Gegevens in werkbladcellen automatisch doorvoeren

Gegevens in werkbladcellen automatisch doorvoeren

Opmerking:  We willen u graag zo snel mogelijk de meest recente Help-inhoud in uw eigen taal bieden. Deze pagina is automatisch vertaald en kan grammaticale fouten of onnauwkeurigheden bevatten. Wij hopen dat deze inhoud nuttig voor u is. Kunt u ons onder aan deze pagina laten weten of de informatie nuttig voor u was? Hier is het Engelstalige artikel ter referentie.

U hoeft gegevens niet handmatig in te voeren in een werkblad, maar kunt met de functie Automatisch doorvoeren cellen vullen met gegevens die een patroon volgen of die zijn gebaseerd op gegevens in andere cellen.

In dit artikel wordt niet uitgelegd hoe u gegevens handmatig of tegelijkertijd op meerdere werkbladen invoert. Zie het artikel Gegevens handmatig invoeren in werkbladcellen voor meer informatie over het handmatig invoeren van gegevens.

Reeds bestaande waarden in de kolom automatisch herhalen

Als de eerste tekens die u in een cel typt, overeenkomen met bestaande gegevens in die kolom, worden de overige tekens automatisch voor u ingevoerd. Alleen gegevens die bestaan uit tekst of een combinatie van tekst en getallen worden automatisch ingevoerd. Vermeldingen die uit alleen getallen, datums of tijden bestaan, worden niet automatisch ingevoerd.

Ga als volgt te werk nadat automatisch is aangevuld wat u begint te typen:

  • Als u de voorgestelde invoer wilt accepteren, drukt u op Enter.

    De voltooide invoer komt precies overeen met het patroon van hoofdletters en kleine letters in de bestaande invoer.

  • Als u de automatisch ingevoerde tekens wilt vervangen, typt u gewoon verder.

  • Als u de automatisch ingevoerde tekens wilt verwijderen, drukt u op Backspace.

Opmerking: 

  • Een gegevensitem wordt alleen aangevuld als de cursor zich aan het einde van de huidige celinhoud bevindt.

  • De gegevens die automatisch worden aangevuld moeten voorkomen in de kolom waarin de actieve cel zich bevindt. Gegevens die herhaaldelijk voorkomen in een rij, worden niet automatisch aangevuld.

Automatische aanvulling van celwaarden in- of uitschakelen

U kunt deze optie uitschakelen als u niet wilt dat celwaarden automatisch worden aangevuld.

  1. Klik op het tabblad Bestand op Opties.

  2. Klik op Uitgebreid en schakel vervolgens onder Opties voor bewerken het selectievakje Automatisch aanvullen voor celwaarden activeren in of uit. Met dit selectievakje kunt u desgewenst celwaarden automatisch laten aanvullen.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen door de vulgreep te slepen

Als u snel verschillende typen gegevensreeksen wilt doorvoeren, kunt u beter de cellen selecteren en de vulgreep De diagramselectie op het lint slepen. Als u de vulgreep wilt gebruiken, selecteert u de cellen waarvan u de inhoud wilt doorvoeren in aanvullende cellen, en sleept u de vulgreep langs de cellen die u wilt vullen.

De vulgreep wordt standaard weergegeven, maar u kunt deze verbergen (of weergeven als de vulgreep is verborgen).

Nadat u de vulgreep hebt gesleept, wordt de knop Opties voor Automatisch doorvoeren weergegeven. U kunt de knop Opties voor Automatisch doorvoeren uitschakelen als u niet steeds de opties wilt weergeven wanneer u de vulgreep sleept. Als de knop Opties voor Automatisch doorvoeren niet wordt weergegeven wanneer u de vulgreep sleept, kunt u deze inschakelen.

De vulgreep weergeven of verbergen

  1. Klik op het tabblad Bestand op Opties.

  2. Klik op Uitgebreid en schakel onder Opties voor bewerken het selectievakje Vulgreep en cellen slepen en neerzetten inschakelen in of uit om de vulgreep te verbergen of weer te geven.

  3. Schakel het selectievakje Overschrijven cellen bevestigen in om te voorkomen dat bestaande gegevens tijdens het slepen van de vulgreep worden overschreven. Als u het overschrijven van niet-lege cellen niet wilt bevestigen, kunt u dit selectievakje uitschakelen.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen door de vulgreep te slepen

  1. Selecteer de cellen met de gegevens die u in aangrenzende cellen wilt doorvoeren.

  2. Sleep de vulgreep over de cellen waarin u de gegevens wilt doorvoeren.

  3. Als u wilt wijzigen hoe u de selectie doorvoert, klikt u eerst op Opties voor Automatisch doorvoeren knopafbeelding en vervolgens op de gewenste optie.

    U kunt bijvoorbeeld opgeven dat alleen de celopmaak moet worden doorgevoerd door op Alleen opmaak doorvoeren te klikken. U kunt ook opgeven dat alleen de inhoud van een cel moet worden doorgevoerd door op Doorvoeren zonder opmaak te klikken.

Opmerking: Als u de vulgreep omhoog of naar links sleept en in de geselecteerde cellen stopt zonder de eerste kolom of bovenste rij in de selectie te passeren, worden de gegevens in de selectie verwijderd. U moet de vulgreep tot buiten het geselecteerde gebied slepen voordat u de muisknop loslaat.

Opties voor Automatisch doorvoeren in- of uitschakelen

  1. Klik op het tabblad Bestand op Opties.

  2. Klik op Uitgebreid en schakel vervolgens onder Knippen, kopiëren en plakken het selectievakje Knoppen voor plakopties weergeven in of uit wanneer inhoud wordt geplakt om deze optie in of uit te schakelen.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen met de opdracht Doorvoeren

U kunt de opdracht Doorvoeren gebruiken om de inhoud van een aangrenzende cel of van een aangrenzend bereik door te voeren in de actieve cel of in een geselecteerd bereik.

  1. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Als u de inhoud van een aangrenzende cel wilt doorvoeren in de actieve cel, selecteert u een lege cel onder, boven, links of rechts van de cel met de gegevens die u in de lege cel wilt doorvoeren.

    • Als u gegevens in meerdere aangrenzende cellen wilt doorvoeren, selecteert u de cel met de inhoud die u wilt doorvoeren en de aangrenzende cellen waarin u deze wilt doorvoeren.

  2. Ga naar het tabblad Start, klik in de groep Bewerken op Doorvoeren en klik op Omlaag, Rechts, Omhoog of Links.

Groep Cellen op het tabblad Start

Sneltoets    Als u snel de inhoud van een aangrenzende cel wilt doorvoeren in een cel, kunt u op Ctrl+D drukken om de gegevens vanuit de bovenliggende cel door te voeren of op Ctrl+R drukken om de gegevens vanuit de linkercel door te voeren (naar rechts).

Formules doorvoeren in aangrenzende cellen

  1. Selecteer de cel met de formule die u in aangrenzende cellen wilt doorvoeren.

  2. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen waarin u de formule wilt doorvoeren.

  3. Als u wilt bepalen hoe u de selectie doorvoert, klikt u eerst op Opties voor Automatisch doorvoeren knopafbeelding en vervolgens op de gewenste optie.

    Opmerking: Als het automatisch berekenen van werkmappen niet is ingeschakeld, worden formules niet opnieuw berekend wanneer u cellen doorvoert. Ga als volgt te werk als u de opties voor berekeningen in werkmappen wilt controleren:

  4. Klik op het tabblad Bestand.

  5. Klik onder Excel op Opties en klik op de categorie Formules.

  6. Kijk in de sectie Berekeningsopties onder Werkmap berekenen.

    • Automatisch    Formules automatisch opnieuw berekenen.

    • Automatisch behalve voor gegevenstabellen    Formules opnieuw berekenen, tenzij de formule zich in een gegevenstabel bevindt.

    • Handmatig    Formules nooit automatisch opnieuw berekenen.

    • Werkmap herberekenen voor opslaan    Deze optie is alleen beschikbaar als Werkmap berekenen is ingesteld op Handmatig. Als dit selectievakje is ingeschakeld, worden formules pas automatisch opnieuw berekend wanneer u de werkmap opslaat. Let erop dat diverse andere acties ervoor kunnen zorgen dat de werkmap wordt opgeslagen, zoals het gebruik van de opdracht Verzenden naar.

      Notities: 

      • U kunt ook de formule van een aangrenzende cel doorvoeren in de actieve cel. Dit doet u met de opdracht Doorvoeren (in de groep Bewerken van het tabblad Start) of door op Ctrl+D of Ctrl+R te drukken om de formule door te voeren in de cel onder of rechts van de cel met de formule.

      • U kunt een formule automatisch omlaag doorvoeren naar alle aangrenzende cellen waarop de formule van toepassing is door te dubbelklikken op de vulgreep van de eerste cel met de formule. Stel bijvoorbeeld dat cellen A1:A15 en B1:B15 getallen bevatten en dat u de formule =A1+B1 in cel C1 typt. Als u deze formule wilt kopiëren naar cellen C2:C15, selecteert u cel C1 en dubbelklikt u op de vulgreep.

Een reeks getallen, datums of andere ingebouwde reeksitems doorvoeren

U kunt snel een reeks getallen of datums met ingebouwde reeksen voor dagen, weekdagen, maanden of jaren doorvoeren in cellen in een bereik door gebruik te maken van de vulgreep of de opdracht Doorvoeren.

Een reeks doorvoeren in cellen door de vulgreep te slepen

  1. Selecteer de eerste cel in het bereik dat u wilt doorvoeren.

  2. Typ de beginwaarde voor de reeks.

  3. Typ een waarde in de volgende cel om een patroon te bepalen.

    Als u bijvoorbeeld de reeks 1, 2, 3, 4, 5,... wilt doorvoeren, typt u 1 en 2 in de eerste twee cellen. Als u de reeks 2, 4, 6, 8,... wilt doorvoeren, typt u 2 en 4. Als u de reeks 2, 2, 2, 2,... wilt doorvoeren, kunt u de tweede cel leeg laten.

  4. Selecteer de cel of de cellen met de beginwaarden.

  5. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over het bereik waarin u de reeks wilt doorvoeren.

    Als u cellen met een reeks getallen in oplopende volgorde wilt vullen, sleept u de vulgreep naar beneden of naar rechts. Als u cellen met een reeks getallen in aflopende volgorde wilt vullen, sleept u de vulgreep omhoog of naar links.

    Opmerking: 

  6. Als u het type van de reeks wilt opgeven, gebruikt u de rechtermuisknop om de vulgreep over het bereik te slepen en kiest u de juiste opdracht in het snelmenu. Als de beginwaarde bijvoorbeeld de datum JAN-2007 is, kiest u de opdracht Maanden doorvoeren voor de reeks FEB-2007, MRT-2007, enzovoort. Kies Jaren doorvoeren voor de reeks JAN-2007, JAN-2007, enzovoort.

  7. Als de selectie getallen bevat, kunt u bepalen welk type reeks u wilt samenstellen.

  8. U kunt Automatisch doorvoeren onderdrukken door Ctrl ingedrukt te houden terwijl u de vulgreep van een uit twee of meer cellen bestaande selectie sleept. De geselecteerde waarden worden dan gekopieerd naar de aangrenzende cellen en de reeks wordt niet uitgebreid.

Een reeks doorvoeren in cellen met de opdracht Doorvoeren

  1. Selecteer de eerste cel in het bereik dat u wilt doorvoeren.

  2. Typ de beginwaarde voor de reeks.

  3. Ga naar het tabblad Start, klik in de groep Bewerken op Doorvoeren en klik op Reeks.

    Groep Cellen op het tabblad Start

  4. Klik onder Type op een van de volgende opties:

    • Lineair    Klik op Lineair voor een reeks die wordt berekend door de waarde in het vak Intervalwaarde achtereenvolgens op te tellen bij iedere celwaarde.

    • Groei    Klik op Groei voor een reeks die wordt berekend door de waarde in het vak Intervalwaarde achtereenvolgens te vermenigvuldigen met iedere celwaarde.

    • Datum    Klik op Datum voor een reeks waarin datumwaarden worden doorgevoerd in een door de waarde bij Intervalwaarde bepaalde oplopende volgorde en waarin de eenheid wordt bepaald door Datumeenheid.

    • Automatisch doorvoeren    Klik op Automatisch doorvoeren voor een reeks die dezelfde resultaten produceert als het slepen van de vulgreep.

  5. Als u een patroon voor de reeks wilt instellen, typt u in de vakken Intervalwaarde en Eindwaarde de gewenste waarden.

Voorbeelden van reeksen die u kunt doorvoeren

In de tabel kunt u zien hoe reeksen worden doorgevoerd. In deze tabel worden items die door komma's worden gescheiden, in afzonderlijke aangrenzende cellen van het werkblad geplaatst.

Beginwaarden

Doorgevoerde reeks

1, 2, 3

4, 5, 6,...

09:00:00

10:00, 11:00, 12:00,...

ma

di, wo, do,...

maandag

dinsdag, woensdag, donderdag,...

jan

feb, mrt, apr,...

jan, apr

jul, okt, jan,...

jan-07, apr-07

jul-07, okt-07, jan-08,...

15-jan, 15-apr

15-jul, 15-okt,...

2007, 2008

2009, 2010, 2011,...

1-jan, 1-mrt

1-mei, 1-jul, 1-sep,...

Kwrt3 (of K3 of Kwartaal 3)

Kwrt4, Kwrt1, Kwrt2,...

tekst1, tekstA

tekst2, tekstA, tekst3, tekstA,...

1e periode

2e periode, 3e periode,...

Product 1

Product 2, Product 3,...

Gegevens doorvoeren met een aangepaste doorvoerreeks

U kunt het invoeren van een bepaalde gegevensreeks (bijvoorbeeld een namen- of verkoopregiolijst) vereenvoudigen door een aangepaste doorvoerreeks te maken. U kunt een aangepaste doorvoerreeks baseren op een lijst bestaande items in een werkblad, of u kunt de lijst opnieuw typen. U kunt ingebouwde doorvoerreeksen (zoals doorvoerreeksen voor maanden en dagen) niet bewerken of verwijderen, maar u kunt aangepaste doorvoerreeksen wel bewerken of verwijderen.

Opmerking: Een aangepaste lijst kan alleen tekst of tekst gecombineerd met getallen bevatten.

Een aangepaste doorvoerreeks baseren op een bestaande lijst met items

  1. Selecteer in een werkblad de lijst met items die u in de doorvoerreeks wilt gebruiken.

  2. Klik op het tabblad Bestand op Opties.

  3. Klik op Geavanceerd en klik onder Algemeen op de knop Aangepaste lijsten bewerken.

  4. Controleer of de celverwijzing van de geselecteerde lijst met items wordt weergegeven in het vak Lijst importeren uit cellen en klik op Importeren.

    De items in de lijst die u hebt geselecteerd, worden toegevoegd aan het vak Aangepaste lijsten.

  5. Klik tweemaal op OK.

  6. Klik op een cel in het werkblad en typ het item in de aangepaste doorvoerreeks waarmee u de lijst wilt beginnen.

  7. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen waarin u de formule wilt doorvoeren.

Een aangepaste doorvoerreeks baseren op een nieuwe lijst met items

  1. Klik op het tabblad Bestand op Opties.

  2. Klik op Geavanceerd en klik onder Algemeen op Aangepaste lijsten bewerken.

  3. Klik in het vak Aangepaste lijsten op NIEUWE LIJST en typ de items is het vak Gegevens in lijst, te beginnen met het eerste item.

  4. Druk na elk item op Enter.

  5. Wanneer de lijst compleet is, klikt u eerst op Toevoegen en vervolgens tweemaal op OK.

  6. Klik op een cel in het werkblad en typ het item in de aangepaste doorvoerreeks waarmee u de lijst wilt beginnen.

  7. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt vullen.

Een aangepaste doorvoerreeks bewerken of verwijderen

  1. Klik op het tabblad Bestand op Opties.

  2. Klik op de categorie Geavanceerd en klik onder Algemeen op Aangepaste lijsten bewerken.

  3. Selecteer in het vak Aangepaste lijsten de lijst die u wilt verwijderen of bewerken en voer vervolgens een van de volgende handelingen uit:

    • Als u de doorvoerreeks wilt bewerken, typt u de gewenste wijzigingen in het vak Gegevens in lijst en klikt u op Toevoegen.

    • Als u de doorvoerreeks wilt verwijderen, klikt u op Verwijderen.

In dit artikel wordt niet uitgelegd hoe u gegevens handmatig of tegelijkertijd op meerdere werkbladen invoert. Zie het artikel Gegevens handmatig invoeren in werkbladcellen voor meer informatie over het handmatig invoeren van gegevens.

Reeds bestaande waarden in de kolom automatisch herhalen

Als de eerste tekens die u in een cel typt, overeenkomen met bestaande gegevens in die kolom, worden de overige tekens automatisch voor u ingevoerd. Alleen gegevens die bestaan uit tekst of een combinatie van tekst en getallen worden automatisch ingevoerd. Vermeldingen die uit alleen getallen, datums of tijden bestaan, worden niet automatisch ingevoerd.

Ga als volgt te werk nadat automatisch is aangevuld wat u begint te typen:

  • Als u de voorgestelde invoer wilt accepteren, drukt u op ENTER.

    De voltooide invoer komt precies overeen met het patroon van hoofdletters en kleine letters in de bestaande invoer.

  • Als u de automatisch ingevoerde tekens wilt vervangen, typt u gewoon verder.

  • Als u de automatisch ingevoerde tekens wilt verwijderen, drukt u op BACKSPACE.

Notities: 

  • Een gegevensitem wordt alleen aangevuld als de cursor zich aan het einde van de huidige celinhoud bevindt.

  • De gegevens die automatisch worden aangevuld moeten voorkomen in de kolom waarin de actieve cel zich bevindt. Gegevens die herhaaldelijk voorkomen in een rij, worden niet automatisch aangevuld.

Automatische aanvulling van celwaarden uitschakelen

U kunt deze optie uitschakelen als u niet wilt dat celwaarden automatisch worden aangevuld.

  1. Klik op het tabblad Bestand.

  2. Klik onder Excel op Opties.

  3. Klik op Uitgebreid en schakel vervolgens onder Opties voor bewerken het selectievakje Automatisch aanvullen voor celwaarden activeren in of uit. Met dit selectievakje kunt u desgewenst celwaarden automatisch laten aanvullen.

De vulgreep gebruiken om gegevens in te vullen

Als u snel verschillende typen gegevensreeksen wilt doorvoeren, kunt u beter de cellen selecteren en de vulgreep De diagramselectie op het lint slepen. Als u de vulgreep wilt gebruiken, selecteert u de cellen waarvan u de inhoud wilt doorvoeren in aanvullende cellen, en sleept u de vulgreep langs de cellen die u wilt vullen.

De vulgreep verbergen of weergeven

De vulgreep wordt standaard weergegeven, maar u kunt deze verbergen (of weergeven als de vulgreep is verborgen).

  1. Klik op het tabblad Bestand.

  2. Klik onder Excel op Opties.

  3. Klik op Uitgebreid en schakel onder Opties voor bewerken het selectievakje Vulgreep en cellen slepen en neerzetten inschakelen uit of in om de vulgreep weer te geven of te verbergen.

  4. Schakel het selectievakje Overschrijven cellen bevestigen in om te voorkomen dat bestaande gegevens tijdens het slepen van de vulgreep worden overschreven. Als u het overschrijven van niet-lege cellen niet wilt bevestigen, kunt u dit selectievakje uitschakelen.

Opties voor automatisch doorvoeren gebruiken om te wijzigen hoe de selectie wordt gevuld

Nadat u de vulgreep hebt gesleept, wordt de knop Opties voor automatisch doorvoeren knopafbeelding weergegeven, zodat u kunt wijzigen hoe de selectie wordt doorgevoerd. U kunt bijvoorbeeld opgeven dat alleen de celopmaak moet worden doorgevoerd door op Alleen opmaak doorvoeren te klikken. U kunt ook opgeven dat alleen de inhoud van een cel moet worden doorgevoerd door op Doorvoeren zonder opmaak te klikken.

Opties voor Automatisch doorvoeren in- of uitschakelen

U kunt de knop Opties voor Automatisch doorvoeren uitschakelen als u niet steeds de opties wilt weergeven wanneer u de vulgreep sleept. Als de knop Opties voor Automatisch doorvoeren niet wordt weergegeven wanneer u de vulgreep sleept, kunt u deze inschakelen.

  1. Klik op het tabblad Bestand.

  2. Klik onder Excel op Opties.

  3. Klik op Uitgebreid en schakel vervolgens onder Knippen, kopiëren en plakken het selectievakje Knoppen voor plakopties weergeven uit wanneer inhoud wordt geplakt.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen met de opdracht Doorvoeren

U kunt de opdracht Doorvoeren gebruiken om de inhoud van een aangrenzende cel of van een aangrenzend bereik door te voeren in de actieve cel of een geselecteerd bereik of u kunt snel aangrenzende cellen vullen door de vulgreep De diagramselectie op het lint te slepen.

De inhoud van een aangrenzende cel doorvoeren in de actieve cel

  1. Selecteer een lege cel onder, boven, links of rechts van de cel met de gegevens die u in de lege cel wilt doorvoeren.

  2. Ga naar het tabblad Start, klik in de groep Bewerken op Doorvoeren en klik op Omlaag, Rechts, Omhoog of Links.

Groep Cellen op het tabblad Start

Tip: Als u snel de inhoud van een aangrenzende cel wilt doorvoeren in een cel, kunt u op Ctrl+D drukken om de gegevens vanuit de bovenliggende cel door te voeren of op Ctrl+R drukken om de gegevens vanuit de linkercel door te voeren (naar rechts). Om een cel met de inhoud van een cel eronder door te voeren (dat wil zeggen, omhoog doorvoeren), klikt u op het tabblad Start in de groep Bewerken op Doorvoeren en vervolgens op Omhoog. Om een cel met de inhoud van een cel rechts door te voeren (dat wil zeggen, links doorvoeren), klikt u op het tabblad Start in de groep Bewerken op Doorvoeren en vervolgens op Links.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen door de vulgreep te slepen

  1. Selecteer de cellen met de gegevens die u in aangrenzende cellen wilt doorvoeren.

  2. Sleep de vulgreep over de cellen waarin u de gegevens wilt doorvoeren.

  3. Als u wilt wijzigen hoe u de selectie doorvoert, klikt u eerst op Opties voor Automatisch doorvoeren knopafbeelding en vervolgens op de gewenste optie.

Opmerking: Als u de vulgreep omhoog of naar links sleept en in de geselecteerde cellen stopt zonder de eerste kolom of bovenste rij in de selectie te passeren, worden de gegevens in de selectie verwijderd. U moet de vulgreep tot buiten het geselecteerde gebied slepen voordat u de muisknop loslaat.

Formules doorvoeren in aangrenzende cellen

  1. Selecteer de cel met de formule die u in aangrenzende cellen wilt doorvoeren.

  2. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt doorvoeren.

  3. Als u wilt bepalen hoe u de selectie doorvoert, klikt u eerst op Opties voor Automatisch doorvoeren knopafbeelding en vervolgens op de gewenste optie.

    Opmerking: Als het automatisch berekenen van werkmappen niet is ingeschakeld, worden formules niet opnieuw berekend wanneer u cellen doorvoert. Ga als volgt te werk als u de opties voor berekeningen in werkmappen wilt controleren:

  4. Klik op het tabblad Bestand.

  5. Klik onder Excel op Opties en klik op de categorie Formules.

  6. Kijk in de sectie Berekeningsopties onder Werkmap berekenen.

    • Automatisch    Formules automatisch opnieuw berekenen.

    • Automatisch behalve voor gegevenstabellen    Formules opnieuw berekenen, tenzij de formule zich in een gegevenstabel bevindt.

    • Handmatig    Formules nooit automatisch opnieuw berekenen.

    • Werkmap herberekenen voor opslaan    Deze optie is alleen beschikbaar als Werkmap berekenen is ingesteld op Handmatig. Als dit selectievakje is ingeschakeld, worden formules pas automatisch opnieuw berekend wanneer u de werkmap opslaat. Let erop dat diverse andere acties ervoor kunnen zorgen dat de werkmap wordt opgeslagen, zoals het gebruik van de opdracht Verzenden naar.

Tips

  • U kunt ook de formule van een aangrenzende cel doorvoeren in de actieve cel. Dit doet u met de opdracht Doorvoeren (in de groep Bewerken van het tabblad Start) of door op Ctrl+D of Ctrl+R te drukken om de formule door te voeren in de cel onder of rechts van de cel met de formule.

  • U kunt een formule automatisch omlaag doorvoeren naar alle aangrenzende cellen waarop de formule van toepassing is door te dubbelklikken op de vulgreep van de eerste cel met de formule. Stel bijvoorbeeld dat cellen A1:A15 en B1:B15 getallen bevatten en dat u de formule =A1+B1 in cel C1 typt. Als u deze formule wilt kopiëren naar cellen C2:C15, selecteert u cel C1 en dubbelklikt u op de vulgreep.

Een reeks getallen, datums of andere ingebouwde reeksitems doorvoeren

Met de vulgreep kunt u snel een reeks getallen of datums met ingebouwde reeksen voor dagen, weekdagen, maanden of jaren doorvoeren in cellen in een bereik.

  1. Selecteer de eerste cel in het bereik dat u wilt doorvoeren.

  2. Typ de beginwaarde voor de reeks.

  3. Typ een waarde in de volgende cel om een patroon te bepalen.

    Als u bijvoorbeeld de reeks 1, 2, 3, 4, 5,... wilt doorvoeren, typt u 1 en 2 in de eerste twee cellen. Als u de reeks 2, 4, 6, 8,... wilt doorvoeren, typt u 2 en 4. Als u de reeks 2, 2, 2, 2,... wilt doorvoeren, kunt u de tweede cel leeg laten.

Voorbeelden van reeksen die u kunt doorvoeren

In de tabel kunt u zien hoe reeksen worden doorgevoerd. In deze tabel worden items die door komma's worden gescheiden, in afzonderlijke aangrenzende cellen van het werkblad geplaatst.

Beginwaarden

Doorgevoerde reeks

1, 2, 3

4, 5, 6,...

09:00:00

10:00, 11:00, 12:00,...

ma

di, wo, do,...

maandag

dinsdag, woensdag, donderdag,...

jan

feb, mrt, apr,...

jan, apr

jul, okt, jan,...

jan-07, apr-07

jul-07, okt-07, jan-08,...

15-jan, 15-apr

15-jul, 15-okt,...

2007, 2008

2009, 2010, 2011,...

1-jan, 1-mrt

1-mei, 1-jul, 1-sep,...

Kwrt3 (of K3 of Kwartaal 3)

Kwrt4, Kwrt1, Kwrt2,...

tekst1, tekstA

tekst2, tekstA, tekst3, tekstA,...

1e periode

2e periode, 3e periode,...

Product 1

Product 2, Product 3,...

  1. Selecteer de cel of de cellen met de beginwaarden.

  2. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over het bereik waarin u de reeks wilt doorvoeren.

    Als u cellen met een reeks getallen in oplopende volgorde wilt vullen, sleept u de vulgreep naar beneden of naar rechts. Als u cellen met een reeks getallen in aflopende volgorde wilt vullen, sleept u de vulgreep omhoog of naar links.

Tips

  • Als u het type van de reeks wilt opgeven, gebruikt u de rechtermuisknop om de vulgreep over het bereik te slepen en kiest u de juiste opdracht in het snelmenu. Als de beginwaarde bijvoorbeeld de datum JAN-2007 is, kiest u de opdracht Maanden doorvoeren voor de reeks FEB-2007, MRT-2007, enzovoort. Kies Jaren doorvoeren voor de reeks JAN-2007, JAN-2007, enzovoort.

  • Als de selectie getallen bevat, kunt u bepalen welk type reeks u wilt samenstellen.

Cellen vullen met een reeks getallen

  1. Ga naar het tabblad Start, klik in de groep Bewerken op Doorvoeren en klik op Reeks.

    Groep Cellen op het tabblad Start

  2. Klik onder Type op een van de volgende opties:

    • Lineair    Klik op Lineair voor een reeks die wordt berekend door de waarde in het vak Intervalwaarde achtereenvolgens op te tellen bij iedere celwaarde.

    • Groei    Klik op Groei voor een reeks die wordt berekend door de waarde in het vak Intervalwaarde achtereenvolgens te vermenigvuldigen met iedere celwaarde.

    • Datum    Klik op Datum voor een reeks waarin datumwaarden worden doorgevoerd in een door de waarde bij Intervalwaarde bepaalde oplopende volgorde en waarin de eenheid wordt bepaald door Datumeenheid.

    • Automatisch doorvoeren    Klik op Automatisch doorvoeren voor een reeks die dezelfde resultaten produceert als het slepen van de vulgreep.

  3. U kunt Automatisch doorvoeren onderdrukken door Ctrl ingedrukt te houden terwijl u de vulgreep van een uit twee of meer cellen bestaande selectie sleept. De geselecteerde waarden worden dan gekopieerd naar de aangrenzende cellen en de reeks wordt niet uitgebreid.

Gegevens doorvoeren met een aangepaste doorvoerreeks

U kunt het invoeren van een bepaalde gegevensreeks (bijvoorbeeld een namen- of verkoopregiolijst) vereenvoudigen door een aangepaste doorvoerreeks te maken. U kunt een aangepaste doorvoerreeks baseren op een lijst bestaande items in een werkblad, of u kunt de lijst opnieuw typen. U kunt ingebouwde doorvoerreeksen (zoals doorvoerreeksen voor maanden en dagen) niet bewerken of verwijderen, maar u kunt aangepaste doorvoerreeksen wel bewerken of verwijderen.

Opmerking: Een aangepaste lijst kan alleen tekst of tekst gecombineerd met getallen bevatten. Voor een aangepaste lijst met alleen getallen, bijvoorbeeld 0 tot en met 100, maakt u eerst een lijst met getallen die is opgemaakt als tekst.

Getallen opmaken als tekst

  1. Selecteer voldoende cellen voor de lijst met getallen die u wilt opmaken als tekst.

  2. Klik op het tabblad Start in de groep Getal op de pijl op het vak Getalnotatie en klik vervolgens op Tekst.

Groep Cellen op het tabblad Start

Tip: U moet mogelijk op Meer getalnotaties klikken om de Tekst-notatie in de lijst weer te geven.

  1. Typ in de opgemaakte cellen de lijst met getallen.

Een aangepaste doorvoerreeks baseren op een bestaande lijst met items

  1. Selecteer in een werkblad de lijst met items die u in de doorvoerreeks wilt gebruiken.

  2. Klik op het tabblad Bestand.

  3. Klik onder Excel op Opties.

  4. Klik op Geavanceerd en klik onder Algemeen op Aangepaste lijsten bewerken.

  5. Controleer of de celverwijzing van de geselecteerde lijst met items wordt weergegeven in het vak Lijst importeren uit cellen en klik op Importeren.

    De items in de lijst die u hebt geselecteerd, worden toegevoegd aan het vak Aangepaste lijsten.

  6. Klik tweemaal op OK.

  7. Klik op een cel in het werkblad en typ het item in de aangepaste doorvoerreeks waarmee u de lijst wilt beginnen.

  8. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt doorvoeren.

Een aangepaste doorvoerreeks baseren op een nieuwe lijst met items

  1. Klik op het tabblad Bestand.

  2. Klik onder Excel op Opties.

  3. Klik op Geavanceerd en klik onder Algemeen op Aangepaste lijsten bewerken.

  4. Klik in het vak Aangepaste lijsten op NIEUWE LIJST en typ de items is het vak Gegevens in lijst, te beginnen met het eerste item.

  5. Druk na elk item op Enter.

  6. Wanneer de lijst compleet is, klikt u eerst op Toevoegen en vervolgens tweemaal op OK.

  7. Klik op een cel in het werkblad en typ het item in de aangepaste doorvoerreeks waarmee u de lijst wilt beginnen.

  8. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt doorvoeren.

Een aangepaste doorvoerreeks bewerken of verwijderen

  1. Klik op het tabblad Bestand.

  2. Klik onder Excel op Opties.

  3. Klik op de categorie Geavanceerd en klik onder Algemeen op Aangepaste lijsten bewerken.

  4. Selecteer in het vak Aangepaste lijsten de lijst die u wilt verwijderen of bewerken en voer vervolgens een van de volgende handelingen uit:

    • Als u de doorvoerreeks wilt bewerken, typt u de gewenste wijzigingen in het vak Gegevens in lijst en klikt u op Toevoegen.

    • Als u de doorvoerreeks wilt verwijderen, klikt u op Verwijderen.

Naar boven

U hoeft gegevens niet handmatig in te voeren in een werkblad, maar kunt met de functie Automatisch doorvoeren cellen vullen met gegevens die een patroon volgen of die zijn gebaseerd op gegevens in andere cellen. In dit artikel wordt niet uitgelegd hoe u gegevens handmatig of tegelijkertijd op meerdere werkbladen invoert. Zie het artikel Gegevens handmatig invoeren voor informatie over het handmatig invoeren van gegevens.

Reeds bestaande waarden in de kolom automatisch herhalen

Als de eerste tekens die u in een cel typt, overeenkomen met bestaande gegevens in die kolom, worden de overige tekens automatisch voor u ingevoerd. Alleen gegevens die bestaan uit tekst of een combinatie van tekst en getallen worden automatisch ingevoerd. Vermeldingen die uit alleen getallen, datums of tijden bestaan, worden niet automatisch ingevoerd.

Ga als volgt te werk nadat automatisch is aangevuld wat u begint te typen:

  • Als u de voorgestelde invoer wilt accepteren, drukt u op ENTER.

    De voltooide invoer komt precies overeen met het patroon van hoofdletters en kleine letters in de bestaande invoer.

  • Als u de automatisch ingevoerde tekens wilt vervangen, typt u gewoon verder.

  • Als u de automatisch ingevoerde tekens wilt verwijderen, drukt u op BACKSPACE.

Notities: 

  • Een gegevensitem wordt alleen aangevuld als de cursor zich aan het einde van de huidige celinhoud bevindt.

  • De gegevens die automatisch worden aangevuld moeten voorkomen in de kolom waarin de actieve cel zich bevindt. Gegevens die herhaaldelijk voorkomen in een rij, worden niet automatisch aangevuld.

Automatische aanvulling van celwaarden uitschakelen

U kunt deze optie uitschakelen als u niet wilt dat celwaarden automatisch worden aangevuld.

  1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

  2. Klik op Uitgebreid en schakel vervolgens onder Opties voor bewerken het selectievakje Automatisch aanvullen voor celwaarden activeren in of uit. Met dit selectievakje kunt u desgewenst celwaarden automatisch laten aanvullen.

De vulgreep gebruiken om gegevens in te vullen

Als u snel verschillende typen gegevensreeksen wilt doorvoeren, kunt u beter de cellen selecteren en de vulgreep De diagramselectie op het lint slepen. Als u de vulgreep wilt gebruiken, selecteert u de cellen waarvan u de inhoud wilt doorvoeren in aanvullende cellen, en sleept u de vulgreep langs de cellen die u wilt vullen.

De vulgreep verbergen of weergeven

De vulgreep wordt standaard weergegeven, maar u kunt deze verbergen (of weergeven als de vulgreep is verborgen).

  1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

  2. Klik op Uitgebreid en schakel onder Opties voor bewerken het selectievakje Vulgreep en cellen slepen en neerzetten inschakelen uit of in om de vulgreep te verbergen of weer te geven.

  3. Schakel het selectievakje Overschrijven cellen bevestigen in om te voorkomen dat bestaande gegevens tijdens het slepen van de vulgreep worden overschreven. Als u het overschrijven van niet-lege cellen niet wilt bevestigen, kunt u dit selectievakje uitschakelen.

Opties voor automatisch doorvoeren gebruiken om te wijzigen hoe de selectie wordt gevuld

Nadat u de vulgreep hebt gesleept, wordt de knop Opties voor automatisch doorvoeren knopafbeelding weergegeven, zodat u kunt wijzigen hoe de selectie wordt doorgevoerd. U kunt bijvoorbeeld opgeven dat alleen de celopmaak moet worden doorgevoerd door op Alleen opmaak doorvoeren te klikken. U kunt ook opgeven dat alleen de inhoud van een cel moet worden doorgevoerd door op Doorvoeren zonder opmaak te klikken.

Opties voor Automatisch doorvoeren in- of uitschakelen

U kunt de knop Opties voor Automatisch doorvoeren uitschakelen als u niet steeds de opties wilt weergeven wanneer u de vulgreep sleept. Als de knop Opties voor Automatisch doorvoeren niet wordt weergegeven wanneer u de vulgreep sleept, kunt u deze inschakelen.

  1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

  2. Klik op Uitgebreid en schakel vervolgens onder Knippen, kopiëren en plakken het selectievakje Knoppen voor plakopties weergeven uit.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen met de opdracht Doorvoeren

U kunt de opdracht Doorvoeren gebruiken om de inhoud van een aangrenzende cel of van een aangrenzend bereik door te voeren in de actieve cel of een geselecteerd bereik of u kunt snel aangrenzende cellen vullen door de vulgreep De diagramselectie op het lint te slepen.

De inhoud van een aangrenzende cel doorvoeren in de actieve cel

  1. Selecteer een lege cel onder, boven, links of rechts van de cel met de gegevens die u in de lege cel wilt doorvoeren.

  2. Ga naar het tabblad Start, klik in de groep Bewerken op Doorvoeren en klik op Omlaag, Rechts, Omhoog of Links.

    afbeelding van excel-lint

Tip: Als u snel de inhoud van een aangrenzende cel wilt doorvoeren in een cel, kunt u op Ctrl+D drukken om de gegevens vanuit de bovenliggende cel door te voeren of op Ctrl+R drukken om de gegevens vanuit de linkercel door te voeren (naar rechts). Om een cel met de inhoud van een cel eronder door te voeren (dat wil zeggen, omhoog doorvoeren), klikt u op het tabblad Start in de groep Bewerken op Doorvoeren en vervolgens op Omhoog. Om een cel met de inhoud van een cel rechts door te voeren (dat wil zeggen, links doorvoeren), klikt u op het tabblad Start in de groep Bewerken op Doorvoeren en vervolgens op Links.

Gegevens doorvoeren in aangrenzende cellen door de vulgreep te slepen

  1. Selecteer de cellen met de gegevens die u in aangrenzende cellen wilt doorvoeren.

  2. Sleep de vulgreep over de cellen waarin u de gegevens wilt doorvoeren.

  3. Als u wilt wijzigen hoe u de selectie doorvoert, klikt u eerst op Opties voor Automatisch doorvoeren knopafbeelding en vervolgens op de gewenste optie.

Opmerking: Als u de vulgreep omhoog of naar links sleept en in de geselecteerde cellen stopt zonder de eerste kolom of bovenste rij in de selectie te passeren, worden de gegevens in de selectie verwijderd. U moet de vulgreep tot buiten het geselecteerde gebied slepen voordat u de muisknop loslaat.

Formules doorvoeren in aangrenzende cellen

  1. Selecteer de cel met de formule die u in aangrenzende cellen wilt doorvoeren.

  2. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt doorvoeren.

  3. Als u wilt bepalen hoe u de selectie doorvoert, klikt u eerst op Opties voor Automatisch doorvoeren knopafbeelding en vervolgens op de gewenste optie.

Opmerking: Als het automatisch berekenen van werkmappen niet is ingeschakeld, worden formules niet opnieuw berekend wanneer u cellen doorvoert. Ga als volgt te werk als u de opties voor berekeningen in werkmappen wilt controleren:

  1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop , klik op Opties voor Excel en klik vervolgens op de categorie Formules.

  2. Kijk in de sectie Berekeningsopties onder Werkmap berekenen.

    • Automatisch    Formules automatisch opnieuw berekenen.

    • Automatisch behalve voor gegevenstabellen    Formules opnieuw berekenen, tenzij de formule zich in een gegevenstabel bevindt.

    • Handmatig    Formules nooit automatisch opnieuw berekenen.

    • Werkmap herberekenen voor opslaan    Deze optie is alleen beschikbaar als Werkmap berekenen is ingesteld op Handmatig. Als dit selectievakje is ingeschakeld, worden formules pas automatisch opnieuw berekend wanneer u de werkmap opslaat. Let erop dat diverse andere acties ervoor kunnen zorgen dat de werkmap wordt opgeslagen, zoals het gebruik van de opdracht Verzenden naar.

Tips

  • U kunt ook de formule van een aangrenzende cel doorvoeren in de actieve cel. Dit doet u met de opdracht Doorvoeren (in de groep Bewerken van het tabblad Start) of door op Ctrl+D of Ctrl+R te drukken om de formule door te voeren in de cel onder of rechts van de cel met de formule.

  • U kunt een formule automatisch omlaag doorvoeren naar alle aangrenzende cellen waarop de formule van toepassing is door te dubbelklikken op de vulgreep van de eerste cel met de formule. Stel bijvoorbeeld dat cellen A1:A15 en B1:B15 getallen bevatten en dat u de formule =A1+B1 in cel C1 typt. Als u deze formule wilt kopiëren naar cellen C2:C15, selecteert u cel C1 en dubbelklikt u op de vulgreep.

Een reeks getallen, datums of andere ingebouwde reeksitems doorvoeren

Met de vulgreep kunt u snel een reeks getallen of datums met ingebouwde reeksen voor dagen, weekdagen, maanden of jaren doorvoeren in cellen in een bereik.

  1. Selecteer de eerste cel in het bereik dat u wilt doorvoeren.

  2. Typ de beginwaarde voor de reeks.

  3. Typ een waarde in de volgende cel om een patroon te bepalen.

    Als u bijvoorbeeld de reeks 1, 2, 3, 4, 5,... wilt doorvoeren, typt u 1 en 2 in de eerste twee cellen. Als u de reeks 2, 4, 6, 8,... wilt doorvoeren, typt u 2 en 4. Als u de reeks 2, 2, 2, 2,... wilt doorvoeren, kunt u de tweede cel leeg laten.

    Meer voorbeelden van reeksen die u kunt doorvoeren

    In de tabel kunt u zien hoe reeksen worden doorgevoerd. In deze tabel worden items die door komma's worden gescheiden, in afzonderlijke aangrenzende cellen van het werkblad geplaatst.

Beginwaarden

Doorgevoerde reeks

1, 2, 3

4, 5, 6,...

09:00:00

10:00, 11:00, 12:00,...

ma

di, wo, do,...

maandag

dinsdag, woensdag, donderdag,...

jan

feb, mrt, apr,...

jan, apr

jul, okt, jan,...

jan-07, apr-07

jul-07, okt-07, jan-08,...

15-jan, 15-apr

15-jul, 15-okt,...

2007, 2008

2009, 2010, 2011,...

1-jan, 1-mrt

1-mei, 1-jul, 1-sep,...

Kwrt3 (of K3 of Kwartaal 3)

Kwrt4, Kwrt1, Kwrt2,...

tekst1, tekstA

tekst2, tekstA, tekst3, tekstA,...

1e periode

2e periode, 3e periode,...

Product 1

Product 2, Product 3,...

  1. Selecteer de cel of de cellen met de beginwaarden.

  2. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over het bereik waarin u de reeks wilt doorvoeren.

    Als u cellen met een reeks getallen in oplopende volgorde wilt vullen, sleept u de vulgreep naar beneden of naar rechts. Als u cellen met een reeks getallen in aflopende volgorde wilt vullen, sleept u de vulgreep omhoog of naar links.

Tips

  • Als u het type van de reeks wilt opgeven, gebruikt u de rechtermuisknop om de vulgreep over het bereik te slepen en kiest u de juiste opdracht in het snelmenu. Als de beginwaarde bijvoorbeeld de datum JAN-2007 is, kiest u de opdracht Maanden doorvoeren voor de reeks FEB-2007, MRT-2007, enzovoort. Kies Jaren doorvoeren voor de reeks JAN-2007, JAN-2007, enzovoort.

  • Als de selectie getallen bevat, kunt u bepalen welk type reeks u wilt samenstellen.

    Cellen vullen met een reeks getallen

    1. Ga naar het tabblad Start, klik in de groep Bewerken op Doorvoeren en klik op Reeks.

      afbeelding van excel-lint

    2. Klik onder Type op een van de volgende opties:

      • Lineair    Klik op Lineair voor een reeks die wordt berekend door de waarde in het vak Intervalwaarde achtereenvolgens op te tellen bij iedere celwaarde.

      • Groei    Klik op Groei voor een reeks die wordt berekend door de waarde in het vak Intervalwaarde achtereenvolgens te vermenigvuldigen met iedere celwaarde.

      • Datum    Klik op Datum voor een reeks waarin datumwaarden worden doorgevoerd in een door de waarde bij Intervalwaarde bepaalde oplopende volgorde en waarin de eenheid wordt bepaald door Datumeenheid.

      • Automatisch doorvoeren    Klik op Automatisch doorvoeren voor een reeks die dezelfde resultaten produceert als het slepen van de vulgreep.

  • U kunt Automatisch doorvoeren onderdrukken door Ctrl ingedrukt te houden terwijl u de vulgreep van een uit twee of meer cellen bestaande selectie sleept. De geselecteerde waarden worden dan gekopieerd naar de aangrenzende cellen en de reeks wordt niet uitgebreid.

Gegevens doorvoeren met een aangepaste doorvoerreeks

U kunt het invoeren van een bepaalde gegevensreeks (bijvoorbeeld een namen- of verkoopregiolijst) vereenvoudigen door een aangepaste doorvoerreeks te maken. U kunt een aangepaste doorvoerreeks baseren op een lijst bestaande items in een werkblad, of u kunt de lijst opnieuw typen. U kunt ingebouwde doorvoerreeksen (zoals doorvoerreeksen voor maanden en dagen) niet bewerken of verwijderen, maar u kunt aangepaste doorvoerreeksen wel bewerken of verwijderen.

Opmerking: Een aangepaste lijst kan alleen tekst of tekst gecombineerd met getallen bevatten. Voor een aangepaste lijst met alleen getallen, bijvoorbeeld 0 tot en met 100, maakt u eerst een lijst met getallen die is opgemaakt als tekst.

Getallen opmaken als tekst

  1. Selecteer voldoende cellen voor de lijst met getallen die u wilt opmaken als tekst.

  2. Klik op het tabblad Start in de groep Getal op de pijl op het vak Getalnotatie en klik vervolgens op Tekst.

    afbeelding van excel-lint

    Tip: U moet mogelijk op Meer klikken om de Tekst-notatie in de lijst weer te geven.

  3. Typ in de opgemaakte cellen de lijst met getallen.

Een aangepaste doorvoerreeks baseren op een bestaande lijst met items

  1. Selecteer in een werkblad de lijst met items die u in de doorvoerreeks wilt gebruiken.

  2. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

  3. Klik op Populair en klik vervolgens onder Belangrijkste opties voor het werken met Excel op Aangepaste lijsten bewerken.

  4. Controleer of de celverwijzing van de geselecteerde lijst met items wordt weergegeven in het vak Lijst importeren uit cellen en klik op Importeren.

    De items in de lijst die u hebt geselecteerd, worden toegevoegd aan het vak Aangepaste lijsten.

  5. Klik tweemaal op OK.

  6. Klik op een cel in het werkblad en typ het item in de aangepaste doorvoerreeks waarmee u de lijst wilt beginnen.

  7. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt doorvoeren.

Een aangepaste doorvoerreeks baseren op een nieuwe lijst met items

  1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

  2. Klik op Populair en klik vervolgens onder Belangrijkste opties voor het werken met Excel op Aangepaste lijsten bewerken.

  3. Klik in het vak Aangepaste lijsten op NIEUWE LIJST en typ de items is het vak Gegevens in lijst, te beginnen met het eerste item.

    Druk na elk item op Enter.

  4. Wanneer de lijst compleet is, klikt u eerst op Toevoegen en vervolgens tweemaal op OK.

  5. Klik op een cel in het werkblad en typ het item in de aangepaste doorvoerreeks waarmee u de lijst wilt beginnen.

  6. Sleep de vulgreep De diagramselectie op het lint over de cellen die u wilt doorvoeren.

Een aangepaste doorvoerreeks bewerken of verwijderen

  1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

  2. Klik op de categorie Populair en klik vervolgens onder Belangrijkste opties voor het werken met Excel op Aangepaste lijsten bewerken.

  3. Selecteer in het vak Aangepaste lijsten de lijst die u wilt verwijderen of bewerken en voer vervolgens een van de volgende handelingen uit:

    • Als u de doorvoerreeks wilt bewerken, typt u de gewenste wijzigingen in het vak Gegevens in lijst en klikt u op Toevoegen.

    • Als u de doorvoerreeks wilt verwijderen, klikt u op Verwijderen.

Naar boven

Wist u dat...

Als u geen Office 365-abonnement hebt of niet over de nieuwste versie van Office beschikt, kunt u deze nu proberen:

Office 365 of de laatste versie van Excel proberen

Hebt u een vraag over een bepaalde functie?

Stel een vraag op het forum van de Excel-community

Help ons Excel verbeteren

Hebt u suggesties voor het verbeteren van de volgende versie van Excel? Als dat het geval is, kijk dan eens naar de onderwerpen op Excel User Voice (Engelstalig).

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×