Over migratie

Opmerking:  We willen u graag zo snel mogelijk de meest recente Help-inhoud in uw eigen taal bieden. Deze pagina is automatisch vertaald en kan grammaticale fouten of onnauwkeurigheden bevatten. Wij hopen dat deze inhoud nuttig voor u is. Kunt u ons onder aan deze pagina laten weten of de informatie nuttig voor u was? Hier is het Engelstalige artikel ter referentie.

Opmerking: De taak van dit artikel is volbracht, het wordt binnenkort teruggetrokken. We verwijderen bij ons bekende koppelingen om te voorkomen dat er problemen ontstaan in de trant van 'Pagina niet gevonden'. Als u koppelingen naar deze links hebt gemaakt, kunt u deze verwijderen. Zo zorgen we samen voor een verbonden internet.

In Windows SharePoint Services 3.0, worden sites en delen van sites zoals lijsten, lijstitems en mappen gemigreerd naar andere sites Windows SharePoint Services 3.0 . Deze andere sites kunnen worden uitgevoerd op dezelfde front webserver als de oorspronkelijke site, op verschillende front-endwebservers in dezelfde farm of op de front-endwebservers in een volledig verschillende implementatie van Windows SharePoint Services 3.0. Verschillende machtigingen zijn vereist voor verschillende methoden voor het migreren van sites.

Als u de eigenaar of beheerder van een siteverzameling bent, kunt u enkele migratietaken voltooien. Andere site-eigenaren en ontwerpers kunnen gebruiken in dit onderwerp voor meer informatie over het migratieproces en feedback over het migreren van hun sites. Zie Help op de pagina's Centraal beheer of de Windows SharePoint Services-pagina's op de Microsoft TechNet-websitevoor informatie over migratie voor serverbeheerders.

Migratiemethoden

Windows SharePoint Services 3.0 zijn er verschillende manieren om te migreren van siteverzamelingen, sites of een combinatie van objecten binnen een site naar een andere SharePoint-webtoepassing die is uitgebreid met Windows SharePoint Services 3.0. Migratie geldt voor het verplaatsen van objecten van Windows SharePoint Services 3.0 naar Windows SharePoint Services 3.0 alleen. U kunt geen sites, inhoud of andere objecten uit eerdere versies van Windows SharePoint Services migreren naar Windows SharePoint Services 3.0.

De verschillende methoden om inhoud te migreren worden vermeld in de volgende tabel.

Opmerking: In de kolom Minimaal vereiste machtigingen in de volgende tabel ziet u welke machtigingen voor elke migratiemethode zijn vereist. Als u niet over de vereiste machtigingen beschikt, vraagt u het daartoe bevoegde teamlid u de vereiste machtigingen te geven of de migratie voor u uit te voeren.

Metho d

Opmerking

Minimaal vereiste machtigingen

Gebruik de back-up -o en bewerkingen voor het herstellen van het hulpprogramma voor de Stsadm.exe -o.

Dit is de beste manier om een volledige siteverzameling te migreren. Het is de enige methode waarbij werkstromen, waarschuwingen en metagegevens op het niveau van de siteverzameling worden gemigreerd.

Lid van de groep lokale beheerders of lid van de groep farmbeheerders op het niveau van het Centraal beheer

Met de koppelingen Back-up maken en Back-up terugzetten op de pagina Bewerkingen in Centraal beheer

Dit is de makkelijkste manier om afzonderlijke sites te migreren.

Lid van de groep Farmbeheerders op het niveau van het Centraal beheer

Met het objectmodel van Windows SharePoint Services.

Dit is een nieuwe methode in Windows SharePoint Services 3.0 en de meest flexibele. De migratie gerelateerde application programming interfaces (API's) in het objectmodel kunnen worden gebruikt om te migreren van sites en elke combinatie van objecten onder het siteniveau van de.

Een siteverzamelingbeheerder die over de juiste machtigingen beschikt om objecten te lezen die worden gemigreerd en over machtigingen om objecten te wijzigen in de site waarnaar deze objecten worden gemigreerd

Met een webpagina-editor die compatibel is met Windows SharePoint Services, bijvoorbeeld Microsoft Office SharePoint Designer 2007.

Hiermee kunnen alleen volledige websites worden gemigreerd. Houd er rekening mee dat de GUID's (Globally Unique Identifiers) voor geen van de objecten worden gemigreerd. Dit houdt in dat geen van de gemigreerde objecten globaal uniek zal zijn.

Een siteverzamelingbeheerder die over de juiste machtigingen beschikt om objecten te lezen die worden gemigreerd en over machtigingen om objecten te wijzigen in de site waarnaar deze objecten worden gemigreerd

Migratieproces (objectmodel)

Met het objectmodel van Windows SharePoint Services kunnen objecten worden gemigreerd binnen dezelfde webserver, naar andere webservers in dezelfde serverfarm of naar andere serverfarms. In deze sectie wordt een typisch voorbeeld beschreven waarin het objectmodel wordt gebruikt om sites en andere objecten te migreren van een staging-server naar een productieserver. Alleen een serverbeheerder op het niveau van beide servers (de staging-server en de productieserver) kan met het objectmodel werken. Het is echter wel handig als site-eigenaren het concept van dit migratiescenario begrijpen, zodat ze kunnen samenwerken met de persoon die de migratie uitvoert. In dit scenario wordt de staging-server gebruikt om wijzigingen in een van de SharePoint-sites te maken en te testen (zie de volgende illustratie). Nadat de wijzigingen zijn getest, worden deze vervolgens gemigreerd naar de productieserver, waar gebruikers toegang hebben tot de site.

Opmerking: Als u met het objectmodel sites en andere objecten wilt migreren van de staging-server naar de productieserver, moet u over de juiste machtigingen beschikken (zie de vorige tabel) op zowel de staging-server als de productieserver. Als u niet over de vereiste machtigingen beschikt, vraagt u het daartoe bevoegde teamlid u de vereiste machtigingen te geven of de migratie voor u uit te voeren.

Migratiewerkstroom met behulp van PRIME.

1. De serverbeheerder meldt zich aan op de staging-server en schrijft en voert het script uit waarmee toegang wordt verkregen tot het objectmodel op de staging-server. Met het script dat op de staging-server wordt uitgevoerd, wordt het migratiepakket als CAB-bestand op een bestandsshare gemaakt.

Opmerking: Op deze bestandsshare moet de gebruiker die dit CAB-bestand maakt over schrijfmachtigingen beschikken en moet de gebruiker die het CAB-bestand importeert over leesmachtigingen beschikken.

2. De serverbeheerder meldt zich aan op de productieserver en gebruikt de met de migratie gerelateerde API's om het migratiepakket op de productieserver te implementeren.

Nadat het pakket is gemigreerd naar de productieserver, controleert de serverbeheerder of de site juist is gemigreerd, met inbegrip van de koppelingen, beveiligingsinstellingen en de functionaliteit van webonderdelen.

Met het objectmodel kan elke combinatie van objecten worden geselecteerd, op het niveau van de site en daaronder. Hierdoor kan het model worden gebruikt om alleen de items te migreren die zijn gewijzigd op de bronserver.

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×