Tekstnotatie van getallen converteren naar getalnotatie

Soms worden getallen in cellen onbedoeld als tekst opgemaakt en als tekst opgeslagen. Dit kan later problemen met berekeningen veroorzaken of tot een verwarrende sorteervolgorde leiden. U hebt bijvoorbeeld een getal met tekstnotatie in een cel ingevoerd of u hebt gegevens uit een externe gegevensbron geïmporteerd of gekopieerd als tekst.

Een belangrijk punt om te onthouden en controleren is dat getallen die als tekst zijn opgemaakt, links worden uitgelijnd in de cel in plaats van rechts. Als een formule waarmee een wiskundige bewerking moet worden uitgevoerd op cellen geen waarde oplevert, controleert u de uitlijning van de cellen waarnaar de formule verwijst. Het kan zijn dat bepaalde of alle cellen getallen bevatten die zijn opgemaakt als tekst.

Als getallen worden ingevoerd in cellen die zijn opgemaakt als tekst, kunt u foutcontrole gebruiken om de tekst om te zetten in getallen. Als getallen worden geïmporteerd als tekst of als zij zijn opgemaakt als tekst nadat zij zijn ingevoerd in cellen, kunt u geen gebruik maken van foutcontrole om de tekst om te zetten in getallen. U kunt in plaats daarvan echter wel een getalnotatie toepassen.

U kunt ook getallen in meerdere niet-aaneengesloten cellen of celbereiken die als tekst zijn opgemaakt snel omzetten in getallen.

Wat wilt u doen?

Foutcontrole gebruiken om getallen die zijn opgeslagen als tekst om te zetten in getallen

Een getalnotatie toepasen op getallen die zijn opgeslagen als tekst

Getallen in meerdere niet-aaneengesloten cellen of celbereiken omzetten

Foutcontrole gebruiken om getallen die zijn opgeslagen als tekst om te zetten in getallen

Als Foutcontrole is ingeschakeld, worden getallen die zijn ingevoerd in cellen die zijn opgemaakt als tekst gemarkeerd met een foutindicator Cel met een fout in de formule .

  1. Ga als volgt te werk om Foutcontrole in te schakelen:

    1. Klik op de Microsoft Office-knop en klik vervolgens op Opties voor Excel.

    2. Klik op de categorie Formules.

    3. Schakel onder Foutcontrole het selectievakje Foutcontrole op de achtergrond inschakelen in.

    4. Schakel onder Regels voor foutcontrole het selectievakje De getallen zijn opgemaakt met de tekstnotatie of worden voorafgegaan door een apostrof in.

    5. Klik op OK.

  2. Selecteer een cel of een bereik van aangrenzende cellen in het werkblad met in de linkerbovenhoek de foutindicator Cel met een fout in de formule .

    Opmerking : Alle cellen in de selectie moeten aangrenzend zijn.

    Cellen, bereiken, rijen of kolommen selecteren

    Gewenste selectie

    Werkwijze

    Eén cel

    Klik op de cel of druk op de pijltoetsen om naar de cel te gaan.

    Een reeks cellen

    Klik op de eerste cel van het bereik en sleep naar de laatste cel. U kunt ook SHIFT ingedrukt houden en op de pijltoetsen drukken om de selectie uit te breiden.

    U kunt ook de eerste cel van het bereik selecteren en vervolgens op F8 drukken om de selectie uit te breiden met de pijltoetsen. Druk nogmaals op F8 om te stoppen met het uitbreiden van de selectie.

    Een groot cellenbereik

    Klik op de eerste cel van het bereik en houd SHIFT ingedrukt terwijl u op de laatste cel van het bereik klikt. U kunt schuiven om de laatste cel zichtbaar te maken.

    Alle cellen in een werkblad

    Klik op de knop Alles selecteren.

    Knop Alles selecteren

    U kunt het hele werkblad ook selecteren door op CTRL+A te drukken.

    In een werkblad met gegevens wordt het huidige gebied geselecteerd wanneer u op CTRL+A drukt. Druk dan nogmaals op CTRL+A om het gehele werkblad te selecteren.

    Niet-aangrenzende cellen of celbereiken

    Selecteer de eerste cel of het eerste celbereik en houd CTRL ingedrukt terwijl u de andere cellen of bereiken selecteert.

    U kunt ook de eerste cel of het eerste cellenbereik selecteren en vervolgens op SHIFT+F8 drukken om een andere niet-aangrenzende cel of niet-aangrenzend bereik toe te voegen aan de selectie. Druk opnieuw op SHIFT+F8 wanneer u het het toevoegen van cellen of bereiken wilt beëindigen.

    U kunt de selectie van een cel of cellenbereik in een niet-aangrenzende selectie niet opheffen zonder de hele selectie op te heffen.

    Een hele rij of kolom

    Klik op de rij- of kolomkop.

    Koppen in een werkblad

    1. Rijkop

    2. Kolomkop

    U kunt cellen in een rij of kolom ook selecteren door de eerste cel te selecteren en vervolgens op de toets CTRL+SHIFT+PIJL te drukken (PIJL-RECHTS of PIJL-LINKS voor rijen, PIJL-OMHOOG of PIJL-OMLAAG voor kolommen).

    Als de rij of kolom gegevens bevat, selecteert u met de toets CTRL+SHIFT+PIJL de rij of kolom tot en met de laatste gebruikte cel. Als u nogmaals op de toets CTRL+SHIFT+PIJL drukt, wordt de hele rij of kolom geselecteerd.

    Aangrenzende rijen of kolommen

    Sleep over de rij- of kolomkoppen. U kunt ook de eerste rij of kolom selecteren en vervolgens SHIFT ingedrukt houden terwijl u de laatste rij of kolom selecteert.

    Niet-aangrenzende rijen of kolommen

    Klik op de kolom- of rijkop van de eerste rij of kolom van de selectie en houd vervolgens CTRL ingedrukt terwijl u op de rij- of kolomkoppen klikt van andere rijen en kolommen die u aan de selectie wilt toevoegen.

    De eerste of laatste cel in een rij of kolom

    Selecteer een cel in de rij of kolom en druk vervolgens op de toets CTRL+PIJL (PIJL-RECHTS of PIJL-LINKS voor rijen, PIJL-OMHOOG of PIJL-OMLAAG voor kolommen).

    De eerste of laatste cel in een werkblad of een tabel van Microsoft Office Excel

    Druk op CTRL+HOME om de eerste cel van het werkblad of in een Excel-lijst te selecteren.

    Druk op CTRL+END om de laatste cel van het werkblad of in een Excel-lijst te selecteren die gegevens of opmaakinformatie bevat.

    Cellen tot de laatste gebruikte cel in het werkblad (in de rechter benedenhoek).

    Selecteer de eerste cel en druk vervolgens op CTRL+SHIFT+END om de selectie van cellen uit te breiden tot de laatste gebruikte cel in het werkblad (in de rechter benedenhoek).

    Cellen tot het begin van het werkblad

    Selecteer de eerste cel en druk vervolgens op CTRL+SHIFT+HOME om de geselecteerde cellen uit te breiden tot het begin van het werkblad.

    Meer of minder cellen dan de actieve selectie

    Houd SHIFT ingedrukt terwijl u op de laatste cel klikt die u wilt opnemen in de nieuwe selectie. Het rechthoekige gebied tussen de actieve cel en de cel waarop u klikt, wordt de nieuwe selectie.

    Als u de selectie van cellen wilt annuleren, klikt u op een cel in het werkblad.

  3. Klik op de foutknop Knopafbeelding die naast de geselecteerde cel of het cellenbereik verschijnt en klik vervolgens op Converteren naar getal.

Naar boven

Een getalnotatie toepasen op getallen die zijn opgeslagen als tekst

Deze procedure kan alleen met succes worden uitgevoerd als de getallen die zijn opgeslagen als tekst geen extra spaties bevatten in en rond de getallen.

U kunt de functie SPATIES.WISSEN gebruiken om extra spaties te verwijderen uit meerdere getallen die zijn opgeslagen als tekst.

  1. Selecteer de cellen die de getallen bevatten die zijn opgeslagen als tekst.

    Cellen, bereiken, rijen of kolommen selecteren

    Gewenste selectie

    Werkwijze

    Eén cel

    Klik op de cel of druk op de pijltoetsen om naar de cel te gaan.

    Een reeks cellen

    Klik op de eerste cel van het bereik en sleep naar de laatste cel. U kunt ook SHIFT ingedrukt houden en op de pijltoetsen drukken om de selectie uit te breiden.

    U kunt ook de eerste cel van het bereik selecteren en vervolgens op F8 drukken om de selectie uit te breiden met de pijltoetsen. Druk nogmaals op F8 om te stoppen met het uitbreiden van de selectie.

    Een groot cellenbereik

    Klik op de eerste cel van het bereik en houd SHIFT ingedrukt terwijl u op de laatste cel van het bereik klikt. U kunt schuiven om de laatste cel zichtbaar te maken.

    Alle cellen in een werkblad

    Klik op de knop Alles selecteren.

    Knop Alles selecteren

    U kunt het hele werkblad ook selecteren door op CTRL+A te drukken.

    In een werkblad met gegevens wordt het huidige gebied geselecteerd wanneer u op CTRL+A drukt. Druk dan nogmaals op CTRL+A om het gehele werkblad te selecteren.

    Niet-aangrenzende cellen of celbereiken

    Selecteer de eerste cel of het eerste celbereik en houd CTRL ingedrukt terwijl u de andere cellen of bereiken selecteert.

    U kunt ook de eerste cel of het eerste cellenbereik selecteren en vervolgens op SHIFT+F8 drukken om een andere niet-aangrenzende cel of niet-aangrenzend bereik toe te voegen aan de selectie. Druk opnieuw op SHIFT+F8 wanneer u het het toevoegen van cellen of bereiken wilt beëindigen.

    U kunt de selectie van een cel of cellenbereik in een niet-aangrenzende selectie niet opheffen zonder de hele selectie op te heffen.

    Een hele rij of kolom

    Klik op de rij- of kolomkop.

    Koppen in een werkblad

    1. Rijkop

    2. Kolomkop

    U kunt cellen in een rij of kolom ook selecteren door de eerste cel te selecteren en vervolgens op de toets CTRL+SHIFT+PIJL te drukken (PIJL-RECHTS of PIJL-LINKS voor rijen, PIJL-OMHOOG of PIJL-OMLAAG voor kolommen).

    Als de rij of kolom gegevens bevat, selecteert u met de toets CTRL+SHIFT+PIJL de rij of kolom tot en met de laatste gebruikte cel. Als u nogmaals op de toets CTRL+SHIFT+PIJL drukt, wordt de hele rij of kolom geselecteerd.

    Aangrenzende rijen of kolommen

    Sleep over de rij- of kolomkoppen. U kunt ook de eerste rij of kolom selecteren en vervolgens SHIFT ingedrukt houden terwijl u de laatste rij of kolom selecteert.

    Niet-aangrenzende rijen of kolommen

    Klik op de kolom- of rijkop van de eerste rij of kolom van de selectie en houd vervolgens CTRL ingedrukt terwijl u op de rij- of kolomkoppen klikt van andere rijen en kolommen die u aan de selectie wilt toevoegen.

    De eerste of laatste cel in een rij of kolom

    Selecteer een cel in de rij of kolom en druk vervolgens op de toets CTRL+PIJL (PIJL-RECHTS of PIJL-LINKS voor rijen, PIJL-OMHOOG of PIJL-OMLAAG voor kolommen).

    De eerste of laatste cel in een werkblad of een tabel van Microsoft Office Excel

    Druk op CTRL+HOME om de eerste cel van het werkblad of in een Excel-lijst te selecteren.

    Druk op CTRL+END om de laatste cel van het werkblad of in een Excel-lijst te selecteren die gegevens of opmaakinformatie bevat.

    Cellen tot de laatste gebruikte cel in het werkblad (in de rechter benedenhoek).

    Selecteer de eerste cel en druk vervolgens op CTRL+SHIFT+END om de selectie van cellen uit te breiden tot de laatste gebruikte cel in het werkblad (in de rechter benedenhoek).

    Cellen tot het begin van het werkblad

    Selecteer de eerste cel en druk vervolgens op CTRL+SHIFT+HOME om de geselecteerde cellen uit te breiden tot het begin van het werkblad.

    Meer of minder cellen dan de actieve selectie

    Houd SHIFT ingedrukt terwijl u op de laatste cel klikt die u wilt opnemen in de nieuwe selectie. Het rechthoekige gebied tussen de actieve cel en de cel waarop u klikt, wordt de nieuwe selectie.

    Als u de selectie van cellen wilt annuleren, klikt u op een cel in het werkblad.

  2. Klik op het tabblad Start, in de groep Getal, op het startpictogram voor het dialoogvenster Knopafbeelding , naast Getal.

    Afbeelding van Excel-lint

  3. Klik in het vak Categorie op de getalopmaak die u wilt gebruiken.

Naar boven

Getallen in meerdere niet-aangrenzende cellen of cellenbereiken converteren

  1. Selecteer een lege cel en controleer of de getalnotatie Standaard is.

    De getalnotatie controleren

    • Klik op het tabblad Start, in de groep Getal, op de pijl naast het vak Getalnotatie en klik vervolgens op Algemeen.

      Afbeelding van Excel-lint

  2. Typ 1 in de cel en druk op Enter.

  3. Selecteer de cel en klik vervolgens op het tabblad Start, in de groep Klembord, op Kopiëren.

    excel-lint

    Sneltoets  U kunt ook op Ctrl+C drukken.

  4. Selecteer de niet-aangrenzende cellen of cellenbereiken die de getallen met tekstnotatie bevatten die u wilt converteren.

    Cellen, bereiken, rijen of kolommen selecteren

    Gewenste selectie

    Werkwijze

    Eén cel

    Klik op de cel of druk op de pijltoetsen om naar de cel te gaan.

    Een reeks cellen

    Klik op de eerste cel van het bereik en sleep naar de laatste cel. U kunt ook SHIFT ingedrukt houden en op de pijltoetsen drukken om de selectie uit te breiden.

    U kunt ook de eerste cel van het bereik selecteren en vervolgens op F8 drukken om de selectie uit te breiden met de pijltoetsen. Druk nogmaals op F8 om te stoppen met het uitbreiden van de selectie.

    Een groot cellenbereik

    Klik op de eerste cel van het bereik en houd SHIFT ingedrukt terwijl u op de laatste cel van het bereik klikt. U kunt schuiven om de laatste cel zichtbaar te maken.

    Alle cellen in een werkblad

    Klik op de knop Alles selecteren.

    Knop Alles selecteren

    U kunt het hele werkblad ook selecteren door op CTRL+A te drukken.

    In een werkblad met gegevens wordt het huidige gebied geselecteerd wanneer u op CTRL+A drukt. Druk dan nogmaals op CTRL+A om het gehele werkblad te selecteren.

    Niet-aangrenzende cellen of celbereiken

    Selecteer de eerste cel of het eerste celbereik en houd CTRL ingedrukt terwijl u de andere cellen of bereiken selecteert.

    U kunt ook de eerste cel of het eerste cellenbereik selecteren en vervolgens op SHIFT+F8 drukken om een andere niet-aangrenzende cel of niet-aangrenzend bereik toe te voegen aan de selectie. Druk opnieuw op SHIFT+F8 wanneer u het het toevoegen van cellen of bereiken wilt beëindigen.

    U kunt de selectie van een cel of cellenbereik in een niet-aangrenzende selectie niet opheffen zonder de hele selectie op te heffen.

    Een hele rij of kolom

    Klik op de rij- of kolomkop.

    Koppen in een werkblad

    1. Rijkop

    2. Kolomkop

    U kunt cellen in een rij of kolom ook selecteren door de eerste cel te selecteren en vervolgens op de toets CTRL+SHIFT+PIJL te drukken (PIJL-RECHTS of PIJL-LINKS voor rijen, PIJL-OMHOOG of PIJL-OMLAAG voor kolommen).

    Als de rij of kolom gegevens bevat, selecteert u met de toets CTRL+SHIFT+PIJL de rij of kolom tot en met de laatste gebruikte cel. Als u nogmaals op de toets CTRL+SHIFT+PIJL drukt, wordt de hele rij of kolom geselecteerd.

    Aangrenzende rijen of kolommen

    Sleep over de rij- of kolomkoppen. U kunt ook de eerste rij of kolom selecteren en vervolgens SHIFT ingedrukt houden terwijl u de laatste rij of kolom selecteert.

    Niet-aangrenzende rijen of kolommen

    Klik op de kolom- of rijkop van de eerste rij of kolom van de selectie en houd vervolgens CTRL ingedrukt terwijl u op de rij- of kolomkoppen klikt van andere rijen en kolommen die u aan de selectie wilt toevoegen.

    De eerste of laatste cel in een rij of kolom

    Selecteer een cel in de rij of kolom en druk vervolgens op de toets CTRL+PIJL (PIJL-RECHTS of PIJL-LINKS voor rijen, PIJL-OMHOOG of PIJL-OMLAAG voor kolommen).

    De eerste of laatste cel in een werkblad of een tabel van Microsoft Office Excel

    Druk op CTRL+HOME om de eerste cel van het werkblad of in een Excel-lijst te selecteren.

    Druk op CTRL+END om de laatste cel van het werkblad of in een Excel-lijst te selecteren die gegevens of opmaakinformatie bevat.

    Cellen tot de laatste gebruikte cel in het werkblad (in de rechter benedenhoek).

    Selecteer de eerste cel en druk vervolgens op CTRL+SHIFT+END om de selectie van cellen uit te breiden tot de laatste gebruikte cel in het werkblad (in de rechter benedenhoek).

    Cellen tot het begin van het werkblad

    Selecteer de eerste cel en druk vervolgens op CTRL+SHIFT+HOME om de geselecteerde cellen uit te breiden tot het begin van het werkblad.

    Meer of minder cellen dan de actieve selectie

    Houd SHIFT ingedrukt terwijl u op de laatste cel klikt die u wilt opnemen in de nieuwe selectie. Het rechthoekige gebied tussen de actieve cel en de cel waarop u klikt, wordt de nieuwe selectie.

    Als u de selectie van cellen wilt annuleren, klikt u op een cel in het werkblad.

  5. Klik op het tabblad Start, in de groep Klembord, op de pijl onder Plakkenen klik vervolgens op Plakken speciaal.

  6. Selecteer Vermenigvuldigen onder Bewerking en klik vervolgens op OK.

  7. Als u na conversie van alle getallen de inhoud van de cel uit stap 2 wilt verwijderen, selecteert u die cel en drukt u op DELETE.

Opmerking : In sommige boekhoudprogramma's wordt rechts naast negatieve waarden een minteken () weergegeven. Als u de tekst naar een waarde wilt omzetten, moet u een formule gebruiken om alle tekens van de tekst, behalve het uiterst rechtse teken (het minteken) te retourneren en vervolgens het resultaat vermenigvuldigen met –1.

Als de waarde in cel A2 bijvoorbeeld 156– is, wordt de tekst met de volgende formule geconverteerd naar de waarde –156.

Gegevens

Formule

156-

=LINKS(A2;LENGTE(A2)-1)*-1

Naar boven

Was deze informatie nuttig?

Wat kan er beter?

Wat kan er beter?

Voeg ter bescherming van uw privacy geen contactgegevens aan uw feedback toe. Beoordeel onze privacybeleid.

Bedankt voor uw feedback.