Slicers gebruiken om gegevens te filteren

Slicers bevatten knoppen waarop u kunt klikken om tabelgegevens of draaitabelgegevens te filteren. Daarnaast wordt met slicers de huidige filterstatus aangegeven, waardoor u eenvoudig kunt zien wat er precies wordt weergegeven in een gefilterde draaitabel.

Afbeelding van Excel-lint

Wanneer u een item selecteert, wordt dit opgenomen in het filter en worden de gegevens voor dit item weergegeven in het rapport. Wanneer u bijvoorbeeld in het veld Verkopers Barends selecteert, worden alleen gegevens met Barends in dat veld weergegeven.

U kunt een slicer gebruiken om gemakkelijk gegevens te filteren in een tabel.

Een slicer gebruiken om gegevens te filteren

  1. Klik ergens in de tabel.

  2. Selecteer Invoegen > Slicer.

    Slicer invoegen
  3. Selecteer de velden die u wilt filteren.

  4. Selecteer OKen pas uw slicervoorkeuren zoals Kolommen aan onder Opties.

    Opmerking: Als u meerdere items wilt selecteren, houd u Ctrl ingedrukt en selecteert u de items die u wilt weergeven. Selecteer de hoek van een slicer en houd de muisknop ingedrukt om de grootte van de slicer te wijzigen.

  5. Selecteer Filter wissen Verwijderen om het slicerfilter te wissen.

Gegevens in een tabel omzetten

  1. U kunt gegevens op vier manieren in een tabel omzetten:

    Opmerking: Als u een slicer wilt gebruiken, moet u de gegevens eerst in een tabel omzetten.

    • Druk op Ctrl + T.

    • Druk op Ctrl + l.

    • Selecteer Start > Opmaken als tabel.

    • Selecteer Invoegen > Tabel.

  2. Selecteer OK.

  1. Klik ergens in de draaitabel waarvoor u een slicer wilt maken.

    Nu wordt het tabblad Draaitabel analyseren weergegeven.

  2. Klik op het tabblad Draaitabel analyseren op Slicer invoegen.

  3. Schakel in het dialoogvenster Slicers invoegen het selectievakje in van de draaitabelvelden waarvoor u een slicer wilt maken.

  4. Klik op OK.

    Er wordt een slicer weergegeven voor elk veld dat u hebt geselecteerd.

  5. Klik in elke slicer op de items waarop u wilt filteren.

    Als u meerdere items wilt selecteren, houdt u Command ingedrukt en klikt u op de items waarop u wilt filteren.

  1. Klik ergens in de tabel waarvoor u een slicer wilt maken.

    Nu wordt het tabblad Tabel weergegeven.

  2. Klik op het tabblad Tabel op Slicer invoegen.

  3. Schakel in het dialoogvenster Slicers invoegen het selectievakje in van de velden (kolommen) waarvoor u een slicer wilt maken.

  4. Klik op OK.

    Er wordt een slicer weergegeven voor elk veld dat (elke kolom die) u hebt geselecteerd.

  5. Klik in elke slicer op de items waarop u wilt filteren.

    Als u meerdere items wilt selecteren, houdt u Command ingedrukt en klikt u op de items waarop u wilt filteren.

  1. Klik op de slicer die u wilt opmaken.

    Nu wordt het tabblad Slicer weergegeven.

  2. Klik op het tabblad Slicer op de gewenste kleurstijl.

Als u al een slicer hebt in een draaitabel, kunt u dezelfde slicer voor het filteren van een andere draaitabel gebruiken. Dit werkt alleen als beide draaitabellen dezelfde gegevensbron gebruiken.

  1. Maak eerst een draaitabel die is gebaseerd op dezelfde gegevensbron als de draaitabel met de slicer die u wilt hergebruiken.

  2. Klik op de slicer die u wilt delen in een andere draaitabel.

    Nu wordt het tabblad Slicer weergegeven.

  3. Klik op het tabblad Slicer op Rapportverbindingen.

  4. Schakel in het dialoogvenster het selectievakje in van de draaitabellen waarin de slicer beschikbaar moet zijn.

  1. Klik ergens in de draaitabel waarvoor u de verbinding met een slicer wilt verbreken.

    Nu wordt het tabblad Draaitabel analyseren weergegeven.

  2. Klik op het tabblad Draaitabel analyseren en vervolgens op Filterverbindingen.

  3. Schakel in het dialoogvenster het selectievakje uit van de draaitabelvelden waarvoor u de verbinding met een slicer wilt verbreken.

Voer een van de volgende handelingen uit:

  • Klik op de slicer en druk op Delete.

  • Houd Control ingedrukt en klik met de rechtermuisknop op de slicer en klik op <Naam van slicer> verwijderen.

In een slicer worden meestal de volgende onderdelen weergegeven:



Elementen van een draaitabelslicer

1. Een slicerkoptekst geeft de categorie van de items in de slicer aan.

2. Een filterknop die niet is geselecteerd, geeft aan dat het item niet is opgenomen in het filter.

3. Een filterknop die is geselecteerd, geeft aan dat het item is opgenomen in het filter.

4. Met een knop Filter wissen wordt het filter verwijderd door alle items in de slicer te selecteren.

5. Met een schuifbalk kunt u schuiven wanneer er meer items zijn dan er momenteel zichtbaar zijn in de slicer.

6. Met besturingselementen voor het verplaatsen van de rand en het wijzigen van het formaat kunt u de grootte en de positie van de slicer wijzigen.

Meer hulp nodig?

U kunt altijd uw vraag stellen aan een expert in de Excel Tech Community, ondersteuning vragen in de Answer-community of een nieuwe functie of verbetering voorstellen in Excel User Voice.

Zie ook

Gegevens in een draaitabel filteren

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×