deel uitmaakt van een indeling)

De toets Pijl-omhoog of Ctrl+pijl-omhoog om in kleinere stappen te verplaatsen

Het geselecteerde besturingselement omlaag verplaatsen (behalve een besturingselement dat deel uitmaakt van een indeling)

De toets Pijl-omlaag of Ctrl+pijl-omlaag om in kleinere stappen te verplaatsen

Het geselecteerde besturingselement hoger maken

Opmerking: Als u deze sneltoetsen gebruikt met een besturingselement in een indeling, wordt de hele rij van de indeling aangepast.

Shift+pijl-omlaag

Het geselecteerde besturingselement breder maken

Opmerking: Als u deze sneltoetsen gebruikt met een besturingselement in een indeling, wordt de hele kolom van de indeling aangepast.

Shift+pijl-rechts

Het geselecteerde besturingselement minder hoog maken

Opmerking: Als u deze sneltoetsen gebruikt met een besturingselement in een indeling, wordt de hele rij van de indeling aangepast.

Shift+pijl-omhoog

Het geselecteerde besturingselement smaller maken

Opmerking: Als u deze sneltoetsen gebruikt met een besturingselement in een indeling, wordt de hele kolom van de indeling aangepast.

Shift+pijl-links

Navigeren in een formulierweergave

U werkt in een formulierweergave wanneer u gegevens in een formulier invoert.

Navigeren tussen velden en records

Deze sneltoetsen werken in de navigatiemodus in een formulierweergave.

Handeling

Druk op

Naar het volgende veld gaan

Tab-toets

Naar het vorige veld gaan

Shift+Tab

Naar het laatste besturingselement op het formulier gaan en in de huidige record blijven

End

Naar het laatste besturingselement op het formulier gaan en de focus in de laatste record plaatsen

Ctrl+End

Naar het eerste besturingselement op het formulier gaan en in de huidige record blijven

Home

Naar het eerste besturingselement op het formulier gaan en de focus in de eerste record plaatsen

Ctrl+Home

Naar het huidige veld van de volgende record gaan

Ctrl+Page Down

Naar het huidige veld van de vorige record gaan

Ctrl+Page Up

Naar een bepaalde record gaan

F5
(typ vervolgens in het recordnummervak het recordnummer en druk op Enter)

Navigeren in formulieren met meerdere pagina's

Handeling

Druk op

Eén pagina omlaag gaan; aan het einde van de record gaat u naar de overeenkomende pagina van de volgende record

Page Down

Eén pagina omhoog gaan; aan het einde van de record gaat u naar de overeenkomende pagina van de vorige record

Page Up

Navigeren tussen een hoofdformulier en een subformulier

Handeling

Druk op

Naar het subformulier gaan vanuit het vorige veld in het hoofdformulier

Tab-toets

Naar het subformulier gaan vanuit het volgende veld in het hoofdformulier

Shift+Tab

Het subformulier afsluiten en naar het volgende veld in het hoofdformulier of naar de volgende record gaan

Ctrl+Tab

Het subformulier sluiten en naar het vorige veld in het hoofdformulier of naar de vorige record gaan

Ctrl+Shift+Tab

Navigeren in het afdrukvoorbeeld en de voorbeeldlay-out

Handeling

Druk op

Open het dialoogvenster Afdrukken vanuit Afdrukken (voor gegevensbladen, formulieren en rapporten)

Ctrl+P

Het dialoogvenster Pagina-instelling openen (voor formulieren en rapporten)

S

In- of uitzoomen op een gedeelte van de pagina

Z

Het afdrukvoorbeeld of de voorbeeldlay-out annuleren

C of Esc

In kleine stappen omlaag schuiven

Toets Pijl-omlaag

Eén volledig scherm omlaag schuiven

Page Down

Naar de onderkant van de pagina gaan.

Ctrl+pijl-omlaag

In kleine stappen omhoog schuiven

Toets Pijl-omhoog

Eén volledig scherm omhoog schuiven

Page Up

Naar de bovenkant van de pagina gaan

Ctrl+pijl-omhoog

In kleine stappen naar rechts schuiven

De toets Pijl-rechts

Naar de rechterkant van de pagina gaan

End

Naar de rechterbenedenhoek van de pagina gaan

Ctrl+End

In kleine stappen naar links schuiven

De toets Pijl-links

Naar de linkerkant van de pagina gaan

Home

Naar de linkerbovenhoek van de pagina gaan

Ctrl+Home

Naar het paginanummervak gaan

Alt+F5
(typ vervolgens het paginanummer en druk op Enter)

Werken met deelvensters

Een diagramdeelvenster gebruiken

Handeling

Druk op

Naar een andere tabel, weergave of functie (of join-lijn, indien beschikbaar) gaan

De Tab-toets of Shift+Tab

Naar een andere kolom gaan in een tabel, weergave of functie

De pijltoetsen

De geselecteerde gegevenskolom voor uitvoer kiezen

Spatiebalk of plusteken (+)

De geselecteerde gegevenskolom verwijderen uit de uitvoer van de query

Spatiebalk of minteken (-)

De geselecteerde tabel, weergave, functie of join-lijn verwijderen uit de query

Delete

Opmerking: Als er meerdere items zijn geselecteerd, worden alle geselecteerde items gewijzigd wanneer u op de spatiebalk drukt. U selecteert meerdere items door Shift ingedrukt te houden terwijl u de items selecteert. U kunt de selectiestatus van één item wijzigen door Ctrl ingedrukt te houden terwijl u het item selecteert.

Een rasterdeelvenster gebruiken

Handeling

Druk op

Naar een andere cel gaan

De pijltoetsen, de Tab-toets of Shift+Tab

Naar de laatste rij in de huidige kolom gaan

Ctrl+pijl-omlaag

Naar de eerste rij in de huidige kolom gaan

Ctrl+pijl-omhoog

Naar de cel linksboven in het zichtbare gedeelte van het raster gaan

Ctrl+Home

Naar de cel rechtsonder gaan

Ctrl+End

Door een vervolgkeuzelijst bladeren

De toets Pijl-omhoog of de toets Pijl-omlaag

Een volledige rasterkolom selecteren

Ctrl+spatiebalk

Schakelen tussen de bewerkings- en celselectiemodus

F2

Geselecteerde tekst in een cel kopiëren naar het Klembord (in de bewerkingsmodus)

Ctrl+C

Geselecteerde tekst in een cel knippen en op het Klembord plaatsen (in de bewerkingsmodus)

Ctrl+X

Tekst van het Klembord plakken (in de bewerkingsmodus)

Ctrl+V

Schakelen tussen de invoeg- en overschrijfmodus als u gegevens in een cel bewerkt

De Insert-toets

Het selectievakje in de kolom Uitvoer in- en uitschakelen

Opmerking: Als er meerdere onderdelen zijn geselecteerd, worden alle geselecteerde onderdelen gewijzigd wanneer u op deze toets drukt.

Spatiebalk

De geselecteerde inhoud van een cel wissen

Delete

Alle waarden voor een geselecteerde rasterkolom wissen

Delete

Een SQL-deelvenster gebruiken

U kunt de standaard Windows-toetsen voor bewerken gebruiken wanneer u in het SQL-deelvenster werkt. U kunt bijvoorbeeld Ctrl+pijltoetsen gebruiken om van het ene woord naar het andere te gaan en de opdrachten Knippen, Kopiëren en Plakken op het tabblad Start gebruiken zoals ze normaal werken.

Opmerking: U kunt alleen tekst invoegen. De overschrijfmodus is niet beschikbaar.

Het veldenlijstvenster gebruiken met een formulier of rapport in de ontwerpweergave of de indelingsweergave

Handeling

Druk op

Het veldenlijstvenster weergeven of verbergen

Alt+F8

Het geselecteerde veld toevoegen aan de detailsectie van het formulier of rapport

Enter

Omhoog of omlaag gaan in het veldenlijstvenster

De toets Pijl-omhoog of de toets Pijl-omlaag

Navigeren tussen het bovenste en het onderste gedeelte van het veldenlijstvenster

Tab-toets

Tekst of gegevens selecteren

Een veld of record selecteren

Opmerking: Gebruik de tegenovergestelde pijltoets als u een selectie wilt annuleren.

Handeling

Druk op

Het volgende veld selecteren

Tab-toets

Schakelen tussen de bewerkingsmodus (invoegpositie is zichtbaar) en de navigatiemodus in een gegevensblad

F2

Navigatiemodus sluiten in een formulier of rapport

Esc

Schakelen tussen selectie van de huidige record en het eerste veld van de huidige record, in de navigatiemodus

Shift+Spatiebalk

De selectie uitbreiden met de vorige record, als de huidige record is geselecteerd

Shift+pijl-omhoog

Tekst selecteren in een veld

Handeling

Druk op

De selectie met één teken naar rechts uitbreiden

Shift+pijl-rechts

De selectie met één woord naar rechts uitbreiden

Ctrl+Shift+pijl-rechts

De selectie met één teken naar links uitbreiden

Shift+pijl-links

De selectie met één woord naar links uitbreiden

Ctrl+Shift+pijl-links

Een selectie uitbreiden

Handeling

Druk op

De uitbreidingsmodus inschakelen

Opmerking: In de gegevensbladweergave wordt Uitgebreide selectie weergegeven in de rechterbenedenhoek van het venster

F8
(door herhaaldelijk op F8 te drukken wordt de selectie uitgebreid naar het woord, het veld, de record en alle records)

Een selectie uitbreiden naar de aangrenzende velden in dezelfde rij binnen de gegevensbladweergave

De toets Pijl-links of de toets Pijl-rechts

Een selectie uitbreiden naar de aangrenzende rijen binnen de gegevensbladweergave

De toets Pijl-omhoog of de toets Pijl-omlaag

De vorige uitbreiding ongedaan maken

Shift+F8

De uitbreidingsmodus annuleren

Esc

Tekst of gegevens zoeken en vervangen

Handeling

Druk op

Het tabblad Zoeken in het dialoogvenster Zoeken en vervangen openen (alleen in de gegevensblad- en formulierweergave)

Ctrl+F

Het tabblad Vervangen in het dialoogvenster Zoeken en vervangen openen (alleen in de gegevensblad- en formulierweergave)

Ctrl+H

De volgende plaats zoeken waar de tekst voorkomt die is opgegeven in het dialoogvenster Zoeken en vervangen nadat het dialoogvenster is gesloten (alleen in de gegevensblad- en formulierweergave)

Shift+F4

Tekst of gegevens bewerken

De invoegpositie in een veld verplaatsen

Opmerking: Als de invoegpositie niet zichtbaar is, geeft u deze weer door op F2 te drukken.

Handeling

Druk op

De invoegpositie één teken naar rechts verplaatsen

De toets Pijl-rechts

De invoegpositie één woord naar rechts verplaatsen

Ctrl+pijl-rechts

De invoegpositie één teken naar links verplaatsen

De toets Pijl-links

De invoegpositie één woord naar links verplaatsen

Ctrl+pijl-links

De invoegpositie naar het einde van het veld verplaatsen in velden van één regel of naar het einde van de regel in velden met meerdere regels

End

De invoegpositie naar het einde van het veld verplaatsen in velden met meerdere regels

Ctrl+End

De invoegpositie naar het begin van het veld verplaatsen in velden van één regel of naar het begin van de regel in velden met meerdere regels

Home

De invoegpositie naar het begin van het veld verplaatsen in velden met meerdere regels

Ctrl+Home

Tekst kopiëren, verplaatsen of verwijderen

Handeling

Druk op

De selectie naar het Klembord kopiëren

Ctrl+C

De selectie knippen en naar het Klembord kopiëren

Ctrl+X

De inhoud van het Klembord plakken op de invoegpositie

Ctrl+V

De selectie of het teken links van de invoegpositie verwijderen

Backspace

De selectie of het teken rechts van de invoegpositie verwijderen

Delete

Alle tekens rechts van de invoegpositie verwijderen

Ctrl+Delete

Wijzigingen ongedaan maken

Handeling

Druk op

Typen ongedaan maken

Ctrl+Z of Alt+Backspace

Wijzigingen in het huidige veld of de huidige record ongedaan maken

Esc
(als zowel het huidige veld als de huidige record zijn gewijzigd, drukt u tweemaal op Esc om de wijzigingen ongedaan te maken, eerst in het huidige veld en dan in de huidige record)

Gegevens invoeren in een gegevensblad- of formulierweergave

Handeling

Druk op

De huidige datum invoegen

Ctrl+puntkomma (;)

De huidige tijd invoegen

Ctrl+Shift+dubbele punt (:)

De standaardwaarde voor een veld invoegen

Ctrl+Alt+spatiebalk

De waarde uit hetzelfde veld in de vorige record invoegen

Ctrl+apostrof (')

Een nieuwe record toevoegen

Ctrl+plusteken (+)

In een gegevensblad: de huidige record verwijderen

Ctrl+minteken (-)

De wijzigingen in de huidige record opslaan

Shift+Enter

Een selectievakje in- en uitschakelen; een keuzerondje selecteren of deze selectie opheffen

Spatiebalk

Een nieuwe regel invoegen in een veld Korte tekst of Lange tekst

Ctrl+Enter

De inhoud van velden vernieuwen

Handeling

Druk op

De velden in het venster opnieuw berekenen

F9

Een query opnieuw uitvoeren op de onderliggende tabellen; hiermee wordt in een subformulier de query voor de onderliggende tabel alleen opnieuw uitgevoerd voor het subformulier

Shift+F9

De inhoud vernieuwen van een Opzoekveld van een keuzelijst of keuzelijst met invoervak

F9

Navigeren in tabellen en cellen

Werken en navigeren in tabellen

Handeling

Druk op

Naar de volgende cel gaan

Tab-toets

Naar de vorige cel gaan

Shift+Tab

Naar de volgende rij gaan

Toets Pijl-omlaag

Naar de vorige rij gaan

Toets Pijl-omhoog

Een tabteken in een cel invoegen

Ctrl+Tab

Een nieuwe alinea beginnen

Enter

Onder aan de tabel een nieuwe rij toevoegen

De Tab-toets aan het einde van de laatste rij

Navigeren in tabellen of cellen

Handeling

Druk op

Eén teken naar links gaan

De toets Pijl-links

Eén teken naar rechts gaan

De toets Pijl-rechts

Eén regel omhoog gaan

Toets Pijl-omhoog

Eén regel omlaag gaan

Toets Pijl-omlaag

Eén woord naar links gaan

Ctrl+pijl-links

Eén woord naar rechts gaan

Ctrl+pijl-rechts

Naar het einde van een regel

End

Naar het begin van een regel

Home

Eén alinea omhoog gaan

Ctrl+pijl-omhoog

Eén alinea omlaag gaan

Ctrl+pijl-omlaag

Naar het einde van een tekstvak gaan

Ctrl+End

Naar het begin van een tekstvak gaan

Ctrl+Home

De laatste zoekopdracht herhalen

Shift+F4

Help opvragen bij Access

In het Help-venster is alle Help-inhoud voor Access beschikbaar.

Handeling

Druk op

Het Help-venster openen

F1

Teruggaan naar de Access-startpagina van Help

Alt+Home

Het volgende item in het Help-venster selecteren

Tab-toets

Het vorige item in het Help-venster selecteren

Shift+Tab

De actie voor het geselecteerde item uitvoeren

Enter

Het geselecteerde item in de lijst AccessHelp-onderwerpen uitvouwen of samenvouwen

Enter

De volgende verborgen tekst of hyperlink selecteren, inclusief Alles weergeven of Alles verbergen, aan het begin van een onderwerp

Tab-toets

De vorige verborgen tekst of hyperlink selecteren

Shift+Tab

De actie voor de knop Alles weergeven, de knop Alles verbergen, verborgen tekst of hyperlink uitvoeren

Enter

Naar het vorige Help-onderwerp teruggaan (de knop Vorige)

Alt+Pijl-links of Backspace

Naar het volgende Help-onderwerp gaan (de knop Volgende)

Alt+pijl-rechts

Kleine afstanden omhoog of omlaag gaan binnen het weergegeven Help-onderwerp

Pijl-omhoog, Pijl-omlaag

Grotere afstanden omhoog of omlaag gaan binnen het weergegeven Help-onderwerp

Page Up, Page Down

De laatste actie stoppen (de knop Stoppen)

Esc

Het venster vernieuwen (knop Vernieuwen)

F5

Het huidige Help-onderwerp afdrukken

Ctrl+P
(als de cursor zich niet in het huidige Help-onderwerp bevindt, drukt u op F6 en vervolgens op Ctrl+P)

De verbindingsstatus wijzigen

F6, en vervolgens drukt u op Enter om de lijst met opties te openen

Schakelen tussen de verschillende gebieden in het Help-venster, bijvoorbeeld tussen de werkbalk en de lijst Zoeken

F6

Het volgende of het vorige item selecteren in de structuurweergave van een inhoudsopgave

De toets Pijl-omhoog of de toets Pijl-omlaag

In een inhoudsopgave in de structuurweergave het geselecteerde item respectievelijk uit- of samenvouwen

Enter

Diverse toetsenbordsneltoetsen

Handeling

Druk op

Het volledige adres (URL) voor een geselecteerde hyperlink weergeven

F2

Spelling controleren

F7

Het zoomvak openen om expressies en andere tekst gemakkelijker te kunnen invoeren in kleine invoervakken

Shift+F2

Een opbouwfunctie activeren

Ctrl+F2

Een schermafbeelding van het hele scherm naar het Klembord kopiëren

PrtScn

Een schermafbeelding van het huidige venster naar het Klembord kopiëren

Alt+PrtScn

Alle beschikbare opdrachten in het menu van het taakvenster weergeven

Ctrl+pijl-omlaag

Access afsluiten

Alt+F4

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×