Gegevensbalken gebruiken

Gegevensbalken gebruiken

In Visio Professional is een gegevensbalk een gegevensafbeelding die kan worden toegepast na het importeren van gegevens in shapes. In het volgende voorbeeld ziet u een gegevensbalk voor het veld % voltooid voor elk van deze drie shapes:

Shapes voor stroomdiagrammen met gedeeltelijk gevulde gegevensbalken

Gegevensbalken zijn handig voor het weergeven van percentages, waarderingen, voortgang, scores en bedragen.

De gegevensbalk toepassen op shapes

  1. Controleer of het deelvenster Gegevensafbeeldingsvelden is geopend aan de rechterkant. Als het niet open is, schakelt u op het tabblad Gegevens het selectievakje Gegevensafbeeldingsvelden in.

    Gegevenstabblad, selectievakje Gegevensafbeeldingsvelden

  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Als u alle shapes op de pagina wilt wijzigen, klikt u in een lege ruimte in het diagram om eventueel geselecteerde shapes te deselecteren.

    • Als u alleen geselecteerde shapes op de pagina wilt wijzigen, klikt u op een of meer shapes om deze te selecteren.

  3. Bepaal in het deelvenster Gegevensafbeeldingsvelden welk gegevensveld u wilt wijzigen in een gegevensbalk.

  4. Controleer in hetzelfde venster of het veld dat u wilt wijzigen een vinkje heeft, en selecteer het zodat het blauw wordt gemarkeerd:

    Deelvenster Gegevensafbeeldingsvelden met het veld % voltooid ingeschakeld en geselecteerd

  5. Klik op het tabblad Gegevens op de pijl omlaag onder aan de Gegevensafbeelding-galerie.

    Gegevenstabblad, galerieknop Gegevensafbeelding

  6. Kies vervolgens een item onder Gegevensbalk.

Andere gegevensbalkeigenschappen configureren

Na het toepassen van een gegevensbalk, wilt u deze mogelijk zo configureren dat de afbeelding uw gegevens goed visualiseert. Zo wilt u misschien eigenschappen als de opmaak van de tekst wijzigen, of wilt u het bijschrijft verplaatsen.

  1. Volg de stappen 1 t/m 4 hierboven.

  2. Klik op het tabblad Gegevens op Configureren.

    Gegevenstabblad, knop Configureren

  3. Als u het algemene uiterlijk van de gegevensbalk wilt wijzigen, kiest u een andere stijl in het menu Stijl.

  4. Als u wilt wijzigen hoe de gegevensbalk 'opgevuld' wordt of voortgang aangeeft, kunt u de laagste en hoogste waarde instellen:

    • Minimumwaarde Dit is de waarde waarbij de gegevensbalk 'leeg' is. Als uw gegevens percentages zijn, is de minimumwaarde ingesteld op 0 en ziet de gegevensbalk er leeg uit bij die waarde. Maar als uw gegevens geen percentages zijn, kunt u het minimum instellen op een andere waarde. Stel bijvoorbeeld dat in de gegevens de laagste waarde 15 is. U kunt de minimumwaarde instellen op 15, zodat de gegevensbalk geen voltooiing weergeeft totdat de waarde groter is dan 15.

    • Minimumwaarde Dit is de waarde waarbij de gegevensbalk 'vol' is. Als uw gegevens percentages zijn, is de maximumwaarde ingesteld op 100 en ziet de gegevensbalk er 'vol' uit bij de waarde 100. Maar als uw gegevens geen percentages zijn, kunt u het maximum instellen op een andere waarde. Stel bijvoorbeeld dat in de gegevens de hoogste waarde 150 is. U kunt de maximumwaarde instellen op 150, zodat de gegevensbalk niet volledig gevuld wordt totdat de waarde 150 is.

  5. U kunt ook het label, de waarde en de bijschriften wijzigen. In de volgende afbeelding wordt elk van deze onderdelen geïdentificeerd. Het label is de veldnaam (of kolomnaam) van de geïmporteerde gegevens. De waarde is de werkelijke waarde van het veld. Het bijschrift is het gehele deel van de gegevensafbeelding.

    Gegevensbalkbijschrift met label en waarde

    • Labelpositie Bepaalt de positie van de veldnaam ten opzichte van de gegevensbalk. Er zijn verschillende opties: Boven, Onder, Links en Rechts zijn de meest gangbare. Er is zelfs een optie Niet weergegeven als u de veldnaam niet wilt weergeven. In het bovenstaande voorbeeld is de Labelpositie ingesteld op Boven.

    • Label Dit is de werkelijke tekst van de veldnaam. Als u dit wilt aanpassen en de standaardveldnaam die afkomstig is uit uw gegevens wilt wijzigen, kunt u [Standaard] selecteren, op Delete drukken en uw eigen tekst typen. U zou deze bijvoorbeeld kunnen wijzigen in '% gereed'.

    • Tekengrootte van label Hiermee wordt de tekengrootte van het label ingesteld.

    • Positie van waarde Met deze eigenschap wordt bepaald waar de waarde van de gegevens wordt weergegeven ten opzichte van de gegevensbalk. Er zijn verschillende opties: Binnenkant, Boven, Onder, Links, Rechts, enzovoort. Er is zelfs een optie Niet weergegeven als u de waarde niet wilt weergeven. In het bovenstaande voorbeeld is de positie van de waarde ingesteld op Binnenkant.

    • Indeling van waarde Met deze eigenschap kunt u de gegevensindeling van de waarde instellen. Klik op de knop '...' en kies vervolgens populaire indelingen zoals Getal, Valuta, Datum/tijd, enzovoort.

    • Tekengrootte van waarde Hiermee wordt de tekengrootte van de waarde ingesteld.

    • Verschuiving van bijschrift Hiermee kunt u de positie van het hele bijschrift naar links of rechts verschuiven.

    • Breedte van bijschrift Hiermee kunt u de breedte van het totale gebied van de gegevensafbeelding wijzigen. Als u een getal opgeeft, is de standaardeenheid inches. Als u bijvoorbeeld 2 typt, verandert de breedte van het gegevensafbeeldingsgebied in 2 inch. U kunt de breedte ook opgeven in punten. Als u de breedte in punten opgeeft, moet u een getal, een spatie en 'pt' gebruiken. Bijvoorbeeld: 100 pt.

  6. U kunt ook uw gegevensafbeeldingen verplaatsen.

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×