INSERT INTO, instructie

Met deze instructie voegt u een of meerdere records toe aan een tabel. Dit wordt een toevoegquery genoemd.

Syntaxis

Toevoegquery voor meerdere records:

INSERT INTO target [(field1[, field2[, ...]])] [IN externaldatabase]
SELECT [source.]field1[, field2[, ...]
FROM tableexpression

Toevoegquery voor één record:

INSERT INTO target [(field1[, field2[, ...]])]
VALUES (value1[, value2[, ...])

De instructie INSERT INTO bestaat uit de volgende onderdelen:

Onderdeel

Beschrijving

target

De naam van de tabel of query waaraan records moeten worden toegevoegd.

field1, field2

De naam van de velden waaraan gegevens moeten worden toegevoegd, als dit argument wordt voorafgegaan door het argument target of de naam van de velden waaruit gegevens moeten worden opgehaald, als dit argument wordt voorafgegaan door het argument source.

externaldatabase

Het pad naar een externe database. Zie de component IN voor een beschrijving van het pad.

source

De naam van de tabel of query waaruit records moeten worden gekopieerd.

tableexpression

De naam van de tabel of tabellen waarin records worden ingevoegd. Dit argument kan de naam van één tabel zijn of een samengestelde waarde die het resultaat is van een INNER JOIN-, LEFT JOIN- of RIGHT JOIN-bewerking of een opgeslagen query.

value1, value2

De waarden die moeten worden ingevoegd in de specifieke velden van de nieuwe record. Elke waarde wordt ingevoegd in het veld dat overeenkomt met de positie van de waarde in de lijst: value1 wordt ingevoegd in field1 van de nieuwe record, value2 in field2 enzovoort. Plaats een komma tussen de afzonderlijke waarden en plaats tekstvelden tussen aanhalingstekens (' ').


Opmerkingen

U kunt met de instructie INSERT INTO één record toevoegen aan een tabel door middel van de syntaxis voor een toevoegquery voor enkelvoudige records, zoals hierboven. In dit geval bevat uw code de naam en de waarde voor elk veld van de record. Geef alle velden op van de record waaraan een waarde moet worden toegewezen. Geef ook een waarde voor die velden op. Als u niet elk veld opgeeft, wordt de standaardwaarde NULL ingevoegd voor ontbrekende kolommen. Records worden toegevoegd aan het einde van de tabel.

U kunt INSERT INTO ook gebruiken om een reeks records toe te voegen uit een andere tabel of query door de component SELECT ... FROM te gebruiken, zoals hierboven aangegeven in de toevoegquery voor meerdere records. In dit geval geeft de SELECT-component aan welke velden moeten worden toegevoegd aan de opgegeven target-tabel.

De source- of target-tabel kan een tabel of een query aangeven. Als een query wordt aangegeven, voegt de Microsoft Access-database-engine records toe aan alle tabellen die door de query worden aangeduid.

INSERT INTO is optioneel. Wanneer deze instructie wordt opgenomen, gaat het vooraf aan de instructie SELECT.

Als de doeltabel een primaire sleutel bevat, zorgt u er dan voor dat u unieke, niet-NULL-waarden toevoegt aan het primaire-sleutelveld of de primaire-sleutelvelden. Doet u dit niet, dan worden de records niet toegevoegd door de Microsoft Access-database-engine.

Als u records aan een tabel met een AutoNummering-veld toevoegt en u wilt de toegevoegde records opnieuw nummeren, neem dan niet het AutoNummering-veld in uw query op. Neem het AutoNummering-veld wel op in de query als u de oorspronkelijke waarden van het veld wilt behouden.

Gebruik de IN-component om records toe te voegen aan een tabel in een andere database.

Als u een nieuwe tabel wilt maken, gebruikt u de instructie SELECT... INTO om een tabelmaakquery te maken.

Als u wilt weten welke records worden toegevoegd voordat u de toevoegquery uitvoert, voert u eerst een selectiequery uit met dezelfde selectiecriteria en bekijkt u de resultaten hiervan.

Met een toevoegquery kopieert u records uit een of meer tabellen naar een andere tabel. De tabellen die de records bevatten die u toevoegt, worden niet beïnvloed door de toevoegquery.

In plaats van bestaande records uit een andere tabel toe te voegen, kunt u ook de waarde voor elk veld opgeven in één nieuwe record met behulp van de component VALUES. Als u de veldlijst weglaat, moet de component VALUES een waarde bevatten voor elk veld in de tabel, anders mislukt de INSERT-bewerking. Gebruik een extra INSERT INTO-instructie met een VALUES-component voor elke extra record die u wilt maken.



Uw vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×