Office
Aanmelden

Andere soorten IMAP-postvakken migreren naar Office 365

Als onderdeel van de implementatie van Office 365 kunt u ervoor kiezen om de inhoud van postvakken van gebruikers te migreren van een IMAP-e-mailservice (Internet Mail Access Protocol) naar Office 365.

Zoekt u Windows PowerShell-opdrachten voor algemene IMAP-migraties? Zie PowerShell gebruiken om een IMAP-migratie naar Office 365 uit te voeren.

Migratietaken voor IMAP-postvakken

Notities: 

Hier vindt u de taken die u moet uitvoeren wanneer u uw IMAP-postvakken wilt gaan migreren:

Office 365 heeft de naam nodig van het bron-e-mailsysteem, soms ook wel een server genoemd, vanwaaruit u postvakken wilt migreren. Er zijn veel manieren om de naam van het e-mailsysteem te achterhalen. De eenvoudigste manier is met behulp van een e-mailclient die verbonden is met uw e-mailsysteem. In deze taak beschrijven we hoe u de naam van het systeem verkrijgt met Outlook Web App. Als uw e-mailclient hier niet wordt beschreven, neem dan contact op met Ondersteuning voor uw bron-e-mailsysteem.

De naam van het bron-e-mailsysteem zoeken met behulp van TE102821288

  1. Klik in Outlook Web App op de werkbalk op Instellingen Knop Office 365-instellingen > Opties > Mail > Accounts > POP en IMAP. Onder uw accountgegevens ziet u een koppeling met de tekst Instellingen voor POP- of IMAP-toegang. De naam van uw IMAP-server wordt vermeld onder IMAP-instelling.

    Toont de koppeling voor instellingen van POP-of IMAP-toegang

    Zie POP of IMAP gebruiken om verbinding te maken met accounts van Office 365 voor Bedrijven of Microsoft Exchange voor meer informatie over IMAP-verbindingen in Office 365.

Welke stappen u vervolgens moet uitvoeren om de lijst met te migreren postvakken te maken, is afhankelijk van de manier waarop u de postvakken opent. U hebt toegang tot postvakken van gebruikers nodig voordat u ze kunt migreren naar Office 365. Hier zijn twee manieren waarop u toegang kunt krijgen tot de postvakken:

Een lijst met postvakken van gebruikers maken wanneer u de wachtwoorden van gebruikers kent, of de wachtwoorden opnieuw instellen

Voor deze taak maakt u een migratiebestand met een lijst met postvakken die u wilt migreren naar Office 365. Wij gebruiken Excel in de instructies omdat dit de eenvoudigste manier is om het migratiebestand te maken. U kunt Excel 2013, Excel 2010 of Excel 2007 gebruiken.

Wanneer u het migratiebestand maakt, moet u het wachtwoord kennen van elk postvak dat u wilt migreren. We gaan ervan uit dat u geen gebruikerswachtwoorden kent, dus waarschijnlijk moet u tijdens de migratie aan alle postvakken tijdelijke wachtwoorden toewijzen (door de wachtwoorden opnieuw in te stellen).

U hoeft niet alle postvakken tegelijk te migreren. U kunt ze in batches migreren, zoals u het beste uitkomt. U kunt maximaal 50.000 postvakken (één rij voor elke gebruiker) opnemen in het migratiebestand. Het migratiebestand mag maximaal 10 MB zijn.

Zie voor meer informatie CSV-bestanden voor IMAP migratie batches.

  1. Ga naar het bron-e-mailsysteem (het systeem van waaruit u migreert) en ga naar de lijst met postvakken die u wilt migreren.

    Het is niet mogelijk om de exacte stappen te noemen omdat er zo veel verschillende e-mailsystemen zijn. Dit zult u zelf moeten uitzoeken. Houd dit venster geopend wanneer u de lijst met postvakken hebt gevonden.

  2. Ga naar het Office 365-beheercentrum.

  3. Ga naar Gebruikers > Actieve gebruikers. Houd de kolom Gebruikersnaam in de gaten. U hebt deze informatie zo dadelijk nodig. Houd ook het Office 365-beheercentrum geopend.

    Kolom Gebruikersnaam in het Office 365-beheercentrum
  4. Start Excel.

  5. Gebruik de volgende schermafbeelding als een sjabloon om het migratiebestand te maken in Excel. Begin met de koppen in rij 1. Controleer of deze exact overeenkomen met de afbeelding en geen spaties bevatten. De exacte kopnamen zijn:

    • EmailAddress in cel A1.

    • UserName in cel B1.

    • Password in cel C1.

      Celkoppen het Excel-migratiebestand
  6. Voer vervolgens het e-mailadres, de gebruikersnaam en het wachtwoord in voor elk postvak dat u wilt migreren. Voer één postvak per rij in:

    • Kolom A is het e-mailadres van het Office 365-postvak. Dit wordt weergegeven in de kolom Gebruikersnaam in Gebruikers > Actieve gebruikers in het Office 365-beheercentrum.

    • Kolom B is de aanmeldingsnaam, bijvoorbeeld gwenda, of dikwijls gwenda@contoso.com, voor het bron-e-mailsysteem.

      Opmerking: Een groot aantal e-mailsystemen gebruikt het volledige e-mailadres als de aanmeldingsnaam. Als u in Office 365 hetzelfde domein gebruikt als in het bron-e-mailsysteem, is het mogelijk dat de kolommen A en B identiek zijn.

    • Kolom C is het wachtwoord van het postvak van de gebruiker.

      Een voltooid voorbeeldmigratiebestand

      Als u de wachtwoorden van de gebruikers niet kent, moet u ze opnieuw instellen op wachtwoorden die u kent, en deze wachtwoorden in het migratiebestand invoeren. Dit is onhandig voor gebruikers, maar er is geen manier om dit te omzeilen tenzij uw bron-e-mailsysteem het gebruik van beheerdersreferenties ondersteunt.

      Als u wilt dat gebruikers toegang hebben tot het bron-e-mailsysteem, kunt u nieuwe wachtwoorden voor het bron-e-mailsysteem verspreiden wanneer de migratie is voltooid. We handelen de distributie van nieuwe wachtwoorden af wanneer de migratie is voltooid.

  7. Stel de wachtwoorden opnieuw in en noteer de wachtwoorden in het migratiebestand. De exacte stappen zijn afhankelijk van uw bron-e-mailsysteem. Waarschijnlijk vindt u de optie om het wachtwoord opnieuw in te stellen wanneer u het e-mailaccount van de gebruiker weergeeft.

  8. Sla het bestand op als een CSV-bestand en sluit Excel.

    Toont de optie Opslaan als CSV-bestand in Excel

Voor deze taak maakt u een migratiebestand met een lijst met postvakken die u wilt migreren naar Office 365. De eenvoudigste manier om het migratiebestand te maken is met behulp van Excel; daarom gebruiken we Excel in deze instructies. U kunt Excel 2013, Excel 2010 of Excel 2007 gebruiken.

Wanneer u in deze taak een migratiebestand maakt, typt u uw referenties als postvakbeheerder en gebruikersnamen in een speciale notatie. Op deze manier kunt u de postvakken van gebruikers openen zonder de gebruikerswachtwoorden te kennen of opnieuw in te stellen. Hier vindt u de notatie die wordt gebruikt door Exchange-, Dovecot- en Mirapoint IMAP-servers. Als uw bron-e-mailsysteem hier niet wordt weergegeven en u de juiste notatie niet kent, hebt u alsnog de mogelijkheid om de gebruikerswachtwoorden opnieuw in te stellen. Sla deze staak over en ga naar Een lijst met postvakken van gebruikers maken wanneer u de wachtwoorden van gebruikers kent, of de wachtwoorden opnieuw instellen.

U hoeft niet alle postvakken tegelijk te migreren. U kunt ze in batches migreren, zoals u het beste uitkomt. U kunt maximaal 50.000 postvakken (één rij voor elke gebruiker) opnemen in het migratiebestand. Het migratiebestand mag maximaal 10 MB zijn.

  1. Ga naar het bron-e-mailsysteem (het systeem van waaruit u migreert) en ga naar de lijst met postvakken die u wilt migreren. Het is niet mogelijk om de exacte stappen te noemen omdat er zo veel verschillende e-mailsystemen zijn. U zult deze stappen zelf moeten uitzoeken. Houd dit venster geopend wanneer u de lijst met postvakken hebt gevonden zodat u de lijst kunt raadplegen.

  2. Ga naar het Office 365-beheercentrum.

  3. Ga naar Gebruikers > Actieve gebruikers. Houd de kolom Gebruikersnaam in de gaten. U hebt deze informatie zo dadelijk nodig. Houd ook de pagina Office 365-beheercentrum geopend.

    Kolom Gebruikersnaam in het Office 365-beheercentrum
  4. Start Excel.

  5. Gebruik de volgende schermafbeelding als een sjabloon om het migratiebestand te maken in Excel. Begin met de koppen in rij 1. Controleer of deze exact overeenkomen met de schermafbeelding en geen spaties bevatten. De exacte kopnamen zijn:

    • EmailAddress in cel A1.

    • UserName in cel B1.

    • Password in cel C1.

      Celkoppen het Excel-migratiebestand
  6. Voer vervolgens het e-mailadres, de gebruikersnaam en het wachtwoord in voor elk postvak dat u wilt migreren. Voer één postvak per rij in.

    • Kolom A is het e-mailadres van het Office 365-postvak van de gebruiker. Dit wordt weergegeven in de kolom Gebruikersnaam in Gebruikers > Actieve gebruikers in het Office 365-beheercentrum.

    • Kolom B is een combinatie van de naam van de postvakbeheerder en de gebruikersnaam die specifiek is voor uw bron-e-mailsysteem. Zie De referenties van postvakbeheerder opmaken voor verschillende IMAP-servers voor opmaakinstructies.

    • Kolom C is het wachtwoord voor het account van de postvakbeheerder.

  7. Sla het bestand op als een CSV-bestand en sluit Excel.

    Een voltooid voorbeeldmigratiebestand

De referenties van postvakbeheerder opmaken voor verschillende IMAP-servers

In het migratiebestand bestaat elke cel in de kolom UserName uit twee gecombineerde namen: de gebruikersnaam van de persoon wiens e-mail wordt gemigreerd en de naam van het postvakbeheerdersaccount. De ondersteunde notatie voor de referenties van postvakbeheerder zijn afhankelijk van het bron-e-mailsysteem. Hier vindt u de notaties voor verschillende typen bron-e-mailsystemen.

Microsoft Exchange

Als u e-mail wilt migreren van de IMAP-implementatie voor Exchange, gebruikt u de notatie Domain/Admin_UserName/User_UserName voor het kenmerk UserName in het migratiebestand. Stel, u migreert e-mail van Exchange voor Gwenda Regter, Jimmy de Graaf, Egbert Borsboom, Johanna Roossien en Maarten Schalkwijk. U hebt een postvakbeheerdersaccount met gebruikersnaam mailadmin en wachtwoord P@ssw0rd. Het migratiebestand ziet er dan als volgt uit:

Een voorbeeldmigratiebestand voor Exchange
Dovecot

Bron-e-mailsystemen zoals een Dovecot IMAP-server die SASL (Simple Authentication and Security Layer) ondersteunen, gebruiken de notatie User_UserName*Admin_UserName. Stel, u migreert e-mail van een Dovecot IMAP-server met behulp van de postbeheerdersreferenties mailadmin en P@ssw0rd. Het migratiebestand ziet er dan als volgt uit:

Een voorbeeldmigratiebestand voor Dovecot
Mirapoint

Als u e-mail migreert van Mirapoint Message Server, gebruikt u de notatie #user@domain#Admin_UserName#. Stel, u migreert e-mail met behulp van de postbeheerdersreferenties mailadmin en P@ssw0rd. Het migratiebestand ziet er dan als volgt uit:

Een voorbeeldmigratiebestand voor Mirapoint
Courier IMAP

Sommige bron-e-mailsystemen zoals Courier IMAP bieden geen ondersteuning voor het gebruik van postvakbeheerdersreferenties om postvakken te migreren naar Office 365. In plaats daarvan kunt u het bron-e-mailsysteem instellen voor het gebruik van virtuele gedeelde mappen. Met virtuele gedeelde mappen kunt u uw referenties van postvakbeheerder gebruiken voor toegang tot de postvakken van gebruikers op het bron-e-mailsysteem. Zie Gedeelde mappen voor meer informatie over het configureren van virtuele gedeelde mappen voor Courier IMAP.

Als u postvakken wilt migreren nadat u virtuele gedeelde mappen in het bron-e-mailsysteem hebt ingesteld, moet u het optionele kenmerk UserRoot opnemen in het migratiebestand. Dit kenmerk bevat de locatie van het postvak van elke gebruiker in de structuur van virtuele gedeelde mappen op het bron-e-mailsysteem. Het pad naar het postvak van Gwenda is bijvoorbeeld /gebruikers/gwenda.

Hier volgt een voorbeeld van een migratiebestand dat het kenmerk UserRoot bevat:

Een voorbeeldmigratiebestand voor Courier IMAP

Voor een geslaagde e-mailmigratie moet Office 365 verbinding maken en kunnen communiceren met het bron-e-mailsysteem. Daartoe maakt Office 365 gebruik van een migratie-eindpunt. Dit is een technische term waarmee de instellingen worden beschreven die worden gebruikt om de verbinding te maken. In deze taak maakt u het migratie-eindpunt.

  1. Ga naar het Exchange-beheercentrum.

  2. Ga in het Exchange-beheercentrum naar Ontvangers > Migratie > Meer Pictogram Meer > Migratie-eindpunten.

    Naam van migratie-eindpunt
  3. Klik op Nieuw Pictogram Nieuw om een nieuw migratie-eindpunt te maken.

  4. Kies op de pagina Migratie-eindpunttype selecteren de optie IMAP.

  5. Voer op de pagina IMAP-migratieconfiguratie de volgende gegevens in:

    • * IMAP-server Typ de naam van de berichtenserver (bijvoorbeeld imap.contoso.com) van de bron-e-mailserver.

    • Laat u de overige gegevens op de standaardinstellingen staan; deze werken in de meeste gevallen.

  6. Klik op Volgende. De migratieservice gebruikt de instellingen om de verbinding met het e-mailsysteem te testen. Als de verbinding werkt, wordt de pagina Geef algemene informatie op weergegeven.

  7. Typ op de pagina Geef algemene informatie op een Naam voor het migratie-eindpunt, bijvoorbeeld Test5-eindpunt. Laat de andere twee vakken leeg als u de standaardwaarden wilt gebruiken.

    Naam van migratie-eindpunt
  8. Klik op Nieuw om het migratie-eindpunt te maken.

U gebruikt een migratiebatch als u groepen e-mail tegelijk wilt migreren naar Office 365. De batch bestaat uit de postvakken die u in de vorige taak in het migratiebestand hebt opgenomen.

Tips: 

  • U wordt geadviseerd om een testmigratiebatch met een klein aantal postvakken te maken om het proces eerst te testen.

  • Gebruik migratiebestanden met hetzelfde aantal rijen en voer de batches op vergelijkbare tijden gedurende de dag uit. Vergelijk vervolgens de totale uitvoeringstijd van elke testbatch. Op basis van deze vergelijking kunt u inschatten hoelang het duurt om alle postvakken te migreren, hoe groot elke migratiebatch moet zijn en hoeveel gelijktijdige verbindingen met het e-bronsysteem u moet gebruiken voor een evenwichtige migratiesnelheid en internetbandbreedte.

  1. Ga in het Exchange-beheercentrum naar Ontvangers > Migratie.

  2. Klik op Nieuw Pictogram Nieuw > Migreren naar Exchange Online.

    Migreren naar Exchange Online selecteren
  3. Kies IMAP-migratie > Volgende.

  4. Klik op de pagina De gebruikers selecteren op Bladeren om het migratiebestand op te geven dat u hebt gemaakt. Nadat u het migratiebestand hebt geselecteerd, wordt het bestand door Office 365 op het volgende gecontroleerd:

    • Het is niet leeg.

    • Het maakt gebruik van opmaak met door komma’s gescheiden gegevens.

    • Het bevat niet meer dan 50.000 rijen.

    • Het bevat de vereiste kenmerken in de veldnamenrij.

    • Het bevat rijen met hetzelfde aantal kolommen als de veldnamenrij.

    Als een van deze controles mislukt, wordt een foutbericht weergegeven met de reden voor de fout. Als u een foutbericht krijgt, moet u het migratiebestand herstellen en opnieuw indienen om een migratiebatch te maken.

  5. Wanneer Office 365 het migratiebestand heeft gevalideerd, wordt het aantal gebruikers dat in het bestand wordt vermeld weergegeven als het aantal te migreren postvakken.

    Nieuwe migratiebatch met CSV-bestand
  6. Klik op Volgende.

  7. Klik op de pagina IMAP-migratieconfiguratie op Volgende.

  8. Op deze pagina selecteert u het migratie-eindpunt dat u hebt gemaakt in Stap 4: Office 365 verbinden met uw e-mailsysteem.

  9. Typ op de pagina Configuratie verplaatsen de naam (geen spaties of speciale tekens) van de migratiebatch, bijvoorbeeld Test5-migratie en klik op Volgende.

    De weergegeven standaardnaam voor de migratiebatch is de naam van het door u opgegeven migratiebestand. Wanneer u de migratiebatch hebt gemaakt, wordt de naam van de migratiebatch weergegeven op het migratiedashboard.

    U kunt desgewenst ook de namen invoeren van de mappen die u wilt uitsluiten van migratie, bijvoorbeeld Gedeeld, Ongewenste e-mail en Verwijderd. Klik op Nieuw Pictogram Nieuw om ze aan de lijst met uitgesloten mappen toe te voegen. U kunt ze ook bewerken of verwijderen met het pictogram Bewerken Pictogram Toevoegen als u een mapnaam wilt wijzigen, of het pictogram Verwijderen Pictogram Verwijderen als u een mapnaam wilt verwijderen.

    Belangrijk: Als u e-mail migreert vanuit Microsoft Exchange Server, is het raadzaam om openbare mappen uit te sluiten van migratie. Als u dat niet doet, wordt de inhoud van de openbare mappen gekopieerd naar het Office 365-postvak van elke gebruiker in het migratiebestand.

    Dialoogvenster Configuratie verplaatsen
  10. Klik op Volgende.

  11. Voer op de pagina Batch starten een van de volgende handelingen uit:

    • Klik op Bladeren als u een kopie van de migratierapporten naar andere gebruikers wilt verzenden. Standaard worden migratierapporten per e-mail naar u verzonden. U kunt de migratierapporten ook openen vanaf de eigenschappenpagina van de migratiebatch.

    • Kies De batch automatisch starten. De migratie start zodra u de nieuwe migratiebatch opslaat. De batchstatus is in eerste instantie Gemaakt en verandert in Synchroniseren zodra de migratie is gestart.

      Migratiebatch wordt gesynchroniseerd

Controleren of deze taak heeft gewerkt

  • Ga in het Exchange-beheercentrum naar Ontvangers > Migratie. Controleer of de batch wordt weergegeven op het migratiedashboard. Als de migratie is voltooid, is de StatusGesynchroniseerd.

    Als deze taak mislukt, controleer dan de statusrapporten van het bijbehorende postvak op specifieke fouten en controleer nog eens of het migratiebestand het juiste Office 365 e-mailadres bevat in de kolom EmailAddress.

Controleren of de migratie van postvakken naar Office 365 is geslaagd

  • Vraag gebruikers met gemigreerde postvakken de volgende taken uit te voeren:

    • Meld u aan bij Office 365 met uw werk- of schoolaccount.

      Gebruik uw tijdelijke wachtwoord.

    • Werk uw wachtwoord bij en stel de tijdzone in. Het is belangrijk dat u de juiste tijdzone selecteert om ervoor te zorgen dat uw agenda- en e-mailinstellingen juist zijn.

    • Wanneer Outlook Web App wordt geopend, stuurt u een e-mailbericht naar de andere Office 365-gebruiker om te controleren of u e-mail kunt verzenden.

    • Kies Outlook en controleer of al uw e-mailberichten en mappen er zijn.

Deze taak is optioneel. U hoeft deze taak niet uit te voeren, maar als u deze overslaat, kan het langer duren voordat e-mail in de nieuwe Office 365-postvakken wordt weergegeven.

Wanneer personen buiten uw organisatie u e-mail sturen, wordt door hun e-mailsystemen niet telkens opnieuw gecontroleerd waar deze e-mail naartoe wordt gestuurd. In plaats daarvan wordt de locatie van uw e-mailsysteem in hun systemen opgeslagen op basis van de TTL-instelling (Time to Live) in uw DNS-server. Als u de locatie van uw e-mailsysteem verandert voordat de TTL is verlopen, wordt eerst geprobeerd e-mail te verzenden naar de oude locatie, voordat wordt gedetecteerd dat die locatie is gewijzigd. Dit kan leiden tot een vertraagde e-mailbezorging. U kunt dit onder andere voorkomen door de TTL-waarde te verlagen die door uw DNS-server wordt verstrekt aan servers buiten uw organisatie. Het gevolg is dat de andere organisaties de locatie van uw e-mailsysteem vaker vernieuwen.

Wanneer een kort interval, bijvoorbeeld 3600 seconden (1 uur) of minder, wordt gebruikt, zullen de meeste e-mailsystemen elk uur om een bijgewerkte locatie vragen. Het is raadzaam om het interval in ieder geval zo laag in te stellen voordat u de e-mailmigratie start. Alle systemen die u e-mail sturen, krijgen dan voldoende tijd om de wijziging te verwerken. Wanneer u de daadwerkelijke overstap naar Office 365 hebt gemaakt, kunt u de TTL-waarde weer terugzetten op een langer interval.

U verandert de TTL-instelling in de Mail Exchanger-record van uw e-mailsysteem, ook wel een MX-record genoemd. U vindt deze in het openbare DNS-systeem. Als u meerdere MX-records hebt, moet u de waarde voor elke record wijzigen in maximaal 3600 seconden.

U kunt deze taak ook overslaan. Het kan iets langer duren voordat e-mail wordt weergegeven in de nieuwe Office 365-postvakken, maar u ontvangt ze wel.

Als u hulp nodig hebt bij het configureren van uw DNS-instellingen, gaat u naar DNS-records voor Office 365 maken wanneer u uw DNS-records beheert. Als u Office 365 beheerd door 21Vianet gebruikt in China, bekijkt u deze versie van het artikel: DNS-records voor Office 365 maken wanneer u uw DNS-records beheert.

E-mailsystemen gebruiken een DNS-record, een zogenaamde MX-record, om te achterhalen waar e-mails moeten worden bezorgd. Tijdens het e-mailmigratieproces hebben we de MX-record niet gewijzigd; deze wijst nog steeds naar het bron-e-mailsysteem. Nu de e-mailmigratie naar Office 365 is voltooid, moet u de MX-record naar Office 365 laten wijzen. E-mail wordt daardoor bezorgd in uw Office 365-postvakken. Door de MX-record te verplaatsen, kunt u ook het oude e-mailsysteem uitschakelen wanneer u klaar bent.

Voor veel DNS-providers hebben we specifieke instructies voor het wijzigen van uw MX-records; zie DNS-records voor Office 365 maken wanneer u uw DNS-records beheert. Als u Office 365 beheerd door 21Vianet in China gebruikt, leest u in plaats daarvan het artikel DNS-records voor Office 365 maken wanneer u uw DNS-records beheert. Voor het geval uw DNS-provider niet is opgenomen of als u een idee wilt krijgen van de algemene richtlijnen, worden ook de algemene instructies voor MX-records verstrekt. Zie DNS-records maken bij een DNS-hostingprovider voor Office 365 of voor Office 365 in China bekijkt u deze versie van het artikel: DNS-records maken bij een DNS-hostingprovider voor Office 365.

Het kan tot 72 uur duren voordat in de e-mailsystemen van uw klanten en partners de gewijzigde MX-record wordt herkend. Wacht minimaal 72 uur voordat u verder gaat met de volgende taak om de e-mailsynchronisatie te stoppen.

In de laatste taak hebt u de MX-record gewijzigd. Nu is het tijd om te controleren of al uw e-mail wordt doorgestuurd naar Office 365, waarna u de migratiebatch kunt verwijderen. U stopt daarmee de synchronisatie tussen het bron-e-mailsysteem en Office 365. Controleer de volgende zaken voordat u dit doet:

  • Uw gebruikers maken voor e-mail uitsluitend gebruik van Office 365. Wanneer u de migratiebatch hebt verwijderd, wordt e-mail die wordt verzonden naar postvakken in uw bron-e-mailsysteem niet gekopieerd naar Office 365. Dit betekent dat uw gebruikers geen toegang meer hebben tot deze e-mail; controleer dus of alle gebruikers met het nieuwe systeem werken.

  • Laat de migratiebatch minimaal 72 uur draaien voordat u deze verwijdert. Daardoor is de kans op het volgende veel groter:

    • Uw bron-e-mailsysteem en Office 365-postvakken zijn ten minste eenmaal gesynchroniseerd (ze worden één keer per dag gesynchroniseerd).

    • In de e-mailsystemen van uw klanten en partners worden de wijzigingen in uw MX-records herkend en e-mail wordt nu correct naar de Office 365-postvakken verzonden.

Wanneer u de migratiebatch verwijdert, worden alle records met betrekking tot de migratiebatch gewist met de migratieservice en wordt de migratiebatch van het migratiedashboard verwijderd.

Een migratiebatch verwijderen

  1. Ga in het Exchange-beheercentrum naar Ontvangers > Migratie.

  2. Selecteer de batch op het migratiedashboard en klik op Verwijderen.

    Een migratiebatch verwijderen

Controleren of het verwijderen heeft gewerkt

  • Ga in het Exchange-beheercentrum naar Ontvangers > Migratie. Controleer of de migratiebatch niet meer wordt weergegeven op het migratiedashboard.

Zie ook

Uw IMAP-postvakken migreren naar Office 365

Manieren om e-mail te migreren naar Office 365

Tips voor een optimale IMAP-migratie

Uw Office-vaardigheden uitbreiden
Training verkennen
Als eerste nieuwe functies krijgen
Deelnemen aan Office Insiders

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback.

Hartelijk dank voor uw feedback! Het lijkt ons een goed idee om u in contact te brengen met een van onze Office-ondersteuningsagents.

×