Een 3D-verwijzing maken naar hetzelfde cellenbereik op meerdere werkbladen

Opmerking:  We willen u graag zo snel mogelijk de meest recente Help-inhoud in uw eigen taal bieden. Deze pagina is automatisch vertaald en kan grammaticale fouten of onnauwkeurigheden bevatten. Wij hopen dat deze inhoud nuttig voor u is. Kunt u ons onder aan deze pagina laten weten of de informatie nuttig voor u was? Hier is het Engelstalige artikel ter referentie.

Een verwijzing die verwijst naar dezelfde cel of hetzelfde bereik op meerdere werkbladen wordt een 3D-verwijzing genoemd. Een 3D-verwijzing is een handige en gemakkelijke manier om te verwijzen naar verschillende werkbladen die hetzelfde patroon volgen en hetzelfde type gegevens bevatten, zoals de budgetgegevens van verschillende afdelingen in uw organisatie.

Wat wilt u doen?

Meer informatie over een 3D-verwijzing

Lezen hoe 3D-verwijzingen veranderen wanneer u verplaatsen, kopiëren, invoegen of verwijderen van werkbladen

Een 3D-verwijzing maken

Een naam voor een 3D-verwijzing maken

Meer informatie over 3D-verwijzing

U kunt met de volgende 3D-verwijzing de begrotingsposten van drie afdelingen, Verkoop, HR en Marketing, elk op een ander werkblad, bij elkaar optellen:

=SUM(Sales:Marketing!B3)

Ook kunt u nog een werkblad toevoegen en dit plaatsen binnen het bereik waarnaar de formule verwijst. Als u bijvoorbeeld een verwijzing wilt toevoegen naar cel B3 in het werkblad Faciliteiten, plaatst u het werkblad Faciliteiten tussen de werkbladen Verkoop en HR, zoals in het onderstaande voorbeeld wordt weergegeven.

Een ander werkblad in een samenvoeging invoegen

Omdat de formule een 3D-verwijzing bevat naar een bereik van werkbladnamen, Verkoop:Marketing!B3, worden alle werkbladen in het bereik opgenomen in de nieuwe berekening.

Naar boven

Informatie over het wijzigen van 3D-verwijzingen wanneer u werkbladen verplaatst, kopieert, invoegt of verwijdert

In de volgende voorbeelden wordt uitgelegd wat er gebeurt wanneer u werkbladen die in een 3D-verwijzing voorkomen, invoegt, kopieert, verwijdert of verplaatst. In de voorbeelden wordt met de formule =SOM(Blad2:Blad6!A2:A5) de cellen A2 tot en met A5 op de werkbladen 2 tot en met 6 opgeteld.

Invoegen of kopiëren     Als u werkbladen tussen Blad2 en Blad6 (het begin- en eindpunt in dit voorbeeld) invoegt of kopieert, worden alle waarden in de cellen A2 tot en met A5 in de toegevoegde werkbladen in de berekening opgenomen.

Verwijderen     Als u werkbladen tussen Blad2 en Blad6 verwijdert, worden de waarden in die bladen niet meer in de berekening opgenomen.

Verplaatsen     Als u de werkbladen tussen Blad2 en Blad6 verplaatst naar een locatie buiten het werkbladbereik waarnaar wordt verwezen, worden de waarden niet meer in de berekening opgenomen.

Een eindpunt verplaatsen     Als u Blad2 of Blad6 naar een andere locatie in dezelfde werkmap verplaatst, worden de nieuwe werkbladen in de berekening opgenomen, tenzij u de volgorde van de eindpunten in de werkmap hebt omgekeerd. Als u de eindpunten omkeert, wordt de 3D-verwijzing voor het eindpuntwerkblad aangepast. U hebt bijvoorbeeld een verwijzing naar Blad2:Blad6. Als u Blad2 achter Blad6 in de werkmap plaatst, wordt de formule gewijzigd in Blad3:Blad6. Plaatst u Blad6 vóór Blad2, dan wordt de formule gewijzigd in Blad2:Blad5.

Een eindpunt verwijderen     Als u Blad2 of Blad6 verwijdert, worden de waarden op die werkmap uit de berekening verwijderd.

Naar boven

Een 3D-verwijzing maken

  1. Klik op de cel waarin u de functie wilt opgeven.

  2. Typ het gelijkteken (=), de naam van de functie en vervolgens een haakje openen.

    U kunt de volgende functies gebruiken in een 3D-verwijzing:

Functie

Beschrijving

GEMIDDELDE

Het (rekenkundige) gemiddelde van getallen berekenen.

GEMIDDELDEA

Het (rekenkundige) gemiddelde van getallen berekenen, inclusief tekst en logische waarden.

AANTAL

Het aantal cellen tellen dat een getal bevat.

AANTALARG

Het aantal cellen tellen dat niet leeg is.

HARM.GEM

Berekent het harmonische gemiddelde van een gegevensverzameling met positieve getallen: de reciproque van het rekenkundige gemiddelde van de reciproque waarden.

KURTOSIS

Berekent de kurtosis van een gegevensverzameling.

GROOTSTE

Berekent de op k-1 na grootste waarde in een gegevensbereik. Bijvoorbeeld het vier na grootste getal.

MAX

De hoogste waarde in een verzameling waarden opzoeken.

MAXA

De grootste waarde in een verzameling waarden opzoeken, inclusief tekst en logische waarden.

MEDIAAN

Berekent de mediaan of het getal in het midden van de set van de gegeven getallen.

MIN

De kleinste waarde in een verzameling waarden opzoeken.

MINA

Geeft als resultaat de kleinste waarde in een verzameling waarden, inclusief tekst en logische operatoren.

PERCENTIEL

Berekent het k-percentiel van waarden in een bereik, waarbij k zich in het bereik 0..1 bevindt. Opgenomen voor compatibiliteit met eerdere versies van Excel.

PERCENTIEL. EXC

Berekent het k-percentiel van waarden in een bereik, waarbij k zich in het bereik 0..1, exclusief bevindt.

PERCENTIEL. INC.

Berekent het k-percentiel van waarden in een bereik, waarbij k zich in het bereik 0..1, inclusief bevindt.

PERCENT.RANG

Geeft als resultaat de positie, in procenten uitgedrukt (0..1), van een waarde in de rangorde van een gegevensbereik. Opgenomen voor compatibiliteit met eerdere versies van Excel.

PERCENT.RANG. EXC

Geeft als resultaat de positie, in procenten uitgedrukt (0..1, exclusief), van een waarde in de rangorde van een gegevensbereik.

PERCENT.RANG. INC.

Geeft als resultaat de positie, in procenten uitgedrukt (0..1, inclusief), van een waarde in de rangorde van een gegevensbereik.

KWARTIEL

Berekent het kwartiel van de gegevensverzameling, gebaseerd op percentielwaarden van 0..1. Opgenomen voor compatibiliteit met eerdere versies van Excel.

KWARTIEL. EXC

Berekent het kwartiel van de gegevensverzameling, gebaseerd op percentielwaarden van 0..1, exclusief.

KWARTIEL. INC.

Berekent het kwartiel van de gegevensverzameling, gebaseerd op percentielwaarden van 0..1, inclusief.

PRODUCT

Vermenigvuldigt getallen.

RANG

Geeft als resultaat de positie van een getal in de rangorde in een lijst met getallen: de grootte relatief ten opzichte van andere waarden in de lijst. Opgenomen voor compatibiliteit met eerdere versies van Excel.

RANG. EQ

Geeft als resultaat de positie van een getal in de rangorde in een lijst met getallen: de grootte relatief ten opzichte van andere waarden in de lijst.

RANG. AVG

Geeft als resultaat de positie van een getal in de rangorde in een lijst met getallen: de grootte relatief ten opzichte van andere waarden in de lijst.

LATEN

Berekent de mate van asymmetrie van een verdeling.

KLEINSTE

Bepaalt de op k-1 na kleinste waarde in een gegevensbereik.

STDEV. S

De standaarddeviatie berekenen op basis van een steekproef.

STDEV. P

De standaarddeviatie berekenen van een volledige populatie.

STDEVA

De standaarddeviatie berekenen op basis van een steekproef, inclusief tekst en logische waarden.

STDEVPA

De standaarddeviatie berekenen van een volledige populatie, inclusief tekst en logische waarden.

GETRIMD.GEM

Berekent het gemiddelde van een bepaalde groep waarden in een gegevensverzameling.

SOM

Getallen optellen.

VAR S

Maakt een schatting van de variantie op basis van een steekproef.

VAR P

De variantie berekenen voor een volledige populatie.

VARA

Een schatting van de variantie maken op basis van een steekproef, inclusief tekst en logische waarden.

VARPA

De variantie berekenen voor een volledige populatie, inclusief tekst en logische waarden.

  1. Klik op de tab van het eerste werkblad waarnaar u wilt verwijzen.

  2. Houd Shift ingedrukt terwijl u op de tab klikt van het laatste werkblad waarnaar u wilt verwijzen.

  3. Selecteer de cel of het celbereik waarnaar u wilt verwijzen.

  4. Voltooi de formule en druk op ENTER.

Naar boven

Een naam voor een 3D-verwijzing opgeven

  1. Ga naar het tabblad Formules en klik in de groep Gedefinieerde namen op Namen bepalen.

  2. Typ in het dialoogvenster Nieuwe naam in het vak Naam een naam voor de verwijzing. Namen mogen niet langer zijn dan 255 tekens.

  3. Selecteer in het vak Verwijst naar het gelijkteken (=) en de verwijzing en druk op BACKSPACE.

  4. Klik op de tab van het eerste werkblad waarnaar u wilt verwijzen.

  5. Houd Shift ingedrukt terwijl u op de tab klikt van het laatste werkblad waarnaar u wilt verwijzen.

  6. Selecteer de cel of het celbereik waarnaar u wilt verwijzen.

Naar boven

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×