OF, functie

Geeft Ja als resultaat als een van de argumenten WAAR is, en Nee als alle argumenten ONWAAR zijn.

Syntaxis

OF(logisch1;logisch2;...)

Logisch1; logisch2;...     zijn 1 tot 30 te toetsen voorwaarden die WAAR of ONWAAR kunnen zijn.

Opmerkingen

  • De argumenten moeten worden geëvalueerd als logische waarden zoals WAAR of ONWAAR, of moeten matrices of verwijzingen zijn die logische waarden bevatten.

  • Als een kolomverwijzingsargument tekst of lege cellen bevat, worden deze waarden genegeerd.

  • Als het opgegeven bereik geen logische waarden bevat, retourneert OF de foutwaarde #WAARDE!.

Voorbeelden

Formule

Beschrijving (resultaat)

=OF(WAAR)

Eén argument is WAAR (Ja)

=OF(1+1=1;2+2=5)

Alle argumenten worden geëvalueerd als ONWAAR (Nee)

=OF(WAAR;ONWAAR;WAAR)

Ten minste één argument is WAAR (Ja)

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×