Werkblad- en werkmaponderdelen beveiligen met een wachtwoord

Als u wilt voorkomen dat andere gebruikers per ongeluk of opzettelijk belangrijke gegevens wijzigen, verplaatsen of verwijderen in een werkblad of werkmap, kunt u bepaalde onderdelen van een werkblad of werkmap met of zonder wachtwoord beveiligen. U kunt eventueel de beveiliging van een werkblad opheffen.

Belangrijk : Verwar de beveiliging van werkmap- en werkbladonderdelen niet met wachtwoordbeveiliging op werkmapniveau. Dit type beveiliging (van onderdelen) kan een werkmap niet beschermen tegen kwaadwillende gebruikers. Voor optimale beveiliging moet u het hele werkmapbestand met een wachtwoord te beveiligen. Hierdoor kunnen alleen geautoriseerde gebruikers de gegevens in de werkmap bekijken of wijzigen.

Zie Een wachtwoord instellen voor het openen of wijzigen van een document, werkmap of presentatie voor meer informatie over het instellen van wachtwoorden en het gebruik van de aanbeveling alleen-lezen voor een werkmap.

In dit artikel

Overzicht van de beveiliging van onderdelen in een werkblad of werkmap

Beveiliging van werkbladonderdelen

Beveiliging van werkmaponderdelen

Onderdelen in een gedeelde werkmap beveiligen

Beveiliging van een werkblad verwijderen

Overzicht van de beveiliging van onderdelen in een werkblad of werkmap

Wanneer u een werkmap met andere gebruikers deelt, wilt u wellicht gegevens in een specifiek werkblad op in een onderdeel van een werkmap beveiligen, zodat dit niet wordt gewijzigd. U kunt ook een wachtwoord opgeven dat gebruikers moeten opgeven voordat ze bepaalde beschermde werkbladen en werkmaponderdelen kunnen wijzigen. Bovendien kunt u voorkomen dat gebruikers de structuur van een werkblad kunnen wijzigen.

Werkbladonderdelen beveiligen

Gewoonlijk worden alle cellen in een werkblad vergrendeld wanneer werkblad wordt beveiligd en kunnen gebruikers geen wijzigingen maken in een vergrendelde cel. Zo kan men geen gegevens kan invoegen, wijzigen verwijderen of opmaken in een vergrendelde cel. U kunt echter opgeven welke onderdelen gebruikers kunnen wijzigen wanneer u een werkblad beveiligt.

Het verbergen, vergrendelen en beveiligen van werkmap- en werkbladonderdelen is niet bedoeld om vertrouwelijke informatie, die u in een werkmap hebt opgeslagen, te beschermen of te beveiligen. Hiermee worden alleen gegevens of formules verborgen die eventueel andere gebruikers in verwarring kunnen brengen en wordt voorkomen dat gebruikers deze gegevens bekijken of wijzigen.

In Excel worden gegevens die zijn verborgen of vergrendeld in een werkmap niet versleuteld. Als u bepaalde gegevens vertrouwelijk wilt houden, kunt u de toegang tot werkmappen die zulke gegevens bevatten beperken door deze in een locatie te plaatsen die alleen toegankelijk is voor geautoriseerde gebruikers.

Voordat u een werkblad beveiligt, kunt u de bereiken ontgrendelen waarin gebruikers gegevens kunnen wijzigen of invoeren. U kunt cellen ontgrendelen voor alle gebruikers of voor bepaalde gebruikers.

Zie Bepaalde gebieden van een beveiligd werkblad ontgrendelen voor meer informatie over het ontgrendelen van cellen en celbereiken in een beveiligd werkblad.

Een wachtwoord gebruiken om de toegang tot beveiligde onderdelen te beheren

Wanneer u een werkblad of werkmap beveiligt door de onderdelen te vergrendelen, is het toevoegen van een wachtwoord voor het bewerken van niet-vergrendelde onderdelen optioneel. In deze context wordt het wachtwoord alleen gebruikt om de toegang te beperken tot bepaalde gebruikers en wordt vermeden dat andere gebruikers wijzigingen aanbrengen. Dit niveau van beveiliging door middel van wachtwoorden, vormt geen garantie dat alle gevoelige gegevens in uw werkmap zijn beveiligd. Voor de optimale beveiliging van uw gegevens dient u de werkmap zelf te beveiligen met een wachtwoord, zodat het wordt beschermd tegen niet-gemachtigde toegang.

Wanneer u een werkblad of werkmaponderdelen beveiligt met een wachtwoord, is het zeer belangrijk dat u dit wachtwoord onthoudt. Zonder dit wachtwoord kunt u de beveiliging van het werkblad of de werkmap niet uitschakelen.

Belangrijk : Gebruik sterke wachtwoorden die een combinatie bevatten van hoofdletters en kleine letters, cijfers en speciale tekens. In zwakke wachtwoorden worden deze elementen niet gecombineerd. Sterk wachtwoord: Y6dh!et5. Zwak wachtwoord: Huis27. Wachtwoorden moeten acht lettertekens of langer zijn. Een wachtwoordzin met veertien of meer lettertekens is nog beter. Zie voor meer informatie Uw persoonlijke gegeven beveiligen met sterke wachtwoorden.

Het is van essentieel belang dat u uw wachtwoord onthoudt. Als u uw wachtwoord vergeet, kan Microsoft dit niet voor u achterhalen. Bewaar de wachtwoorden die u opschrijft, op een veilige plaats en niet in de buurt van de gegevens die u met behulp van deze wachtwoorden beveiligt.

De structuur en vensters van een werkmap beveiligen

U kunt de structuur van een werkmap vergrendelen, zodat gebruikers geen werkbladen kunnen toevoegen of verwijderen of verborgen werkbladen kunnen weergeven. U kunt ook vermijden dat gebruikers de grootte of positie van vensters in het werkblad wijzigen. Beveiliging van de werkmapstructuur en vensters is van toepassing op de volledige werkmap.

Naar boven

Beveiliging van werkbladonderdelen

  1. Selecteer het werkblad dat u wilt beveiligen.

  2. Ga als volgt te werk om alle cellen of bereiken die andere gebruikers moeten kunnen wijzigen, te ontgrendelen:

    1. Selecteer alle cellen of bereiken die u wilt ontgrendelen.

    2. Klik op het tabblad Start, in de groep Cellen, op Opmaak en klik vervolgens op Cellen opmaken.

      excel-lintafbeelding

    3. Schakel op het tabblad Beveiliging het selectievakje Geblokkeerd uit en klik op OK.

  3. Ga als volgt te werk om de formules te verbergen die u niet wilt weergeven:

    1. Selecteer in het werkblad de cellen met formules die u wilt verbergen.

    2. Klik op het tabblad Start in de groep Cellen op Opmaak en klik vervolgens op Cellen opmaken.

    3. Schakel op het tabblad Beveiliging het selectievakje Verborgen in en klik vervolgens op OK.

  4. Ga als volgt te werk om de grafische objecten (bijvoorbeeld afbeeldingen, illustraties, vormen of SmartArt-afbeeldingen) te ontgrendelen die gebruikers moeten kunnen wijzigen:

    1. Houd Ctrl ingedrukt en klik vervolgens op elk afbeeldingobject dat u wilt ontgrendelen.

      Hiermee worden de Hulpmiddelen voor afbeeldingen en de Hulpmiddelen voor tekenen weergegeven en komt het tabblad Opmaak beschikbaar.

      Tip : Als u snel alle grafische objecten in een werkblad wilt selecteren, kunt u ook de opdracht Ga naar gebruiken. Klik op het tabblad Start in de groep Bewerken achtereenvolgens op Zoeken en selecteren en Ga naar. Klik op Speciaal en vervolgens op Objecten.

    2. Ga naar het tabblad Opmaak en klik in de groep Grootte op het startpictogram voor het dialoogvenster Knopafbeelding naast Grootte.

    3. Klik op het tabblad Eigenschappen en schakel het selectievakje Geblokkeerd en het selectievakje Tekst blokkeren (indien aanwezig) uit.

      Opmerking : Knoppen of besturingselementen die voor gebruikers beschikbaar moeten zijn, hoeft u niet te ontgrendelen. Ingesloten grafieken, tekstvakken en andere met tekenhulpprogramma's gemaakte objecten die gebruikers moeten kunnen wijzigen, kunt u wel ontgrendelen.

  5. Klik op het tabblad Controleren, in de groep Wijzigingen, op Blad beveiligen.

    Afbeelding van het lint in Excel

  6. Selecteer in de lijst Alle gebruikers van dit werkblad mogen de onderdelen die gebruikers moeten kunnen wijzigen.

    Meer informatie over de onderdelen die u kunt selecteren

    Werkbladonderdelen

    Dit selectievakje uitschakelen

    Als deze optie is uitgeschakeld, kunnen gebruikers het volgende niet doen

    Vergrendelde cellen selecteren

    De aanwijzer in cellen plaatsen waarvoor het selectievakje Vergrendeld is ingeschakeld op het tabblad Beveiliging van het dialoogvenster Cellen opmaken. Standaard mogen gebruikers wel vergrendelde cellen selecteren.

    Ontgrendelde cellen selecteren

    De aanwijzer in cellen plaatsen waarvoor het selectievakje Vergrendeld is uitgeschakeld op het tabblad Beveiliging van het dialoogvenster Cellen opmaken. Standaard mogen gebruikers wel ontgrendelde cellen selecteren en ze kunnen op TAB drukken om te schakelen tussen de ontgrendelde cellen op een beveiligd werkblad.

    Celeigenschappen

    Een of meer opties in de dialoogvensters Cellen opmaken of Voorwaardelijke opmaak wijzigen. Als u voorwaardelijke opmaak hebt toegepast vóór het beveiligen van het werkblad, blijft de opmaak veranderen wanneer een gebruiker een waarde invoert die voldoet aan een andere voorwaarde.

    Kolommen opmaken

    De opdrachten voor het opmaken van kolommen gebruiken en dus ook niet de kolombreedte wijzigen of kolommen verbergen (tabblad Start, groep Cellen, knop Opmaak).

    Rijen opmaken

    De opdrachten voor het opmaken van rijen gebruiken en dus ook niet de rijhoogte wijzigen of rijen verbergen (tabblad Start, groep Cellen, knop Opmaak).

    Kolommen invoegen

    Kolommen invoegen.

    Rijen invoegen

    Rijen invoegen.

    Hyperlinks invoegen

    Nieuwe hyperlinks invoegen, ook niet in ontgrendelde cellen.

    Kolommen verwijderen

    Kolommen verwijderen.

    Opmerking : Als Kolommen verwijderen is uitgeschakeld en Kolommen invoegen niet, kunnen de gebruikers kolommen invoegen maar deze niet verwijderen.

    Rijen verwijderen

    Rijen verwijderen.

    Opmerking : Als Rijen verwijderen is uitgeschakeld en Rijen invoegen niet, kunnen de gebruikers rijen invoegen maar deze niet verwijderen.

    Sorteren

    Opdrachten gebruiken om gegevens te sorteren (tabblad Gegevens, groep Sorteren en filteren).

    Opmerking : Gebruikers kunnen bereiken met vergrendelde cellen in een beveiligd werkblad niet sorteren, ongeacht deze instelling.

    AutoFilter gebruiken

    De vervolgkeuzepijlen gebruiken om het automatische filter voor een bereik te wijzigen.

    Opmerking : Gebruikers kunnen geen automatische filters in een beveiligd werkblad toevoegen of verwijderen, ongeacht deze instelling.

    Draaitabelrapporten gebruiken

    Draaitabelrapporten opmaken, de indeling wijzigen, draaitabelrapporten vernieuwen of anderszins wijzigen, of nieuwe rapporten maken.

    Objecten bewerken

    Een of meer van de volgende handelingen uitvoeren:

    1. Wijzigingen aanbrengen in grafische objecten, zoals kaarten, ingesloten grafieken, afbeeldingen, tekstvakken en besturingselementen, waarvan u de vergrendeling niet hebt opgeheven voordat u het werkblad hebt beveiligd. Indien een beveiligd werkblad bijvoorbeeld een knop bevat waarmee een macro wordt uitgevoerd, kunt u nog steeds op deze knop klikken om de macro uit te voeren maar kunt u de knop niet verwijderen.

    2. Wijzigingen aanbrengen in ingesloten grafieken, zoals in de opmaak ervan. De grafiek wordt overigens nog wel bijgewerkt wanneer u de brongegevens wijzigt.

    3. Opmerkingen toevoegen of bewerken.

    Scenario's bewerken

    Scenario's weergeven die u hebt verborgen, wijzigingen aanbrengen in scenario's die zijn beveiligd en deze scenario's verwijderen. Als de cellen niet zijn beveiligd, kunnen gebruikers de waarden in deze cellen wijzigen en er nieuwe scenario's aan toevoegen.

    Opties voor grafiekbladen

    Dit selectievakje inschakelen

    Als deze optie is uitgeschakeld, kunnen gebruikers het volgende niet doen

    Inhoud

    Wijzigingen aanbrengen in items die deel uitmaken van de grafiek, zoals gegevensreeksen, assen en legenda's. De grafiek wordt overigens nog wel bijgewerkt wanneer de brongegevens worden gewijzigd.

    Objecten

    Wijzigingen aanbrengen in grafische objecten, zoals vormen, tekstvakken en besturingselementen, tenzij u de objecten ontgrendelt voordat u het grafiekblad beveiligt.

  7. Typ in het vak Wachtwoord voor het opheffen van de bladbeveiliging een wachtwoord voor het werkblad en klik op OK. Typ het wachtwoord nogmaals ter bevestiging.

    Opmerking : Het opgeven van een wachtwoord is optioneel. Als u geen wachtwoord opgeeft, kunnen gebruikers de beveiliging van het blad opheffen en de beveiligde onderdelen wijzigen. Kies een wachtwoord dat u gemakkelijk kunt onthouden. Als u het wachtwoord vergeet, hebt u namelijk geen toegang meer tot de beveiligde onderdelen in het werkblad.

Naar boven

Beveiliging van werkmaponderdelen

  1. Klik op het tabblad Controleren in de groep Wijzigingen op Werkmap beveiligen.

    Afbeelding van het lint in Excel

  2. Voer onder Werkmap beveiligen voor een van de volgende handelingen uit:

    • Als u de structuur van een werkmap wilt beveiligen, schakelt u het selectievakje Structuur in.

    • Als u werkmapvensters wilt beveiligen zodat altijd dezelfde grootte en positie worden gebruikt als de werkmap wordt geopend, schakelt u het selectievakje Vensters in.

      Meer informatie over de onderdelen die u kunt selecteren

      Opties voor werkmappen

      Dit selectievakje inschakelen

      Als deze optie is uitgeschakeld, kunnen gebruikers het volgende niet doen

      Structuur

      • Werkbladen weergeven die door u zijn verborgen.

      • Werkbladen verplaatsen, verwijderen, verbergen of een andere naam geven.

      • Nieuwe werkbladen of grafiekbladen invoegen.

        Opmerking : Gebruikers kunnen echter ingesloten grafiek aan bestaande werkbladen toevoegen.

      • Werkbladen naar een andere werkmap verplaatsen of kopiëren.

      • De brongegevens van een cel in het gegevensgebied weergeven in draaitabelrapporten of bladen met paginavelden weergeven in afzonderlijke werkbladen.

      • Overzichtsrapporten maken voor scenario's.

      • De opties in de Analysis ToolPak gebruiken om resultaten in een nieuw werkblad weer te geven.

      Vensters

      • Het formaat en de positie van de werkmapvensters wijzigen wanneer de werkmap is geopend.

      • De vensters verplaatsen, vergroten, verkleinen of sluiten.

        Opmerking : Gebruikers kunnen de vensters echter wel verbergen en weergeven.

      Opmerking : Wanneer u een macro uitvoert waarin een bewerking is opgenomen die in een beveiligde werkmap niet kan worden uitgevoerd, wordt een foutmelding weergegeven en wordt de uitvoering van de macro gestaakt.

  3. Als u wilt voorkomen dat andere gebruikers de werkmapbeveiliging opheffen, typt u een wachtwoord in het vak Wachtwoord (optioneel) en klikt u op OK. Typ het wachtwoord nogmaals ter bevestiging.

    Opmerking : Het opgeven van een wachtwoord is optioneel. Als u geen wachtwoord opgeeft, kunnen gebruikers de beveiliging van de werkmap opheffen en de beveiligde onderdelen wijzigen. Kies een wachtwoord dat u gemakkelijk kunt onthouden. Als u het wachtwoord vergeet, hebt u namelijk geen toegang meer tot de beveiligde onderdelen in de werkmap.

Naar boven

Onderdelen in een gedeelde werkmap beveiligen

  1. Als de werkmap al wordt gedeeld en u een wachtwoord wilt toewijzen om het delen van de werkmap te beveiligen, moet u het delen van de werkmap als volgt opheffen:

    1. Zorg ervoor dat alle andere gebruikers de gedeelde werkmap opslaan en sluiten, zodat hun werk niet verloren gaat.

    2. Ga als volgt te werk als u een kopie wilt bewaren van de gegevens in het wijzigingsoverzicht die verloren gaan als u het delen van de werkmap beëindigt:

      1. Klik op het tabblad Controleren, in de groep Wijzigingen, op Wijzigingen bijhouden en klik vervolgens op Wijzigingen markeren.

        Afbeelding van het lint in Excel

      2. Selecteer Alles in de lijst Wanneer.

      3. Schakel de selectievakjes Wie en Waar uit.

      4. Schakel het selectievakje Wijzigingen weergeven op een nieuw werkblad in en klik op OK.

      5. Voer een of beide van de volgende handelingen uit:

        • Als u het overzichtswerkblad wilt afdrukken, klikt u op Afdrukken Hulpmiddelen voor draaitabellen.

        • Als u het overzicht naar een andere werkmap wilt kopiëren, selecteert u de cellen die u wilt kopiëren. Klik op het tabblad Start in de groep Klembord op Kopiëren Knopafbeelding.

          Opmerking : Het is ook een goed idee om de huidige versie van de werkmap op te slaan of af te drukken omdat dit overzicht mogelijk niet van toepassing is op latere versies. Cellocaties in het gekopieerde overzicht, waaronder rijnummers, gelden bijvoorbeeld mogelijk niet meer.

    3. Klik in de gedeelde werkmap op het tabblad Controleren en klik in de groep Wijzigingen op Werkmap delen.

    4. Controleer op het tabblad Bewerken of u de enige persoon bent in de lijst De volgende gebruikers hebben deze werkmap momenteel geopend.

    5. Schakel het selectievakje Gelijktijdige bewerking door meerdere gebruikers toestaan. Hierdoor kunnen ook werkmappen worden samengevoegd uit.

      Opmerking : Als dit selectievakje niet beschikbaar is, moet u de beveiliging van de werkmap opheffen voordat u het selectievakje uitschakelt. Ga als volgt te werk:

      1. Klik op OK om het dialoogvenster Werkmap delen te sluiten.

      2. Klik op het tabblad Controleren, in de groep Wijzigingen, op Beveiliging gedeelde werkmap opheffen.

      3. Typ het wachtwoord als u daarom wordt gevraagd en klik vervolgens op OK.

      4. Klik op het tabblad Controleren, in de groep Wijzigingen, op Werkmap delen.

      5. Schakel op het tabblad Bewerken het selectievakje Gelijktijdige bewerking door meerdere gebruikers toestaan. Hierdoor kunnen ook werkmappen worden samengevoegd. uit.

    6. Klik op Ja als een bericht wordt weergegeven over de effecten voor andere gebruikers.

  2. U kunt gewenst bepaalde gebruikers toegang tot bereiken geven, werkbladen beveiligen, werkmaponderdelen beveiligen en wachtwoorden instellen voor het weergeven en bewerken.

Tip : Zie Bepaalde gebieden van een beveiligd werkblad ontgrendelen, Beveiliging van werkbladonderdelen en Werkmaponderdelen beveiligen voor meer informatie.

  1. Klik op het tabblad Controleren, in de groep Wijzigingen, op Werkmap delen.

  2. Schakel het selectievakje Delen met bijhouden van wijzigingen in.

  3. Als u wilt dat andere gebruikers een wachtwoord moeten opgeven om het wijzigingsoverzicht uit te schakelen of om het gedeeld gebruik van de werkmap op te heffen, typt u een wachtwoord in het vak Wachtwoord (optioneel) en klikt u vervolgens op OK. Typ het wachtwoord nogmaals ter bevestiging.

  4. Sla de werkmap op wanneer daarom wordt gevraagd.

Naar boven

Beveiliging van een werkblad verwijderen

  1. Klik op het tabblad Controleren, in de groep Wijzigingen, op Beveiliging blad opheffen.

    de groep wijzigingen op het tabblad controleren

    Opmerking : De optie Blad beveiligen verandert in Beveiliging blad opheffen wanneer een werkblad is beveiligd.

  2. Typ als u daarom wordt gevraagd het wachtwoord om de beveiliging van het werkblad op te heffen.

Naar boven

Was deze informatie nuttig?

Wat kan er beter?

Wat kan er beter?

Voeg ter bescherming van uw privacy geen contactgegevens aan uw feedback toe. Beoordeel onze privacybeleid.

Bedankt voor uw feedback.