Een macro toewijzen aan een formulier of een besturingsknop

U kunt een knop (een formulierbesturingselement) of een opdrachtknop (een ActiveX-besturingselement) gebruiken als u een macro wilt uitvoeren waarmee een actie wordt uitgevoerd wanneer een gebruiker op deze knop klikt.

Een formulierbesturingselement Knop en een ActiveX-besturingselement Opdrachtknop worden ook wel push-knoppen genoemd. U kunt een knop of een opdrachtknop gebruiken om het afdrukken van een werkblad, het filteren van gegevens of het berekenen van getallen te automatiseren. Een formulierbesturingselement Knop en een ActiveX-besturingselement Opdrachtknop lijken erg veel op elkaar wat betreft uiterlijk en functie. Er zijn echter echter een paar verschillen, die in de volgende secties worden beschreven.

Knop (formulierbesturingselement)

voorbeeld van een besturingselement knop van de werkbalk formulieren

Opdrachtknop (ActiveX-besturingselement)

Voorbeeld van een ActiveX-besturingselement Opdrachtknop

Macro's en VBA-hulpprogramma's vindt u op het tabblad Ontwikkelaars. Aangezien dit tabblad standaard is verborgen, moet u het eerst weergeven.

Tabblad Ontwikkelaars op het lint

U doet dit als volgt:

  • In Excel 2016, Excel 2013 enExcel 2010

    1. Ga naar Bestand > Opties > Lint aanpassen.

    2. Schakel in de categorie Lint aanpassen in de lijst Hoofdtabbladen het selectievakje Ontwikkelaars in. Klik vervolgens op OK.

      Het lint aanpassen
  • In Excel 2007

    1. Klik op de Microsoft Office-knop afbeelding office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

      excel-opties
    2. Schakel in de categorie Populair, onder Belangrijke opties voor het werken met Excel, het selectievakje Tabblad Ontwikkelaars op het lint weergeven in en klik op OK.

      Optie Tabblad Ontwikkelaars weergeven op het lint

Een knop toevoegen (formulierbesturingselement)

  1. Ga naar het tabblad Ontwikkelaars en klik in de groep Besturingselementen op Invoegen en klik vervolgens bij Formulierbesturingselementen op Knop Knopafbeelding .

    Het Access-lint

  2. Klik in het werkblad op de locatie waar u de linkerbovenhoek van de knop wilt plaatsen.

    Het dialoogvenster Macro's toewijzen wordt weergegeven.

  3. Wijs een macro toe aan de knop en klik op OK.

  4. Klik met de rechtermuisknop op de knop en klik vervolgens op Besturingselement opmaken om de besturingselementeigenschappen voor de knop op te geven.

Een opdrachtknop toevoegen (ActiveX-besturingselement)

  1. Ga naar het tabblad Ontwikkelaars en klik in de groep Besturingselementen op Invoegen en bij ActiveX-besturingselementen op Opdrachtknop Knopafbeelding .

    Het Access-lint

  2. Klik in het werkblad op de locatie waar u de linkerbovenhoek van de opdrachtknop wilt plaatsen.

  3. Klik in de groep Besturingselementen op Code weergeven.
    De Visual Basic Editor wordt gestart. Controleer of Klikken is geselecteerd in de vervolgkeuzelijst aan de rechterkant. Met de subprocedure CommandButton1_Click die wordt weergegeven in de volgende afbeelding, worden twee macro's uitgevoerd wanneer er op de knop wordt geklikt: SelectC15 en HelloMessage.

    een subprocedure in de visual basic editor

  4. Voer in de subprocedure voor de opdrachtknop een van de volgende handelingen uit:

    • Typ de naam van een bestaande macro in de werkmap. U vindt de macro's door in de groep Code op Macro's te klikken. U kunt meerdere macro's met een knop uitvoeren door de macronamen op aparte regels binnen de subprocedure te typen.

    • Typ uw eigen VBA-code.

  5. Sluit de Visual Basic Editor en zorg ervoor dat de ontwerpmodus is uitgeschakeld door op Ontwerpmodus Knopafbeelding te klikken.

  6. Als u de VBA-code wilt uitvoeren die aan de knop is toegewezen, klikt u op de ActiveX-opdrachtknop die u zojuist hebt gemaakt.

  7. Zorg ervoor dat u zich in de ontwerpmodus bevindt om het ActiveX-besturingselement te kunnen bewerken. Schakel op het tabblad Ontwikkelaars in de groep Besturingselementen het selectievakje Ontwerpmodus in.

  8. Klik op het tabblad Ontwikkelaars in de groep Besturingselementen op Eigenschappen Knopafbeelding om de besturingselementeigenschappen van de opdrachtknop op te geven. U kunt ook met de rechtermuisknop op de opdrachtknop klikken en vervolgens op Eigenschappen klikken.

    Opmerking : Voordat u op Eigenschappen klikt, controleert u of het object waarvan u de eigenschappen wilt onderzoeken of wijzigen, al is geselecteerd.

    Het dialoogvenster Eigenschappen wordt weergegeven. Voor meer informatie over een eigenschap selecteert u de eigenschap en drukt u op F1 om een Help voor Virtual Basic-onderwerp weer te geven. U kunt ook de naam van de eigenschap in het vak Zoeken van de Help van Visual Basic typen. In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de beschikbare eigenschappen.

Als u het volgende wilt doen

Gebruikt u deze eigenschap

Algemeen:

Opgeven of het besturingselement wordt geladen wanneer de werkmap wordt geopend (wordt genegeerd voor ActiveX-besturingselementen)

AutoLoad (Excel)

Opgeven of het besturingselement de focus kan krijgen en kan reageren op gebeurtenissen die door de gebruiker worden gegenereerd

Enabled (formulier)

Opgeven of het besturingselement kan worden bewerkt

Locked (formulier)

De naam van het besturingselement opgeven

Name (formulier)

Opgeven hoe het besturingselement wordt gekoppeld aan de cellen eronder (vrij zwevend, verplaatsen maar niet het formaat wijzigen of verplaatsen en formaat wijzigen)

Placement (Excel)

Opgeven of het besturingselement kan worden afgedrukt

PrintObject (Excel)

Opgeven of het besturingselement zichtbaar is of verborgen blijft

Visible (formulier)

Tekst:

Lettertypekenmerken opgeven (vet, cursief, grootte, doorhalen, onderstrepen en aantal punten)

Vet, Cursief, Punten, Doorhalen, Onderstrepen, Gewicht (formulier)

Beschrijvende tekst op het besturingselement opgeven waaraan het element kan worden herkend of die het element beschrijft

Caption (formulier)

Opgeven of de inhoud van het besturingselement automatisch moet teruglopen aan het einde van een regel

WordWrap (formulier)

Formaat en positie:

Opgeven of het formaat van het besturingselement automatisch wordt aangepast om alle inhoud weer te geven

AutoSize (formulier)

De hoogte of breedte in punten opgeven

Height, Width (formulier)

De afstand opgeven tussen het besturingselement en de linkerrand of bovenste rand van het werkblad

Left, Top (formulier)

Opmaak:

Achtergrondkleur

BackColor (formulier)

Achtergrondstijl (transparant of ondoorzichtig)

BackStyle (formulier)

Voorgrondkleur

ForeColor (formulier)

Opgeven of het besturingselement een schaduw heeft

Shadow (Excel)

Afbeelding:

De bitmap selecteren die in het besturingselement wordt weergegeven

Picture (formulier)

De locatie opgeven van de afbeelding ten opzichte van het bijbehorende bijschrift (links, boven, rechts enzovoort)

PicturePosition (formulier)

Toetsenbord en muis:

De sneltoets opgeven voor het besturingselement

Accelerator (formulier)

Een aangepast muispictogram selecteren

MouseIcon (formulier)

Het type aanwijzer selecteren dat wordt weergegeven wanneer de gebruiker de muis op een bepaald object plaatst (bijvoorbeeld standaard, pijl of invoegteken enzovoort)

MousePointer (formulier)

Opgeven of het besturingselement de focus krijgt wanneer erop wordt geklikt

TakeFocusOnClick (formulier)

Naar boven

Zie ook

ActiveX-instellingen in Office-bestanden in- of uitschakelen

Uw vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×