Inhoudsdistributiepaden en taken beheren

Opmerking: Ga naar www.microsoft.com voor de meest recente en uitgebreide informatie.

Met inhoudsdistributiepaden worden een bron en doel opgegeven voor inhoudsdistributie en andere gerelateerde instellingen. Met inhoudsdistributietaken wordt een inhoudsdistributiepad opgegeven dat kan worden gebruikt voor inhoudsdistributie, een schema (optioneel) en andere gerelateerde instellingen.

Als u inhoudsdistributiepaden en -taken wilt beheren, opent u de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren:

  1. Klik op de bovenste navigatiebalk op Bewerkingen.

  2. Klik op de pagina Bewerkingen in de sectie Inhoudsdistributie op Paden en taken voor inhoudsdistributie.

Wat wilt u doen?

Een nieuw inhoudsdistributiepad maken

Een inhoudsdistributiepad bewerken

Een inhoudsdistributiepad verwijderen

Een nieuwe inhoudsdistributietaak maken

Een inhoudsdistributietaak bewerken

Een inhoudsdistributietaak verwijderen

Een inhoudsdistributietaak handmatig starten

Een inhoudsdistributietaak annuleren

Een nieuw inhoudsdistributiepad maken

  1. Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Nieuw pad.

  2. Typ op de pagina Inhoudsdistributiepad maken een naam voor het inhoudsdistributiepad in het vak Typ de naam van dit pad.

  3. Typ een beschrijving van het inhoudsdistributiepad in het vak Typ de beschrijving van het pad voor inhoudsdistributie.

  4. Klik in de sectie Webtoepassing en siteverzameling voor bron in de lijst Webtoepassing voor bron op een webtoepassing voor de bron.

  5. Klik op een siteverzameling voor de bron in het menu Bronsiteverzameling.

    Met de webtoepassing en siteverzameling wordt bepaald van waaruit de inhoud wordt gedistribueerd. Wanneer u de gewenste items hebt geselecteerd, wordt de bronlocatie weergegeven onder URL.

  6. Typ in de sectie Doelwebtoepassing voor centraal beheer de URL van de doelserver voor Centraal beheer in het vak Typ de URL van de doelserver voor Centraal beheer.

    Opmerking: Dit is de URL van de server voor Centraal beheer op de doelserver. Het is niet de URL van de server die is geconfigureerd voor het accepteren van binnenkomende inhoudsdistributietaken.

  7. Selecteer een van de volgende opties in de sectie Verificatiegegevens:

    • Verbinding maken met het account voor een groep van toepassingen. Selecteer deze optie als u het account voor een groep van toepassingen wilt gebruiken om te verifiëren op de doelserver voor Centraal beheer.

    • Verbinding maken met een ander account. Selecteer deze optie als u een ander account dan het account voor een groep van toepassingen wilt gebruiken voor verificatie op de doelserver voor Centraal beheer. Als u deze optie selecteert, selecteert u een verificatietype en geeft u referenties op voor het account dat u wilt gebruiken voor verificatie.

  8. Klik op Verbinding maken.

    Opmerking: Als de opgegeven referenties geldig zijn, wordt het bericht Er is verbinding weergegeven.

    U bent verbonden met de doelserver van Centraal beheer, die een lijst bevat met in aanmerking komende doelwebtoepassingen en siteverzamelingen.

  9. Klik in de sectie Doelwebtoepassing en siteverzameling op een doelwebtoepassing in de lijst Doelwebtoepassing.

  10. Klik in de lijst Doelsiteverzameling op een doelsiteverzameling.

  11. Schakel in de sectie Gebruikersnamen het selectievakje Gebruikersnamen distribueren in als u gebruikersnamen wilt opnemen wanneer dit pad wordt gebruikt voor inhoudsdistributie.

  12. Klik in de sectie Beveiligingsinformatie in de lijst Beveiligingsinformatie voor inhoudsdistributie op een van de volgende opties:

    • Alles

    • Alleen roldefinities

    • Geen

  13. Klik op OK.

Naar boven

Een inhoudsdistributiepad bewerken

  • Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Bewerken in het menu voor het pad dat u wilt bewerken.

    Zie de sectie Een nieuw inhoudsdistributiepad maken voor meer informatie over de instellingen die u kunt bewerken.

Naar boven

Een inhoudsdistributiepad verwijderen

  • Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Verwijderen in het menu voor het pad dat u wilt verwijderen.

  • Klik op OK in het berichtvenster waarin u wordt gevraagd of u wilt doorgaan met het verwijderen.

Naar boven

Een nieuwe inhoudsdistributietaak maken

  1. Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Nieuwe taak.

  2. Typ op de pagina Inhoudsdistributietaak in de sectie Naam en beschrijving een naam voor de inhoudsdistributietaak in het vak Naam.

  3. Typ een beschrijving voor de inhoudsdistributietaak in het vak Beschrijving.

  4. Klik in de sectie Pad op het inhoudsdistributiepad op het menu Selecteer een inhoudsdistributiepad.

  5. Selecteer een van de volgende opties in de sectie Bereik:

    • Volledige siteverzameling. Selecteer deze optie als u alle sites in de siteverzameling wilt opnemen in de distributie.

    • Specifieke sites binnen de siteverzameling. Selecteer deze optie als u specifieke sites in de siteverzameling wilt opnemen in de distributie. Als u deze optie selecteert, klikt u op Sites selecteren om de sites te selecteren die u wilt opnemen in de distributie.

  6. In de sectie Frequentie kunt u het selectievakje Voer deze taak uit volgens het volgende schema uitschakelen als u de taak handmatig wilt uitvoeren of schakelt u het selectievakje Voer deze taak uit volgens het volgende schema in om een schema op te geven.

  7. Selecteer een van de volgende opties in de sectie Distributieopties:

    • Alleen nieuwe, gewijzigde of verwijderde inhoud distribueren. Selecteer deze optie om nieuwe inhoud te distribueren of inhoud die is gewijzigd of verwijderd.

    • Alle inhoud distribueren, inclusief inhoud die eerder is gedistribueerd. Selecteer deze optie om alle inhoud te distribueren.

  8. Als u een e-mailbericht wilt ontvangen wanneer de inhoudsdistributietaak is voltooid, schakelt u in de sectie Melding het selectievakje E-mailbericht verzenden als de inhoudsdistributietaak slaagt in.

  9. Als u e-mail wilt ontvangen wanneer de inhoudsdistributietaak mislukt, schakelt u het selectievakje E-mailbericht verzenden als de inhoudsdistributietaak mislukt in.

  10. Als u het selectievakje E-mailbericht verzenden als de inhoudsdistributietaak slaagt of E-mailbericht verzenden als de inhoudsdistributietaak mislukt hebt ingeschakeld, typt u een e-mailadres in het vak Typ e-mailadressen.

Naar boven

Een inhoudsdistributietaak bewerken

  • Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Bewerken in het menu voor de taak die u wilt bewerken.

    Zie de sectie Een nieuwe inhoudsdistributietaak maken voor meer informatie over de instellingen die u kunt bewerken.

Naar boven

Een inhoudsdistributietaak verwijderen

  1. Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Verwijderen in het menu voor de taak die u wilt verwijderen.

  2. Klik op OK in het berichtvenster waarin u wordt gevraagd of u wilt doorgaan met het verwijderen.

Naar boven

Een inhoudsdistributietaak handmatig starten

  • Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Nu uitvoeren in het menu voor de taak die u wilt starten.

    De status van de taak wordt aangegeven in de kolom Status.

Naar boven

Een inhoudsdistributietaak annuleren

  • Klik op de pagina Paden en taken voor inhoudsdistributie beheren op Annuleren in het menu voor de taak die u wilt annuleren.

    De status van de taak wordt aangegeven in de kolom Status.

Naar boven

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×